Autotest: Hyundai i10 1.1 i-Catcher

Menuwijziging bij Hyundai: de Atos is van de kaart en de i10, het nieuwste hapje uit Zuid-Korea, neemt zijn plaats in. Smakelijk eten?
 
Wat staat er precies nieuw op de kaart bij Hyundai? Welnu, de opvolger van de Atos – en dus een zogenaamd compacte auto. De i10 is met zijn lengte van 3,56 meter niet langer dan de Atos, maar hij is wel 7 centimeter breder geworden. Dat wordt weer passen en meten in de parkeervakken. We moeten wel zeggen dat de i10 aanzienlijk beter smoelt dan de auto die hij moet doen vergeten, maar echt moeilijk moet dat niet zijn geweest voor de ontwerpers van Kia. Eh, Hyundai. Kia heeft feitelijk wel een hand gehad in de ontwikkeling van de i10 – niet wat betreft ontwerp natuurlijk – want de nieuwkomer is gebaseerd op het onderstel van de Picanto en zelfs het relatief ruime interieur vertoont enige gelijkenis met de Kia.
 
Onder de motorkap beschikt de i10 over een 1,1-liter benzinemotor (juist ja, van de Picanto) met een vermogen van 66 pk en een koppel van 99 Nm. Geen schokkende cijfers, maar voor een auto in deze klasse ruim voldoende. Schakelen doe je met een handgeschakelde vijfbak of niet met een viertraps automaat. Knap is dat Hyundai binnen de zelf opgelegde CO2-eis van 120 g/km heeft weten te blijven: de i10 heeft een gemiddelde CO2-emissie van 119 g/km, aanzienlijk schoner dan de Atos. Van het brandstofverbruik van 1 op 20 worden we eveneens vrolijk. Vooruitgang!
 
Ook qua weggedrag is er vooruitgang geboekt, want de i10 rijdt over het algemeen zoals je van een kleine stadsauto mag verwachten. Er is één ding dat we niet hadden verwacht: de harde vering. Die is naar onze smaak toch iets te straf voor een auto zonder enige sportieve aspiraties. Verder rijdt de i10 prima, zeker als je ‘m vergelijkt met zijn voorganger – die niet echt een dynamisch wonder was.
 
Waar het voor veel Nederlanders om draait bij de aanschaf van een kleine auto, is de rijke standaarduitrusting en niet het fantastische weggedrag. Dus vragen wij ons af waarom de goedkoopste uitvoering van de nieuwe i10 behoorlijk is uitgekleed. Zeg nu zelf; een auto met standaard slechts één airbag, geen ruitenwisser op de achterruit, zónder centrale vergrendeling of toerentellertje, met gitzwarte kunststof bumpers en ouderwetse raamslingers in plaats van elektrische bediening mag het predikaat compleet toch niet dragen? De 500 euro duurdere ActiveVersion (8.495 euro) zit al beter in de spullen – die heeft bijna al die accessoires wel aan boord, op de ruitenwisser na. Je moet er dus wel degelijk aardig wat euro’s tegenaan gooien wil je in een complete i10 rijden.
 
Tot slot nog moeten we nog even kwijt dat we het gouden Hyundai-logo op de contactsleutel wel een tikkie ordi vinden. Als we toch bezig zijn: waarom moest Hyundai de naam van de auto veranderen in de nietszeggende typeaanduiding i10? Er is toch niets mis met de naam Atos? Maar goed, wen er maar aan, want Hyundai zal de letter i (voor, zucht, innovatief, intelligent en inspirerend) in combinatie met een getal voor alle toekomstige nieuwe modellen blijven gebruiken.

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken