De M van winnaar
 
BMW 1-serie M Coupé: een klein, krachtig M-Sport-vechtersbaasje. Precies goed.
 
Jeremy Clarkson vindt de BMW 1-serie M een van de beste auto’s waarin hij ooit heeft gereden. En zeker de beste auto waarin hij dit jaar heeft gereden. En dat is – zeker voor Jeremy – meestal meteen het einde van een discussie. Maar achter de 1M schuilt een veel mooiere truc dan alleen dat mannetjesputterige uiterlijk: hij spreekt mensen aan. Hij staat aan de ietwat betaalbaarder kant van de prijslijst van heel snelle auto’s, en heeft vier zitplaatsen en een achterbak. Hij opereert op het terrein van de forens, je kunt ‘m elke dag gebruiken.
 
En toch geeft ie je de opwinding van een supercar. De harde cijfers zijn indrukwekkend te noemen: 340 pk en 500 Nm aan koppel, en dat laatste is al beschikbaar vanaf 1.500 tpm dankzij de slim werkende dubbele turbo’s die bovenop een schitterende 3,0-liter, zescilinder benzinemotor liggen. Er valt geen gat in je toeren, en dat is even indrukwekkend als z’n spurt.
 
Toegegeven: dit is geen klassieke, theatrale M-motor – de turbo’s smoren het gehuil van de zescilinder een beetje – maar het betekent wel dat de 1M moeiteloos te rijden valt op constante, verbazingwekkende snelheden. Je hoeft ‘m niet uit te wringen om ‘m te laten presteren. Omdat de twee turbo’s heel verschillende toerengebieden beslaan (de kleine doet het onderste gebied, de dikke doet het bovenin), heeft de 1M zogezegd erg brede schouders, en geeft ie je het gevoel dat ie altijd klaar voor je is.
 
Dat impliceert dat z’n tijd van 0 naar 100 km/u (4,9 seconden) best goed is, maar dat is niet het beste aan deze auto. Wat je echt moet voelen, is hoe ie nog steeds accelereert in het middengebied van de toeren, daar is deze motor op z’n best.
 
Derde versnelling, recht stuk, voet op het gas. Dat is het beste aan de 1M. En dan moet je echt even opletten en je concentreren. Want ondanks dat de 1M is uitgerust met het E90 M3’s limited-slipdifferentieel, en een grotere wielbreedte dan de reguliere 1-serie, zal ie gaan dansen en trekken wanneer de turbo’s al dat vermogen naar de achterwielen sturen. Hij is heus wel goed uitgebalanceerd, maar hij is niet echt heel beschaafd – en zo zien wij dat graag.
 
BMW heeft niet al te hard geprobeerd om de 1M te temmen, en heeft niet echt moeite gedaan om ‘m voor de dagelijkse rit naar en van je werk zo gerieflijk mogelijk te maken, en dus heeft BMW niet al te veel compromissen gesloten. Als ie koud is, houdt de zesbak er bijvoorbeeld bepaald niet van als je wat slordig schakelt, dan pakt ie de versnellingen wat moeilijker – om precies te zijn moet je de pook er echt inleggen, en voorzichtig koppelen. Dat herinnert je eraan dat je hier niet van doen hebt met een alledaags doetje. Dit is een vechtersbaas, alleen heeft ie z’n vuisten in fluweel gewikkeld.
 
Nee, waar het bij deze auto om gaat is plezier. De 1M is plezier, en bereikbaar plezier bovendien. Dat ie ook nog tamelijk praktisch is, maakt ‘m een van de meest complete en begeerde auto’s die op dit moment op de wereld te koop is. En dat betekent dat, bij wijze van uitzondering, Jeremy Clarkson het nou eens bij het rechte eind had.
 
 
Advertentie

Reacties

Meer

Meer van TopGear

Advertentie