Uitgelicht: 24 uur van de Nürburgring

Met Hemelvaart raakte TopGear in hoger sferen in het Duitse Eifelgebergte, omringd door motorgeronk, oliegeur en barbecuewalmen.
 
Lange-afstandsraces vormen een verwarrend schouwspel. Talloze verschillende klassen rijden tussen elkaar door in een wedstrijd die de helft van de tijd niets meer is dan een lampjesparade, met auto’s die worden bestuurd door mensen van wie je nog nooit gehoord hebt. Bij de bekendste 24-uursrace – die van Le Mans – stonden dit jaar 165 coureurs met 55 auto’s aan de start op een circuit van ruim dertien kilometer. Probeer dan maar eens bij te houden wie wanneer waar rijdt.
 
Het kan allemaal nog veel extremer. Wat dacht je van vier keer zoveel auto’s op een twee keer zo lang circuit? Gekkenwerk, hopeloos, niet te volgen? Klopt, en toch vindt er elk voorjaar zo’n evenement plaats op de Nürburgring. Al sinds 1970 wordt daar de grootste lange-afstandsrace ter wereld verreden, met dit jaar bijna 200 deelnemende auto’s. Het circuit bestaat uit de welbekende Nordschleife, bijgenaamd de Groene Hel, plus de Grand Prix-baan. Voor de gelegenheid zijn die twee aan elkaar geregen om een megatraject van 25,7 kilometer te vormen. We hebben het dan over asfalt van doorgaans slechts acht meter breed, dat zich door 170 bochten wringt en een hoeveelheid hoogteverschillen beslaat waar je niet goed van wordt.
 
De merken van Pon, dat in Nederland onder andere Volkswagen, Audi en Porsche importeert, zijn goed vertegenwoordigd bij de 24 uur van de Nürburgring. Om die reden reizen ze het betreffende weekeinde af naar de Eifel, en wij liften met ze mee. Niet alleen om met z’n allen het bestaan van dit mooie evenement uitbundig te vieren met bier en Bratwurst, maar ook om meer te weten te komen over een aantal bijzondere auto’s waarmee ze deelnemen. De drie Volkswagen Scirocco’s bijvoorbeeld, die op biogas rijden, en de enige auto van het veld die wordt geholpen door elektromotoren: de Porsche 911 GT3 R Hybrid.
 
De Porsche wordt in het diepe gegooid; het is pas z’n derde race, maar het team van Manthey heeft het volste vertrouwen in de techniek. De term ‘hybride’ wordt bij deze auto teruggebracht naar wat het oorspronkelijk betekent: twee verschillende aandrijvingen. Er komen geen accupakketten aan te pas. Remenergie wordt door de auto opgeslagen in een generator die op de plek van de bijrijderstoel met 40.000 toeren per minuut staat te draaien. Wanneer de coureur aan een hendel links van het stuur trekt, wordt er een boost naar twee elektromotoren gestuurd, die dan kortstondig een vermogen van 120 kW op de voorwielen loslaten. Het hele systeem weegt zo’n 140 kilo en komt vooral van pas bij het uitaccelereren van de langzamere bochten. Natuurlijk zorgt het er ook voor dat de benzinemotor ontlast wordt, wat weer goed is voor een lager verbruik. Per tank komt de GT3 R Hybrid één tot twee ronden verder dan de vele andere 911’s die meerijden; dat kan in een race van deze lengte het verschil maken.
 
In één van die andere Porsches rijden de Nederlanders Tom Coronel en Duncan Huisman, beide Nordschleife-veteranen. Hun GT3 Cup-auto wordt ingezet door het team van Lammertink Racing en draagt de kleuren van Toyo, een Japanse bandenfabrikant die in Europa meer rubber aan de grond wil krijgen. Een 24-uursrace als deze is een uitgelezen mogelijkheid voor zo’n sponsor om zich te bewijzen, al was het maar omdat de meeste andere raceklassen al vaste bandenleveranciers hebben.
 
Het team van Volkswagen Motorsport heeft 1.600 kilo biogas meegenomen om hun drie Scirocco’s 24 uur lang te voeden. De auto’s maken gebruik van de bekende 2.0 TSI-motor met een paar aanpassingen; hij lust geen benzine meer, maar levert wel 330 pk.

‘We kunnen ons zo voorstellen dat er minstens zoveel crashes tussen mensen met bandenkarretjes plaatsvinden als tussen de deelnemers op de baan’

 
Daarbij stoot ie 80 procent minder CO2 uit dan een vergelijkbare benzinemotor; damit die grüne Hölle grün bleibt, zegt Volkswagen. Bovendien hangt er nu een geweldig uitlaatsysteem achter, waarmee de Scirocco’s tot de best klinkende auto’s van het veld behoren. Volgens Volkswagen is dat met opzet gedaan, om te laten horen dat racen met een andere brandstof wel degelijk spectaculair kan zijn. Van alle turbodiesels die tegenwoordig in verschillende raceklassen langs komen rochelen, worden we immers niet warm.
 
Audi verschijnt met zeven exemplaren van de R8 LMS aan de start. Drie daarvan worden ingezet door Phoenix Racing uit Meuspath, net naast de Ring, met aan het stuur onder andere DTM-kampioenen Hans-Joachim Stuck en Frank Biela. Maar de lichtgewicht V10-supercars zijn niet de enige Audi’s die we op de grid tegenkomen; naast een aantal TT’s en RS4’s zien we ook een A8 W12 van het eerste model, en diens voorganger, een Audi V8. Niet bepaald voor de hand liggende auto’s om mee te racen, maar niemand zal ontkennen dat ze geschikt zijn om lange afstanden mee af te leggen, moet het team van Derichs Rennwagen gedacht hebben.
 
De race begint zaterdagmiddag om drie uur. De start maken we, heel decadent, mee vanuit een van de hospitality-ruimtes langs het rechte stuk op het Grand Prix-circuit. Al snel besluiten we ons echter in de drukte te mengen. We dalen af naar de pits, die zijn volgestampt met verschillende teams tegelijk omdat er simpelweg niet genoeg boxen zijn om ieder een eigen ruimte te geven. Dat kan lastig zijn; zo gebeurde het tijdens de trainingen nog wel eens dat team A klaar was om de baan op te gaan, maar moest wachten op team B omdat hun auto de uitgang van de pitbox blokkeerde. Al is het hier vlak na de start relatief rustig, we willen niet weten hoe het er halverwege de race zal uitzien. We kunnen ons zo voorstellen dat er minstens zoveel crashes tussen mensen met hoofdtelefoons en bandenkarretjes zullen plaatsvinden als tussen de deelnemers op de baan.
 
Al snel zetten we koers naar Schwedenkreuz, een lichte bocht naar links waar het circuit bergaf loopt. Dit is het snelste gedeelte van de Nordschleife, waar de rappere deelnemers ons met meer dan 250 km/u voorbijrazen. Niet ver voorbij onze uitkijkpost moeten ze op de rem voor Aremberg, een rechtse bocht van ruim 90 graden. Maar voor ze daar zijn, maken ze eerst een sprongetje over een lichte bult die het circuit hier vertoont. Het is één van plaatsen op de Ring waar je gelanceerd wordt, en al is deze vrij bescheiden, door de hoge snelheid komen de snelste auto’s hier toch meerdere meters los van de grond. Vooral bij de 911’s en auto’s met een middenmotor is dit goed te zien, aangezien hun lichtere neus een fractie verder omhoogkomt dan die van de rest.
 
Naast de snelheid maakt vooral het schaamteloze geluid van sommige auto’s indruk. We noemden al de Scirocco’s, die vooral hard en zwaar klinken, maar ook de Lexus LF-A mag er zijn. Het karakteristieke gejank van deze auto is hoog en schel, van een compleet andere aard dan de rest van de bolides. De TopGear-prijs voor het meest oorverdovende, angstaanjagende kippenvelgeluid van de race gaat echter naar de BMW Z4 GT, die aan zijn V8-motor zo te horen helemaal geen uitlaat heeft hangen.
 
De avond valt, de koplampen gaan aan en wij begeven ons naar Schwalbenschwanz, goed Duits voor ‘zwanenhals’; een serie linkse bochten waarin tevens de Mini-Karussell huist. (De grote Karussell, een kombocht van 180 graden met een hellingshoek van 45 graden, vinden we iets te ver lopen.) In de uitstulping die het circuit hier vormt, bevindt zich een grote camping, waar we overheen moeten om bij de baan te komen.
 
Dat er veel toeschouwers op de 24 uur van de Nürburgring afkwamen, dat wisten we. Maar wat we hier zien, is niet te geloven. Hele volksstammen zijn afgereisd met tenten en caravans en hebben hun eigen paviljoens gecreëerd, compleet met muziek, voedsel en zithoeken. Sommige zijn afgezet met houten hekjes vol met spandoeken. Vlaggen van deelnemende automerken zijn gehesen, alsof er stukken grond mee zijn geclaimd. In één tent ontwaren we zelfs een heuse strippaal met bijpassende verlichting. Iedereen lacht en drinkt, terwijl overal barbecues staan te roken die het hele schouwspel in een blauwe mist hullen. Nu begrijpen we wat Tom Coronel bedoelde toen hij beweerde dat hij, op verschillende plaatsen op het circuit, vanuit zijn auto kan ruiken wat voor vlees er op het rooster ligt.

‘Op snelheid staat elke Ringkilometer gelijk aan achttien “normale” kilometers wat betreft slijtage (zo zegt men); voor de auto’s, maar ook voor de coureurs’

 
De camping heeft veel weg van een enorm muziekfestival, of zelfs de Oranjecamping bij het WK in Zuid-Afrika. Mensen lopen rond met schmink, rare kleding en veel bier. Nu en dan bedenken ze zich dat ze hier eigenlijk zijn om naar een race te kijken, waarop ze naar het dichtstbijzijnde stuk Nordschleife lopen om vanachter de hekken te schreeuwen naar de passerende auto’s. Daar kijkt een Lederhosen-dragende marshall toe, terwijl hij grijnzend nog een hap van zijn curryworst neemt. De sfeer is magistraal.
 
Heel wat biertjes later hebben de barbecues plaatsgemaakt voor vuurkorven, die de gehele camping in een oranje gloed hullen. Even verderop speelt een coverband op een geïmproviseerd podium. Op het circuit blijven de koplampen langs flitsen, de motoren doorblèren. We vernemen dat de auto van Coronel en Huisman vlak voor middernacht is uitgevallen met versnellingsbakproblemen, en dat de hybride 911 al een tijdlang aan de leiding rijdt. Verschillende Audi’s R8 volgen op de voet. Alle drie de Scirocco’s gaan als een trein.
 
We zijn een stel verwende watjes, want terwijl hier ’s nachts het feest doorgaat, besluiten we toch terug te keren naar ons hotel om een paar uurtjes slaap te pakken. De race is immers nog niet op de helft.
 
Als we de volgende ochtend rond tien uur weer ter plaatse zijn, worden we wederom verbaasd: de halve camping is in alle vroegte alweer vertrokken. We geven ze geen ongelijk – als 230.000 toeschouwers allemaal vlak na de finish huiswaarts zouden keren, zou de hele Eifel een week later nog vaststaan – maar het is moeilijk voor te stellen dat de horden feestgangers van gisternacht allemaal zo vroeg hun biezen hebben gepakt. We houden het maar op Duitse efficiëntie.
 
Nog moeilijker voor te stellen is het feit dat de auto’s die hier hun rondjes rijden, dat de hele nacht non-stop hebben gedaan. De Nürburgring is een sloper, een meedogenloze tegenstander die je afstompt en murw beukt. Op snelheid staat elke Ringkilometer gelijk aan achttien ‘normale’ kilometers wat betreft slijtage (zo zegt men), voor de auto’s, maar evenzeer voor de coureurs die tijdens deze marteling geen steek mogen laten vallen. Ook niet als het donker is en ze de baan slechts in een felle lichtkegel voor hun neus zien. Al word je laatste, als je deze race uitrijdt, als je deze uitputtingsslag doorstaat, heb je altijd gewonnen.
 
De Porsche-fanaten op de Ring, en dat zijn er nogal wat, krijgen een paar uur voor het einde van de race een klap te verwerken. De 911 GT3 R Hybrid, die het grootste gedeelte van de race vooraan reed en zelfs acht uur lang het veld aanvoerde, valt uit met motorproblemen. Met de verbrandingsmotor, welteverstaan; het hybride-systeem heeft de test doorstaan, en dat was uiteindelijk toch het belangrijkste. We gokken dat het slechts een kwestie van tijd is voor andere fabrikanten met een soortgelijk idee komen. Remenergie hergebruiken is immers nergens effectiever dan in de racerij.
 
Wanneer de vlag ‘s middags om drie uur valt, is het de BMW M3 GT2 met startnummer 25 die er als eerste onderdoor rijdt. De auto, met aan het stuur onder andere Jörg Müller en Pedro Lamy, heeft dan 154 ronden voltooid, wat gelijk staat aan ruim 3.900 kilometer (maal achttien, dus). Tweede wordt de enige Ferrari van het veld, een F430 GTC, terwijl de Audi R8 LMS van Phoenix Racing met nummer 97 de derde plaats pakt. De snelste Porsche 911 wordt zesde. De Scirocco’s rijden allemaal de race uit en eindigen in het algemeen klassement op plaats 16, 51 en 72. Ook de twee oude Audi zakensedans hebben het volgehouden; ze worden 102e (A8 W12) en 104e (V8), op 43 ronden achterstand van de winnaar. In totaal finishen 123 van de 196 auto’s.
 
Terwijl we in de file terugsukkelen richting Autobahn, zwijmelen we weg. De Nürburgring is een magische plek, een onovertroffen circuit in een schitterende streek waar iedereen olie drinkt en benzinedampen ademt. Eén keer per jaar bereikt de magie een hoogtepunt, en dat hebben we zojuist meegemaakt. Als bij een geweldig feest dat je niet wilt missen, prikken we ‘m alvast op onze kalender: volgend jaar weer.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken