Oui, oui, très jolie. Maar veel meer Frans spreken we niet, het was niet ons sterkste vak op school. We kijken naar de wijziging van de receptuur voor het maken van een goede stadsauto en hoe Renault dat in de loop der jaren aanpakte. En ja, we hadden ook de huidige Twingo ernaast kunnen zetten. Dan was de kop Twingo vs Twingo geweest, mooier inderdaad. Maar de Zoe is hét nieuwe stadautootje dat het Renault van nu belichaamt. Of zoiets. En we hadden even geen nieuwe Twingo tot onze beschikking. Nou en.

Een leuke, frisse naam is een vast onderdeel van het recept. In 1992 gingen swing en tango de blender in en voilà: Twingo. Schattig. Tot 2007 in Europa gebouwd, daarna nog tot 2012 in Zuid-Amerika: in totaal gingen er 2,6 miljoen Twingootjes van de eerste generatie over de toonbank. Nog even over 2012: dat is ook het jaar dat de Zoe op de markt kwam. Raar hè? De nieuwe naam was dit keer geen mix van hippe dingen, maar vonden ze waarschijnlijk in het boekje Beste babynamen 2011 uit de bijlage van de Franse Ouders van nu.

Leuk. Maar wat maakte die Twingo zo populair?

Nou, het ontwerp. Toen ie in 1992 op de Salon van Parijs werd gepresenteerd, was ie vrij radicaal. Hij was ook geïnspireerd op de Espace van toen, je weet wel, die enorme MPV van Renault, die als doel had zoveel mogelijk ruimte te bieden voor de inzittenden. Vandaar de naam Espace, wat Frans is voor…

Ja ja, ga verder…

In de Twingo passen dus vier volwassenen. Sterker: een van z’n unieke eigenschappen was z’n verschuifbare achterbank. Naar achter voor twee Françaises en naar voren om plek in de kofferklep te hebben voor een paar dozen vin rouge. De voorstoelen kon je helemaal platleggen, de achterbank ook, en dan had je een tweepersoonsbed. Handig bij een kater van die wijn, of als je met twee Fra…

Hou op.

Binnenin was ie heel tof en simpel van opzet, met felle kleurtjes en aparte vormen. Met van dat lekkere jaren-negentig plastic. Het exemplaar dat we hier hebben, heeft van die giftig groene knopjes en bekleding met een psychedelische print. De elektrische ramen waren een optie en hij rijdt best lekker met z’n 1,2-liter viercilinder en vijfbak, want hij weegt maar 800 kilo. Geen toerenteller, geen stuurbekrachtiging, maar daardoor weegt ie ook niks en is ie makkelijk te rijden. Ook in het huidige verkeer. Je krijgt alleen spierballen als je moet parkeren.

Oké, en is de Zoe ook zoiets smakelijks?

Anders. Niet dat ie niet leuk is hoor – we vonden de Zoe de beste elektrische stads-hatch in 2019 – maar hij is meer van deze tijd. Smoelt gladder, rijdt best dynamisch en je haalt er bijna 400 kilometer op stroom mee, wat de concurrentie in dit segment ver overtreft.

Lief voor het milieu dus. Waar zit dan het addertje onder het gras?

Nou, in gezelschap van de Twingo is de Zoe wel erg serieus, met z’n moderne en agressievere neus. Binnenin is het heel functioneel maar best saai, al zit ie goed in elkaar. Om eerlijk te zijn, is ie behoorlijk tegengesteld aan de Twingo. Je kunt niet eens de stoelen platleggen voor een tukje. Misschien dat iemand Renault toch even het oude recept van stadsautootjes terug kan geven?

Reacties

  • TG heeft op 21 december 2020 geschreven:

    De Twingo heeft de meest bedroevende look dankzij de gekozen model koplampen.
    Jarenlang de boodschappen car van de vrouw geweest.

    • JB heeft op 22 december 2020 geschreven:

      Twingy
      I love her

      Reageer
    Reageer

Geef een reactie

(verplicht)