Autotest: Cadillac CTS-V (handgeschakeld)

Zet je vooroordelen over Amerikaanse auto’s even aan de kant voor dit brute monster. De CTS-V is een geweldenaar van jewelste.
 
De Cadillac CTS-V heeft een rondje Nürburgring binnen acht minuten gefikst, een recordtijd voor een sedan uit serieproductie. Wie het met eigen ogen wil zien, moet bij YouTube maar eens ‘CTS-V’ in de zoekregel intoetsen, het filmpje staat online.
 
Een van de redenen voor deze overwinning is ongetwijfeld dat de topsnelheid hoger ligt dan die van zijn concurrenten. De Duitse supersedans zijn allemaal braaf begrensd op 250 km/u. Met z’n top van dik 300 km/u blaast de CTS-V ze dus voorbij op het rechte stuk. Denk je: maar in de bochten gaat hij onderuit? Lees dan vooral nog even verder.
 
De CTS-V is een kanon. De geblazen motor is gebaseerd op het blok van de Corvette ZR-1. Dit all American big block moet de Audi RS6 onttronen en de M5 en de AMG-versie van de E-klasse en CLS vermorzelen. 560 pk en een acceleratie van 0-100 km/u in 3,9 rokende seconden moeten het ‘m doen. Hoewel hij van het formaatje M5 is, ligt zijn prijs dichter in de buurt bij die van de M3. Dat hij na vier jaar net zoveel opbrengt als een gedeukte 316i doet even niet ter zake.
 
Vanbinnen is hij goed bedeeld. Het dashboard is on-Amerikaans goed vormgegeven en afgewerkt, al moet hij op de beide punten de Duitsers toch voor laten. De handbak is wat hakerig, maar nog altijd beter dan de automaat. Die reageert erg traag op de commando’s die met de flippers worden doorgegeven.
 
De 19-inch banden zorgen ervoor dat je optimaal kunt genieten van de karrenvrachten koppel die de gretige V8 voor je in petto heeft. Ik had eerst het idee dat hij niet zo sterk was als op papier werd aangekondigd, maar de reden daarvan is dat de kracht eigenlijk altijd voorhanden is. Niks geen pieken of dalen, nee, een koppelkromme zo vlak als een polderlandschap. Maar dan wel op de hoogte van de K2.
 
De stuurinrichting zou iets directer mogen zijn bij het insturen van de bochten. Zodra je de CTS-V van katoen geeft, is het weggedrag vlekkeloos. Hij verliest zijn grip heel gedoseerd zodat je nog voldoende tijd hebt om alle mogelijkheden om te corrigeren in overweging te nemen. De stabiliteitscontrole grijpt, afhankelijk welk van de drie programma’s je gekozen hebt, adequaat in; de remmen doen hun werk goed. De steun die de geweldige stoelen geven, wekken extra vertrouwen.
 
Op de snelweg ontpopt de CTS-V zich als een comfortabele reisauto. De elektromagnetische dempers zijn gecombineerd met relatief soepele vering, de stijve kooiconstructie bant bewegingen van de carrosserie uit. Dit prima compromis in de afstelling van het onderstel, comfort versus wegligging, laat zien dat de CTS-V niet alleen op papier, maar ook in de praktijk uitgedacht is.
 
Dan het bittere lot van de CTS-V: geen hond in Europa zal ‘m kopen. Ondanks de relatief lage prijs van 112.000 euro en de vette specificaties die de Nederlandse versies meekrijgen. Ten opzichte van zijn thuismarkt krijgt de Europese variant namelijk ondermeer een differentieelkoeler, een met suède bekleed Recaro-interieur en een navigatiesysteem standaard meegeleverd. Nou ja, de CTS-V is vooral een uithangbord voor de kennis die moederbedrijf GM in huis heeft. Jammer hoor, want hij verdient beter.

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken