Uitgelicht: Racen in Audi’s

Denk niet dat je niet zomaar een circuit op kunt om te leren racen. Dat kan namelijk wel, in een auto waarmee iedereen heel hard kan. De Audi RS4. Op het circuit van Barcelona.
 
Je zou kunnen denken dat werken bij Top Gear niet veel meer voorstelt dan heel veel rijden, vaak zo hard mogelijk, met allerhande leuke auto’s om daar vervolgens een aardig verhaaltje bij te schrijven. Welnu, dat klopt. Je kunt daarbij veronderstellen dat niemand bij ons dan nog warm loopt voor een paar dagen circuit in iets anders dan een Porsche, Ferrari of Aston Martin. Maar dat klopt niet. Audi’s uitnodiging om op het Circuit de Catalunya in Barcelona met een RS4 ‘rijles’ te krijgen, wordt bij ons met groot enthousiasme ontvangen. Sterker, er is nét niet om gevochten.
 
We kennen Audi’s supersedan – we kunnen beter zeggen: één van Audi’s supersedans want de S6 en de S8 zijn dat zeker ook – al best goed; we zijn er vorig jaar mee naar Le Mans geweest en we hebben er een in ons duurtestpark. Maar met de RS4 het circuit op is van een heel andere orde. Want alleen op een circuit is het mogelijk de capaciteiten van die auto écht goed te beoordelen. En uit te testen.
 
Een opfrisser voor je geheugen: de RS4 is Audi’s vermonsterde A4 met een 420 pk sterke V8, permanente vierwielaandrijving en te koop voor dik 105.000 euro. Alleen BMW’s huidige M3 en Mercedes’ C-klasse 55 AMG komen enigszins in de buurt van Audi’s monster, zij het dat beide concurrenten het met twee cilinders minder doen, aanzienlijk minder pk’s hebben, slechts twee wielen aandrijven en voor minder dan een ton de jouwe kunnen zijn. Wij veronderstellen op basis van deze gegevens dat de Audi daarmee het makkelijkst én het snelst over een circuit te jagen is, iets wat we nog niet geprobeerd hebben, maar bij de introductie van de nieuwe M3 (met achtcilinder motor) zeker gaan proberen.
 
‘Also’, zegt Oliver, de strenge Duitse instructeur die de spits afbijt met een introductie in een vergaderzaaltje op het circuit, ‘de tractiecontrole mag onder geen enkele voorwaarde worden uitgeschakeld, elke schade aan de auto als gevolg van het uitzetten van die Knopf is voor eigen rekening.’ Het wordt de groep cursisten direct duidelijk gemaakt dat het doel van de training is om de RS4 zódanig te leren kennen, dat je er zo hard als mogelijk mee over het circuit van Catalunya kunt rijden, maar dan wel mét enkele veiligheidsaspecten om bestuurder en auto heel te houden.
Niet alleen Oliver is Duits, het hele instructieteam is Duits. En de organisatie is op z’n Duits. Een beetje aan het stuur hangen om een pirouette te maken, levert een klare vermaning op. Een koppeling om zeep helpen na een verschakeling van twee naar drie in een bocht op vier kilometer van Olie levert in de pits ongeveer het volgende op: ‘Ik hoorde je in z’n twee die en die bocht ingaan terwijl de instructie was om dat in z’n drie te doen, vervolgens zat je zo hoog in de toeren dat je te snel en te laat en notabene in de bocht wilde doorschakelen naar drie en nu is de koppeling kaputt.’ Hij zegt er nog net niet achteraan dat ik een eikel ben. Maar zijn blik verraadt alles.
 
Olie heeft gelijk, ik ben een eikel. En omdat Olie wel gewend is met eigenwijze eikels te moeten omgaan, is Olie streng. Voor onze eigen bestwil dragen we een helm, mag als eerder gezegd de tractiecontrole op straffe van persoonlijk faillissement niet uit, mogen we hem in z’n S8 niet inhalen bij de oefeningen – geloof ons, de verleiding is zeer groot – en hangt er een walkietalkie aan het dashboard zodat Olie en trawanten heel hard de auto in kunnen schreeuwen wat ik nu weer verkeerd doe. ‘Du gehts viel zu schnell mister Top Gear!!!’, blèrt Olie door de walkietalkie, waarna ik van schrik zo hard rem dat de twee meter brede jaren ’70 Ray-Ban van mijn bijrijder bijna de voorruit aantikt.
 
De RS4 is ook zo godsgruwelijk snel, is zo kinderlijk eenvoudig te besturen en remt zo idioot goed dat ik écht denk dat ik het ronderecord op Catalunya van Giancarlo Fisichella (1:15:641 op 8 mei 2005) kan evenaren. Mocht je het niet weten, Fisichella reed die snelste ronde op het ruim 4,5 kilometer lange circuit in een Renault Formule 1-auto. Ik rijd hier in een opgevoerde Audi met dikke spatborden, een grinnikende Esquire-collega naast me waarvan de Ray-Ban maar niet van z’n neus wil en een terecht schreeuwende Duitser in mijn oren. Olie meldt me desgevraagd – we zitten inmiddels in een restaurant aan grote glazen bier waardoor de gebeurtenissen van die dag enigszins vlak gespoeld worden en Olie een hele schappelijk vent blijkt te zijn – dat hij in 2 minuten en 8 seconden het circuit schat rond te kunnen in de RS4. Ik word de volgende dag onofficieel geklokt op 2 minuut 20, precies in een ronde waarin ik me weer eens verrem en zeker een seconde of vier verlies. Ik wil hierover niet tevreden zijn.
 
De manier waarop Audi je over het circuit leert rijden is grondig en maakt dat je dat na afloop niet alleen beheerst in een RS4. In elke willekeurige andere auto kun je het net zo op het scherp van de snede. Het circuit wordt de eerste dag in drie delen gesplitst waardoor er drie groepen cursisten op elk van de delen wordt losgelaten om dat ene deel te leren kennen. Na de eerste dag heb je alle drie de delen tot op elke grindkorrel vanachter het stuur bestudeerd en weet je dus precies waar je hoe en hoe hard je moet rijden. Vervolgens plak je de drie delen in je hoofd aan elkaar, en rijdt de hele groep achter de instructeur, dus in zijn tempo, het gehele circuit over. Los van het feit dat Olie je persoonlijk de strot afbijt als je een poging zou ondernemen, is het niet mogelijk om hem in zijn S8 voorbij te gaan. Ook in hem komt het jochie naar boven dus rijdt hij bij vlagen zó hard voor ons uit dat hem bijhouden niet eens mogelijk is. Dat leert mij het volgende: Olie kan harder in een S8 dan ik in een RS4 – dat valt me toch wat tegen van mezelf en ik ben geneigd de RS4 daarvan de schuld te geven. Ik zou ook kunnen erkennen dat Olie stomweg veel beter kan rijden dan ik, maar dat wil ik niet.
 
De tweede dag, na een nacht evalueren in elke geopende bar in Barcelonetta – pas op voor zakkenrollers, zo ondervond iemand in mijn gezelschap onlangs nog –, kun je het gehele circuit nog steeds dromen en wordt de hele dag gewijd aan het in één keer beslechten van het hele circuit. Nu zonder dat Olie voorop je ego aan gort rijdt in z’n S8. Inhalen van medecursisten mag ook al niet, voorstelbaar gezien het risico op schade, maar de groep wordt in tweeën opgedeeld zodat er twee groepen ontstaan van ‘rijders die meer bij elkaar passen’. De sloompies en de haantjes worden gescheiden en met een dusdanige tussenpoze op het circuit losgelaten dat je niet hoeft in te halen omdat er niemand meer valt in te halen. Daarvoor zijn de onderlinge verschillen in snelheid te gering. Twintig seconden op je voorganger maak je niet goed op 4,5 kilometer in exact dezelfde auto. Ook al ben ik een haantje en probeer ik een sloompie in het vizier te krijgen.
 
Het moet gezegd: mijn rijcapaciteiten zijn in twee dagen Catalunya aanzienlijk verbeterd. De drill die de instructeurs me meegeven werkt dusdanig goed dat ik het gevoel heb de RS4 tot het uiterste over het circuit te kunnen sturen. Na talloze ronden krijg ik het voor elkaar om precies op de juiste snelheid bochten door te jagen zonder dat de RS4 over z’n voorwielen naar buiten dreigt te glijden, en zonder dat de banden het uitgillen. Voeg daaraan toe op het perfecte punt vóór de bocht aanremmen, naar het meest optimale punt ergens halverwege de bocht insturen en precies op het juiste moment volgas geven uit de bocht en je rijdt zo hard als mogelijk is het circuit over. Het is niet alleen een heerlijk gevoel waardoor je ’s avonds nog licht in de benen bent én spierpijn in je duimen hebt, het is ook uitermate bevredigend dat je zelf echt ervaart hoe het verschil is om met koude of warme banden, afgekoelde of hete remmen en fris of met een lichte kater achter het stuur te zitten, ondertussen trachtend zo hard mogelijk rond te gaan.
 
De invloed van Olie en z’n vrienden is nog sterker dan ik dacht, de meegegeven drill zit nu, enkele maanden later, nog steeds in m’n hoofd. En ik ben bang dat die er niet meer uit gaat. Ik stuur in Nederlandse woonwijken nog immer zo in, als Olie voordeed. Ik schat bochten nu nog beter in voor m’n eigen voorwielaangedreven auto. Ik corrigeer nu nog beter – ‘Open je stuur mister Top Gear!’ – als de graskant te dichtbij komt. Ik heb daadwerkelijk beter leren rijden. Hardrijden. Het is eigenlijk heel eenvoudig. Met de juiste instructie. Iedereen kan het.
 
Ook zo’n unieke cursus volgen?
 
Ook dit jaar organiseert Audi diverse rijtrainingen met onder andere de RS4 en TT’s. Kijk op www.audidrivingexperience.nl voor meer informatie. Je kunt je via de site ook automatisch laten informeren over data, auto’s en prijzen. Digibeten kunnen 033 – 433 5241 bellen voor meer informatie. Een prijsindicatie? Pakweg een halve 13e maand…

Fotografie: Audi Nederland / Raymond de Haan

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken