Cabriostrijders: Bentley, BMW, Fiat

Echte kerels van nu zijn anders. Wat jij nodig hebt is een cabrio. We leggen uit waarom.

‘Alles wat uitgevonden kan worden, ís uitgevonden.’ Aldus beweerde, zo wil de overlevering, Charles Holland Duell, van 1898 tot 1901 hoofd van het Amerikaanse patent- en octrooibureau. In werkelijkheid heeft Charles Holland Duell nooit zoiets gezegd, omdat hij a) de baas was van het Amerikaanse patentbureau, en b) niet dom was. De geschiedenis van de technologische vooruitgang is echter rijk aan persoonlijke meningen die, achteraf bezien, een tikkeltje mal klinken. In 1909 verklaarde het wetenschappelijke tijdschrift Scientific American dat ‘de auto praktisch niet verder ontwikkeld kan worden’. En de New York Times stelde in 1939 over een heel ander onderwerp met veel aplomb: ‘televisie zal nooit een serieuze concurrent voor radio worden, omdat mensen ervoor moeten gaan zitten en er hun ogen de hele tijd op gericht houden.’

We kunnen minachtend snuiven over deze dommige, simpele zielen uit lang vervlogen tijden, over die bekrompenheid ten aanzien van de niet te stuiten vooruitgang van de wetenschap. Maar jij, TopGear-lezer, staat op het punt om net zo’n reactionaire ziel te worden die zijn kop in het zand steekt voor de meedogenloze opmars van de technologie, een fossiel dat wordt uitgelachen door toekomstige generaties.

Want jij hebt de drie cabrio’s op deze foto’s bekeken en gedacht: nou, schitterend, maar ze zijn een beetje truttig? Dat heb je vast gedacht. En: ‘ik ben een enthousiaste automobilist die vurig gelooft in de kunst van heel-and-toe en het scherp van de snede. Dus geef mij maar een fatsoenlijke coupé-schuine­streep-hatchback. En kom nou maar met die halters, want het is tijd voor een work-out.’

Ja, het is waar, in een ver verleden waren cabrio’s slappe, afschuwelijk halfslachtige technologische monsters die, als ze een bocht in het vizier kregen, in een stuip schoten, waarna je jezelf even later ergens in een aardappelveld terugvond met de achteras in je nek. Die tijden zijn voorbij. De technologie is vooruit gegaan. De auto’s zijn minder flodderig geworden. Of je het nou leuk vindt of niet, cabrio’s bieden – met een paar uitzonderingen – alles wat de gemiddelde coupé en hatchback ook heeft, met als extra dat het dak naar beneden kan op het moment je daar zin in hebt. Het zijn geen rijdende compromissen. Het is twee voor de prijs van één. Een koopje.

Als je nu afkeurend zit te brommen boven je proteïne-shake, dan graaf je alleen maar je eigen graf. Vandaag de dag zou de vraag niet moeten zijn: waarom zou je een cabrio kopen? De vraag is: waarom zou je géén cabrio kopen?

Voorbeeld ter illustratie: de Fiat 500C, een cabrio die zo subtiel is dat menigeen met het dak omhoog niet eens zou merken dat het géén gewone 500 is. Als je het dak ‘omlaag’ doet, blijft het dakframe van de 500 op zijn plaats, en het zeil plooit als een gordijn naar achteren. Het is een mechanisme dat werd overgenomen door de Citroën DS3 Cabrio en het zorgt ervoor dat er geen substantiële concessies worden gedaan wat betreft de algehele stevigheid of de mannelijkheid.


Sterker nog, hij is heel wat mannelijker dan de dichte 500, omdat je met het dak naar achteren rechtop achter het stuur kunt gaan staan en met je hoofd boven de voorruit uit voort kunt hobbelen, terwijl je als een tankbestuurder langs de loop van het kanon naar het slagveld vóór je kunt kijken. Met het kleine verschil dan dat je, in plaats van door vijandelijk vuur, wordt bestookt door rondvliegende insecten. Er is niets dat zo overtuigend ‘yeah, wat ben ik een kerel’ zegt als een wesp in je neusgat.

Nadelen ten opzichte van de gewone 500? Ik ben verbijsterd. Je hebt niet minder kofferruimte, hij is net zo sprankelend, en de de tweecilinder TwinAir-motor pruttelt net wat opgewekter. Goed, als het dak helemaal neer is geklapt, heb je praktisch geen zicht naar achteren. Maar hé, waarom zou je eigenlijk ook moeten zien wat er achter je ligt? Leef niet in het verleden.

Akkoord, de 500C is niet echt de meest testosteron-opzwepende auto. Maar wees eerlijk, dat is de gewone 500 ook niet. Als je hebt besloten dat je een Italiaans stadsautootje met uitpuilende ogen in je leven wilt laten, dan ga je toch al niet voor stoerheid ten top, of je nu voor een hatchback of een cabrio kiest. Omdat je geen wufte fair-trade cupcake-verkoper bent, heb je misschien liever de stoere, uitbundige BMW 435i, met z’n stoere, uitbundige zescilinder-in-lijn en achterwielaandrijving. Die motor, met de standaard zesbak, is een van de meest grootse op deze planeet, een motor die nét een tikkeltje grootser is gemaakt door het verwijderen van de metalen afscheiding tussen de bestuurder en het hemelse geluid van dat verrukkelijke 3,0-liter turbo-zestal.

'Als je met je open Continental over Spa zou jakkeren dan zou je het verschil in rijgedrag met de coupé opmerken, maar er zijn welgeteld nul personen die met hun Continental GTC over Spa hebben gejakkerd'

Toch moet ik toegeven dat de BMW van dit trio cabrio’s degene is waarvoor het moeilijk te beweren is dat er geen concessies zijn gedaan. Omdat de 4-serie zich voorstaat op een opvouwbare hardtop in plaats van een dak van zeildoek is er toch één klein compromis gedaan: de inhoud van de kofferruimte. Hij staat zich gelukkig niet voor op het dikke-kontprofiel van de hardtop-cabrio’s van een paar jaar geleden, maar als het dak is weggeklapt, zou je de kofferbak van de 4-serie met recht kunnen omschrijven als een boetiek. Maar er zijn ook genoeg nauwe openingen tussen de plooien van het dak om brieven, kranten en aangifteformulieren in op te bergen.

Dit is nog altijd een 4-serie. Je koopt geen 4-serie om twee volwassenen, een stel kinderen en al hun bagage naar het zuiden van Frankrijk te transporteren. Daar zijn de 3-serie Touring en GT voor, of de X3 en X4. Je schaft een 4-serie aan om twee personen te vervoeren, en af en toe ook wat andere spullen (bagage, kinderen, wat dan ook), en zo bezien is de 4 Cabrio nauwelijks minder praktisch dan de 4 Coupé. En trouwens, de inzittenden op de achterbank hebben in ieder geval genoeg hoofdruimte als het dak naar beneden geklapt is.

Minder subtiel, onhandiger dan de 435i met vast dak? Door de microscoop bezien misschien wel. Maar groot is het verschil niet: volgens BMW is de 4-serie Cabrio 80 procent stijver dan de oude 3-serie Cabrio. En om je nu zorgen te maken vanwege een homeopathisch klein verschil in het rijgedrag, dat gaat, ben ik bang, voorbij aan waar een 4-serie, of ieder ander modern sedan-coupé-ding, in de praktijk voor gebruikt wordt. Ik ben me er terdege van bewust dat TopGear een sterk merk is geworden door sexy foto’s van zinderend bochtenwerk en het bedenken van eindeloos veel synoniemen voor ‘gierend overstuur’, maar zelfs een achterwielaangedreven, 306 pk sterke 435i zal dat in het dagelijks leven nooit doen, toch?


In het dagelijks leven brengen de 435i – snel en praktisch als ie is – en zijn soortgenoten hun dagen door met het op en neer rijden over autowegen en tweebaanswegen, en geparkeerd staan bij kantoren en supermarkten en scholen en, heel af en toe, een lekker ontspannen stukje binnenweg. Voor die taak is de 4-serie Cabrio bijna net zo geschikt als de coupé. Als het zonnetje schijnt – en zelfs in onze streken is het waarschijnlijker dat het mooi weer is dan dat je opeens een verlaten circuit met een muurtje banden in de bochten tegenkomt – kun je het dak in de kofferruimte laten verdwijnen en genieten van de onbezorgde vrijheid. En de mestgeur van het platteland.

Want bij autorijden gaat het, voor wie geen F1-coureur is, meer om sensatie dan om prestatie. Een cabriolet geeft – hoewel je misschien moeite hebt met z’n donkere gedempte tonen – je zintuigen meer input dan een coupé of hatchback ooit zouden kunnen: meer lawaai, meer gesuis, meer geur. Emoties, geen berekening.

De Bentley Continental GT V8 S Convertible biedt emoties die het summum zijn als het om auto’s gaat. De Continental is een grandioze, waanzinnige, sensationele auto, en in de cabrio-uitvoering is ie alleen nog maar grandiozer, waanzinniger en sensationeler. Als je iets van bijna vijf meter, 2,4 ton en met een overdaad aan chroom als de Bentley koopt, waarom zou je dan níét de cabrio nemen? Echt, als je iemand bent die op de gewone weg verschil in rijgedrag merkt tussen een Continental Coupé en een Continental Cabrio, dan ben je niet iemand met wie ik even mee naar het café zou willen rijden. Als je met je Continental over het circuit van Spa zou jakkeren dan zou je ontdekken dat de softtop in de bochten iets minder secuur is dan de coupé, maar er zijn welgeteld nul personen die met hun Continental GTC over Spa hebben gejakkerd.

Wat lever je in door voor de cabrio te kiezen? Fluisterend gesloten-dak-raffinement? Niets daarvan. Het is waar, nog niet zo lang geleden was er geen snellere manier om de kalme rust van een flitsende, hermetisch afgesloten GT naar de knoppen te helpen dan met een canvas-dak, want de tegen hoge kosten verkregen stilte in de cabine werd vervangen door het gejammer van de wind die door alle hoeken en gaten heen kwam. Dat is niet meer zo. Bij hoge snelheden dringt er nauwelijks een decibel van de buitenwereld door tot de cabine van de Continental GTC. Als je geluid wilt, laat het dak van de Bentley dan statig zakken en wentel je vervolgens in het heerlijke Saving Private Ryan-salvo van die enorme, daverende V8. Waarom zou je jezelf beschermen tegen lawaai dat zo zalig gewelddadig is?

Als je nog steeds bang bent dat een cabrio ten koste gaat van je mannelijkheid, dan is het tijd dat je de zaken onder ogen ziet. We leven in het tweede decennium van de 21ste eeuw. Een echte vent zijn, betekent – of je nu een man of een vrouw bent – niet meer dat je op berenjacht moet en zwaar behaard moet zijn.

Wie koppig blijft denken dat een cabrio op een of andere manier tuttiger en vrouwelijker is dan een coupé of een hatchback, is blijven hangen in de jaren negentig, gekleed in z’n Global Hypercolor t-shirt en zwaaiend met een glo-stick. De tijdens zijn veranderd. De auto is niet uitontwikkeld. Alles wat uitgevonden kan worden, is nog niet uitgevonden. Dat had Charles Holland Duell je kunnen vertellen.

Specificaties

Ambitieus

BMW 435i Cabrio
Motor: 2.979 cc, zescilinder turbo, 306 pk, 400 Nm
Aandrijving: achterwielen, 8v automaat
Prestaties: 0-100 km/u in 5,5 s, top 250 km/u
Verbruik/milieu: 7,5 l/100 km, 180 g/km CO2
Prijs: € 68.534 (NL) / € 57.950 (BE)


Bereikbaar

Fiat 500C TwinAir Turbo
Motor: 875 cc, tweecilinder turbo, 80 pk, 145 Nm
Aandrijving: voorwielen, 5v handbak
Prestaties: 0-100 km/u in 11,0 s, top 173 km/u
Verbruik/milieu: 3,8 l/100 km, 88 g/km CO2
Prijs: € 18.495 (NL) / € 19.090 (BE)


Droom

Bentley Continental GT V8 S Convertible
Motor: 3.993 cc, V8 biturbo, 528 pk, 680 Nm
Aandrijving: vier wielen, 8v automaat
Prestaties: 0-100 km/u in 4,7 s, top 308 km/u
Verbruik/milieu: 10,9 l/100 km, 254 g/km CO2
Prijs: € 246.544 (NL) / € 190.575 (BE)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken