Dacia Duster Tce 125 4x2 Stop & Start Prestige

Minder cult, meer auto. De nieuwe Dacia Duster kruipt met zijn design meer tegen Renault aan. En de rest?

Dacia Duster 2018
Dacia Duster 2018
Dacia Duster 2018
Dacia Duster achterlicht
Dacia Duster dakdrager dakrek
Dacia Duster interieur
Dacia Duster 2018
Dacia Duster 2018
Dacia Duster 2018
Dacia Duster achterlicht
Dacia Duster dakdrager dakrek
Dacia Duster interieur
14
20
Specificaties

Specificaties Dacia Duster Tce 125 4x2 Stop & Start Prestige test en specificatie

Motor

1.197 cc

viercilinder turbo

123 pk @ 5.300 tpm

205 Nm @ 2.000 tpm

Aandrijving

voorwielen

6v handbak

Prestaties

0-100 km/u in 10,4 s

top 177 km/u

Verbruik (gemiddeld)

6,1 l/100 km

138 g/km CO2 (D-label)

Afmetingen

4.341 x 1.804 x 1.693 mm (l x b x h)

2.674 mm (wielbasis)

1.275 kg

50 l (benzine)

478 / 1623 l (bagage)

Prijzen

€ 22.180 (NL)

n.n.b. (B)

VONNIS

Misschien iets minder cultachtig, maar daarom wel iets volwassener. Helaas niet meer de absolute prijsknaller die het ooit was, maar desalniettemin een uitstekende deal

We staan voor het stoplicht met de Dacia Duster in ons hoofd te puzzelen of er überhaupt enige logica te ontdekken is in het Griekse verkeer. ‘Gewoon doen wat goed voelt, de verkeersregels zijn een richtlijn’, is onze conclusie. Naast ons komt een wat oudere 5-serie aangereden; het raampje gaat omlaag. Hij roept iets in het Grieks. We kijken hem wat vragend aan en hij roept in het Engels: ‘That is very nice car, very cool!’. We bedanken de man met een van de twee Griekse woorden (de andere kunnen we hier niet noemen) die we kennen: ‘Efcharisto!’ en als het licht op groen springt rijdt de 5-serie weg. Wij niet: een Griek voor ons besluit de rijstrook als parkeerplek te gebruiken. Kan gewoon.

Ook een Dacia kan een coole auto zijn..

De vriendelijke Griekse meneer heeft gelijk: de Dacia Duster ís een coole auto. Best vreemd, eigenlijk. Coole én goedkope auto’s zijn al sinds de Volkswagen Kever zeer schaars. Kijk maar naar Daewoo. Of Lada, toen ze hier nog nieuw verkocht werden.

Een groot deel van zijn positieve imago dankt de vorige generatie Duster zonder twijfel aan zijn koddige uiterlijk: de SUV ziet er wat gedrongen uit en de neus was lekker eigenzinnig door de meer naar het midden geplaatste koplampen. Op de een of andere manier deed ie ons altijd denken aan een buggy die NASA op de maan zou gebruiken.

De nieuwe Dacia Duster vs andere SUV’s

De nieuwe stofhapper van Dacia doet er goed aan erg herkenbaar als Duster te blijven. De ontwerpers plaatste de eigenzinnige koplampen meer naar buiten om de auto een breder voorkomen te geven. Hierdoor oogt de auto volwassener en kruipt hij qua uiterlijk meer naar alle andere SUV’s toe. Het misstaat hem allerminst, maar hij levert eigenzinnigheid in. Achterop monteert Dacia een stuk sjiekere lichtunits die lichtelijk geïnspireerd lijken op die van de Jeep Renegade. Alle wijzigingen verbloemen uitstekend dat het hier gaat om een budgetauto. Hij valt niet uit de toon naast andere C-segmenters. Sterker nog: we vinden hem zelfs leuker ogen dan vele concurrenten, alleen het cult-ige nam wat af, helaas.

Hij is goed afgewerkt, in ieder geval beter dan de vorige Duster

Afwerkingsfetisjisten renden gillend naar hun mama als ze het interieur van de vorige Duster zagen. Het plastic was hard genoeg om het schild van een Marvel-actieheld van te bouwen en de wereld mee te redden. En nu? Met het plastic zou je eventueel nog een hamerslag van Thor kunnen wegketsen, maar de afwerking is een stuk beter. Drie mooie ronde knoppen met het display in het midden laten je de verwarming instellen en monteerde Dacia iets wat ze trots ‘pianotoetsen’ noemen. De rest van het interieur is vierkant en robuust. Ook de drang om knoppen te verwijderen (wat veel andere merken ook doen) sloeg hier toe: er is geen fysieke knop om te switchen tussen navigatie en de radio. Je moet dus altijd op het scherm op de thuisknop drukken en daarna naar het volgende menu. Het scheelt ongetwijfeld een hoop geld, want die knopjes hoeven niet meer geproduceerd te worden, maar het scheelt niet qua handelingen. In ruil daarvoor geeft Dacia wel meer geluidsdemping. De herrie moet zelfs gehalveerd zijn. Opnieuw, want bij de facelift van de vorige Duster deed Dacia hetzelfde. Het aantal decibels zou dus nu op één kwart van de eerste generatie moeten zitten. En lekker stil is ie.

Dacia denkt aan lange mensen

De zitting van de stoel is 20 centimeter langer en het stuur is nu beter verstelbaar. Een perfecte zit is het bij lange na niet voor lange personen, helaas. Het is altijd nog de keuze tussen gestrekte armen of je knieën stoten tegen de deurgrepen. En het is ook nog steeds heen en weer schuiven op de stoelen bij wat bochtwerk.

En dat bochtenwerk blijft ongecompliceerd vermaak. De nieuwe elektronische snelheidsafhankelijke stuurbekrachting zorgt voor een licht stuurgedrag en de Duster weegt ook maar 1.275 kilo. Een bochtenverslinder is hij niet, maar dat wil ie ook niet zijn. Wat het het niet minder leuk maakt om het lichte ding een bochtje om te werpen. Bij normaal weggedrag is de Duster comfortabel genoeg en op onverhard terrein (zandwegen met steentjes) voel je de oneffenheden duidelijk, maar je vullingen blijven gewoon op hun plek zitten. De Dacia Duster is alleen wat gevoelig voor vibraties van ruw wegdek. Dit zie je heel goed terug in de krakkemikkige (de kosten moeten ergens bespaard worden) zonneklep, die je elke keer een tikje omhoog mag duwen. Je merkt het budgetkarakter verder nog aan kleine dingen, zoals een deur die je hard moet dichtrekken; anders sluit ie niet. Kleine dingen, dus.

Een aardig potje offroaden lukt de Duster prima, zeker de vierwielaangedreven versie waarin we een klein stukje mochten rijden. Hulpjes als een camera in de neus, een hellingshoekmonitor en een aanrijhoek van 33 graden helpen je daarbij.

Altijd maar die BPM…

Je kunt geen Dacia-artikel schrijven zonder de prijs te behandelen. Ondanks alle toevoegingen en verbeteringen kost de Duster slechts 300 euro meer dan het uitgaande model. De allesvernietigende prijsvechter die het ooit was, is het dankzij de BPM niet meer. De instapversie kost nu 19.280 euro (was ooit 13.990 euro). Ongeveer net zo duur als een kleinere Renault Captur, dus. Een C-segmenter voor het geld van een B-segmenter, noemt Dacia het. Goedkoop, maar niet schokkend goedkoop, dus. In Roemenië (waar ie in elkaar gedraaid wordt) is het net even anders. Daar kost ie slechts 12.350 euro. En voor die prijs, klopt het hele plaatje. Maar voor de prijzen aan deze kant van Europa, zou je nog kunnen overwegen een stukje door te sparen voor een minder leuk uitziende, maar beter rijdende SUV.

Nieuwste van TopGear

Autonieuws