Klassiekers als investering

Altijd gehoopt dat de vaas bij oma op zolder een echte Ming is? Of dat het versierde ei dat je kocht op de rommelmarkt door Fabergé is gemaakt? Kijk liever in je garage.

Voor iemand die drummer was in een van de bestverkopende bands in de geschiedenis, is Nick Mason zeer onderhoudend. En hij zit vol anekdotes. Maar genoeg over Pink Floyd, we gaan het over auto’s hebben. Dat is waar hij echt vol van is. Nicks beroemdste aankoop deed hij in de jaren zeventig, toen hij een paar centen spendeerde aan een Ferrari 250 GTO. Hij betaalde er ongeveer 30.000 Engelse ponden voor. Dat was toen een hoop geld en het was maar liefst 24.000 pond meer dan de auto een decennium daarvoor kostte. ‘Iedereen dacht dat ik er niets van snapte en de conclusies werden al snel getrokken. Hoe kon ik nou in hemelsnaam meer dan de nieuwprijs betalen voor een auto? Het werd gezien als bizar gedrag’, herinnert Mason zich met een flauwe glimlach.
Het bleek dat het kopen van de GTO waarschijnlijk de op een na beste beslissing was die hij nam, na het oppakken van de drumstokjes. Eerder dit jaar verkocht John Hunt, oprichter van Foxstons Estate Agency, zijn GTO voor 20,1 miljoen pond (circa 27 miljoen euro). Hij kocht de auto voor 15,7 miljoen pond in 2008. Yep: 4,4 miljoen pond (bijna 5,4 miljoen euro) winst in vier jaar aan iets wat in wezen niets anders is dan een oude, tweedehands auto. Leuk gedaan. Dat is Nick niet van plan, zegt hij. Volgens kenners heeft hij vorig jaar een bod gehad van 25 miljoen pond voor de auto.
‘De zeldzaamheid van de GTO is een element’, zegt Nick. ‘Maar ook was de balans tussen chassis, remmen en motor van deze Ferrari precies goed. Het is een auto die z’n bestuurder er goed uit doet komen, maar de waarde is echt alleen iets waar anderen mee bezig zijn, niet ik. Ik heb liever de auto dan een huis.’
De koopkoorts beperkt zich niet tot Ferrari’s. Ook Aston Martins, Bentleys, BMW’s, Jaguars, Mercedessen, musclecars en, vreemd genoeg, enkele verroeste oude barrels brengen op veilingen en bij particuliere verkopen ieder jaar meer geld op. De prijzen in sommige sectoren zijn met 20 procent gestegen in 2011, tegenover 10 procent voor de goudprijs. Feit is dat, tenzij je vroeg in (en uit) Facebook bent gestapt, het de laatste jaren nogal tam is geweest op de aandelenmarkt en weinigen zijn de afgelopen jaren uit eten geweest van de rendementen op hun beleggingen.
Vandaar dat in deze moeilijke tijden investeerders op zoek zijn gegaan naar ‘tastbaarheden’. Hoe minder er daarvan zijn, hoe beter. Het beste voorbeeld is uiteraard de kunstwereld. Neem De schreeuw, een kunstwerk van Edvard Munch, dat werd verkocht in mei voor 120 miljoen dollar, de 104,2 miljoen dollar voor Picasso’s Boy with a Pipe of de 137,5 miljoen dollar die in 2006 werd betaald voor Willem de Koonings Woman III. Cézanne’s De kaartspelers schijnt vorig jaar zelfs verkocht te zijn voor 250 miljoen dollar. Hoewel de prijzen voor klassieke auto’s nog niet zulke stratosferische hoogten bereiken, worden bij iedere veiling nieuwe recordprijzen genoteerd.

Enkelen zullen het wellicht gehoord hebben: in 2008 betaalde Chris Evans 6,4 miljoen dollar voor een Ferrari 250 California Spider, die eigendom was van acteur James Coburn. Daarmee veroorzaakte hij veel rumoer. ‘Ik kan het niet uitleggen aan mensen die het niet begrijpen’, vertelde hij een paar maanden later. ‘Want ik kan niet begrijpen wat zij niet begrijpen. Deze auto’s zijn kunst en wanneer je wegloopt van een auto als deze, wordt ie gekocht door iemand anders en die zal ‘m nooit aan jou verkopen, dus je krijgt zo’n kans maar een keer. Op een bepaald punt in je leven moet je ophouden met het kopen van dingen die je je wel kunt veroorloven. Je moet de dingen kopen die je je niet kunt veroorloven.’
Chris Evans hield woord en verkocht later in 2010 een handvol van zijn beroemde witte Ferrari’s (en een groene) om de aanschaf te financieren van een 250 GTO, Serie II, uit 1964. Chris kennende zal hij waarschijnlijk niet rusten voordat er een Serie I-GTO in zijn garage staat.
‘Wat maakt de ene auto tot een waardevollere investering dan de andere? Het is een cocktail van elementen: zeldzaamheid, begeerlijkheid, kwaliteit en originaliteit’
Bij Gooding & Company’s Pebble Beach-veiling werd in augustus 2012 een Ferrari 250 Testa Rossa uit 1957 verkocht voor de recordprijs van 16,4 miljoen dollar – 13 miljoen euro. Het ging hierbij om een 290 MM met een body van Scaglietti met het beroemde ‘platoon’ plaatwerk. Eigenlijk dus een prototype TR. Maar de auto ging ook in vlammen op. Niet eenmaal, maar tweemaal, en vervolgens werd ie opgebouwd tot concoursstaat. ‘TR’s zijn 40 procent zeldzamer dan GTO’s en wonnen Le Mans consequent’, aldus David Gooding na afloop. ‘Dit was de auto waarmee de reputatie van Ferrari definitief werd gevestigd. Investeerders kijken in toenemende mate naar dit soort Ferrari’s als een alternatief voor traditionele investeringen als kunst.’ Geen grap.
RM Auctions heeft de afgelopen jaren al aardig wat supersterren afgeleverd, waaronder de beide auto’s van Chris Evans. Er werd afgelopen zomer ook een nieuw precedent geschapen toen een Porsche 911 die ooit had toebehoord aan Steve McQueen (en die te zien was in de eerste twee minuten van de film Le Mans) voor 1,2 miljoen dollar werd verkocht tijdens de veiling op Monterey. Er wordt gefluisterd dat die auto op dit moment in Duitsland gerestaureerd wordt, voor nog eens een paar miljoen. Eerder dit jaar werd nog een Ferrari 625 TRC Spider verkocht voor bijna 5 miljoen euro, nadat er verwoed werd geboden tijdens het Monaco Historic Weekend; veel meer dan van tevoren werd verwacht. Peter Walman van RM heeft een paar theorieën over waarom de klassiekerwereld wordt bedolven onder een enorme geldstroom. ‘Het is een volwassen markt, nu. Dit in tegenstelling tot de late tachtiger jaren’, aldus Wallman. ‘Toen was het iets relatief nieuws en kort daarvoor zelfs een enorme nichemarkt. Anno 2012 zijn er veel meer evenementen waar eigenaren terecht kunnen – Goodwood, Pebble Beach, Villa d’Este – en dan hebben we het niet over door mannen gedomineerde meetings op modderige velden. De restauratiestandaarden zijn hoger en de hele arena is compleet transparant geworden.’
Wallman is het ermee eens dat de turbulentie in de wereldwijde financiële wereld een zeker effect heeft gehad. ‘Tussen 2003 en 2008 zagen we de waarden verdubbelen, verdrievoudigen, soms zelfs verviervoudigen. Eerlijk gezegd vroegen we ons allemaal af hoe lang deze stijgingen konden doorgaan. De crisis heeft voor stabilisatie gezorgd, maar de prijzen voor de mooie auto’s zijn niet ingezakt. Integendeel. Klanten, en het is inmiddels een cliché geworden, begonnen zich af te vragen: wat ga ik dan met mijn geld doen?’ Inderdaad. Want met een aandeel in een bedrijf kun je niet je favoriete weg af rijden.

Maar wat maakt de ene auto tot een waardevollere investering dan de andere? Wallman noemt een cocktail van elementen: zeldzaamheid, begeerlijkheid, kwaliteit en originaliteit. Net als Tobias Meyer, de wereldberoemde veilingmeester, weten deze jongens dat het verkopen van een auto in belangrijke mate te maken heeft met entertainment en drama. ‘Het is belangrijk om dingen op de markt te brengen met een element van verrassing’, aldus Wallman. ‘De 625 TRC, bijvoorbeeld, is jarenlang uit de kijker geweest en was een van slechts twee auto’s ooit gemaakt. De auto was 30 jaar bij dezelfde eigenaar geweest en er was een hoop opwinding over. Dat gezegd hebbende, had het natuurlijk geen zin om ‘m na 18 maanden weer op de markt te brengen en te hopen op een rendement van 20 procent. Mijn advies aan de nieuwe eigenaar zou zijn: geniet ervan. Het investeringspotentieel van klassieke auto’s moet van toegevoegde waarde zijn, maar niet de principale reden om er een te kopen’, besluit hij zijn betoog.
Desondanks moet het een geruststellende gedachte zijn om te weten dat je rollende investering hoogstwaarschijnlijk alleen maar meer waard wordt. Tot voor kort was er echter geen echt mechanisme om de waarde van klassieke topstukken te bepalen. Dat bracht petrolhead en voormalig financier Dietrich Hatlapa ertoe om Historic Automobile Group International op te zetten; een onderzoeksbureau en denktank die traditionele aandelenmarkt-technologie gebruikt om de waarde van topklassiekers te berekenen. Het resultaat is de HAGI Top Index, een soort AEX voor auto’s.
‘Je kunt op dit moment niet op de weg rijden met een klassieke auto in China, maar wanneer de wetgeving verandert, zouden de Chinezen best eens klassiekers kunnen gaan inslaan’
‘Het is verslavend om te kijken hoe je auto het doet in de handel’, zegt Hatlapa. ‘Sommigen maakt het niets uit hoe de waarde van hun auto’s zich ontwikkelt, maar de grote meerderheid van de autofanaten is geïnteresseerd in de waardeontwikkeling. Vooral wanneer een grote hoeveelheid van hun kapitaal in de auto is gestopt.’ Hatlapa vervolgt: ‘Toen ik begon met onderzoeken, ontdekte ik dat er weinig documentatie over het onderwerp was. Er zijn prijslijsten en magazines, maar de informatie was nog nooit in een context gezet. Het was allemaal anekdotisch en niet feitelijk. Dus besloten we om de situatie nog eens goed te bekijken en de juiste financiële methodologie erbij te halen.’
HAGI ontdekte dat de markt voor de top 100 van verzamelaarsauto’s in 2008 goed was voor 15,3 miljoen euro. Aanvankelijk werden de prijsontwikkelingen gevolgd van 100 auto’s, maar anno 2012 houdt men bij HAGI de waarde bij van een zorgvuldig geselecteerde top 50. Elementen die bij de waardeontwikkeling worden meegenomen, zijn zeldzaamheid (er mogen er niet meer dan 1.000 van gemaakt zijn), waarde (beginnend bij 100.000 euro) en een bestaande schare liefhebbers en potentiële kopers, om te verzekeren dat ze van hand tot hand blijven gaan. De index is verrassend genoeg met 31,5 procent gestegen sinds begin 2009 en de waarde is nu bijna 25 miljoen euro.

Hatlapa’s avonturen in deze branche hebben geleid tot een boek dat – met reden – heet: Beter dan goud: Investeren in historische auto’s. ‘Beter dan goud? Misschien, maar hoe definieer je beter?’, vraagt hij zich af. ‘We hebben het niet alleen maar over financiële prestaties, we hebben het over iets waarmee je kunt rijden, iets wat een glimlach op je gezicht kan toveren. Hoe veel is dat waard? Wij autoliefhebbers zouden zeggen dat dit behoorlijk veel waarde heeft. Misschien meer dan een bonk goud dat maar in een bankkluis ligt. Auto’s zijn een vervangingsinvestering voor iets anders. Maar wanneer je een gevarieerd portfolio hebt, is het eigendom van klassieke auto’s een goede aanvullende investering, vooropgesteld dat je er ook van kunt genieten. We zullen in ieder geval nooit iemand adviseren om zijn aandelen te verkopen en daarvan een klassieke auto te kopen.’ Zoals iedereen die ooit in aandelen heeft gehandeld kan beamen, is het spel tamelijk verslavend. Dat geldt uiteraard ook voor de klassieke auto’s.
Hatlapa wil koste wat kost voorkomen dat hij klinkt als een goeroe – daarvoor is HAGI niet opgericht – maar hij wil wel kwijt dat Ferrari’s eerste auto met middenmotor, de 365 GT4 BB, een goed voorbeeld is van wat er kan gebeuren wanneer de markt zo’n model ‘ontdekt’. Hij is zeldzaam; in totaal zijn er 387 van gemaakt, waarvan 58 rechtsgestuurde, en hij is nooit officieel verkocht in de Verenigde Staten. Het is duidelijk dat de originele BB bezig is met een inhaalrace ten opzichte van de Daytona die hij vervangt, waar het gaat om waarde en reputatie. Net als de ooit verguisde Testarossa uit de jaren tachtig, die de BB opvolgde. Die Testarossa is vooral een generatiedingetje. Mensen die nu een meer dan behoorlijk inkomen genereren, waren waarschijnlijk 15 toen ze Crockett en Tubbs door Miami zagen cruisen in hun witte Testarossa, of ze droomden weg bij het waanzinnige en alom gemiste Group B-rallykampioenschap. De homologatieregels betekenden destijds dat slechts 200 straatversies werden gemaakt van de Lancia S4, Ford RS200 en Peugeot 205 T16, dus je kunt ervan uitgaan dat hun waarde zal toenemen. Dat geldt in nog belangrijker mate wanneer je een auto op de kop kunt tikken met een raceverleden.
Je kunt op dit moment niet op de weg rijden met een klassieke auto in China, maar wanneer de wetgeving verandert – en die kans bestaat – zouden de Chinezen best eens klassiekers kunnen gaan inslaan met dezelfde snelheid als waarmee ze goede wijnen en kunst opkopen. ‘De lange termijn van de groei is gegarandeerd, omdat er genoeg plekken op de wereld zijn waar miljonairs en miljardairs worden gemaakt en het gevoel bestaat dat de markt op een bepaalde manier nog wat ondergewaardeerd is’, aldus Hatlapa.
Tot slot; zullen we ooit een auto zien die 100 miljoen dollar opbrengt? ‘Ik zou mijn naam niet aan zo’n bewering willen hangen’, zegt Peter Wallman. ‘Maar alles is mogelijk.’
‘Oh ja, zonder twijfel’, zegt Hatlapa zonder blikken of blozen. ‘Ik kan je niet vertellen wanneer, maar het gaat gebeuren. Zolang meerder mensen achter hetzelfde object aan gaan en het is slechts zeer beperkt voorradig. Alles wat ervoor nodig is, zijn een gekke koper en een gekke verkoper.’

Bugatti Type 57SC Atlantic One (foto 1)
Verkocht door privépersoon in 2010 voor een bedrag dat naar verluidt lag tussen de 24 en 32 miljoen euro
Ferrari 250 Testa Rossa (foto 2)
Verkocht tijdens Gooding & Company’s Pebble Beach voor ca. 13 miljoen euro
Ferrari 625 TRC Spider (1957) (foto 3 en 4)
Verkocht bij een veiling in mei 2012 voor 4 miljoen euro. De kentekenplaat is niet opschepperig
Porsche 911S (foto 5)
Steve McQueen’s platgeslagen Kever uit 1970. Werd verkocht voor 950.000 euro tijdens een veiling in 2011
Ferrari 250 GT SWB California Spider (foto 6)
Gekocht door Chris Evans in 2008 voor 5 miljoen euro
Ferrari 365 GT4 BB (foto 7)
Verkopen nu voor 135.000 euro. In 2005 gingen ze weg voor 40.000 euro
Ferrari Enzo (foto 8)
Oorspronkelijke verkoopprijs 900.000 euro. De meest recente verkoopprijs is 1,3 miljoen dollar – iets meer dan 1 miljoen euro. Nu kopen als je dat bedrag wilt verdubbelen
Ferrari 250 GT Berlinetta Lusso (foto 9)
Die van Steve McQueen werd voor 2,3 miljoen dollar geveild in 2009
Mercedes 300 SL Gullwing (foto 10)
Een exemplaar met een aluminium body (1 van de 29 ooit gebouwd), werd in januari 2012 verkocht voor bijna 3,7 miljoen euro

Betaalbare klassiekers
Totaal onwetenschappelijk en niet bedoeld als een of andere investeringsgids… Dit zijn de oude auto’s die we bij TopGear leuk vinden.
Renault Clio Williams (foto 11)
De originele, in een oplage van 300 gebouwd. De op een na beste voorwielaangedreven auto waar we ooit mee reden. Een masterclass in autodesign
Ford Puma Racing (foto 12)
Belachelijk geprijsd toen deze auto nieuw was in 1999, maar zeldzaam, begeerlijk en nu leuk. Ontworpen door de legendarische Ian Callum
Ford Escort RS Cosworth (foto 13)
Slechts 221 pk, wat tam lijkt gemeten naar de maatstaven van 2012. Twintig jaar later nog altijd een aanslag op je zintuigen die net zo krachtig is als een schop tegen je hoofd
Audi RS2 (foto 14)
In samenwerking met Porsche gebouwde, uiterst zeldzame 311 pk sterke super-stationwagen. Probeer er een te vinden met zo weinig mogelijk kilometers
BMW M5 (E34) (foto 15)
Handbak, 340 pk V8, familieracer en super-driftmachine in een. Natuurlijk, de M5 met V10 was ook cool, maar dit is beter betaalbaar en: wat is hier niet leuk aan?
Honda NSX (foto 16)
Door Senna goedgekeurde auto met lichtgewicht aluminium chassis. Eet banden als ontbijt, is verbazingwekkend goed en Hammond testte ‘m onlangs en werd heel blij
Lotus Elise Mk I (foto 17)
Een Elan-achtige auto, die dezelfde waardestijging zal ondergaan als de Elan zelf. Rijdt geweldig en is nu nog relatief goedkoop in onderhoud

Citroën 2CV (foto 18)
Klasseloos, karaktervol en al leuk bij 30 km/u. Kan ook een mand eieren vervoeren over een veld zonder er een te laten breken. Probeer er een Mehari bij te vinden
Mercedes SL (R129) (foto 19)
Auto uit eind jaren tachtig/begin jaren negentig, betiteld als een all-time icoon door design-god Peter Saville. Echt veel auto voor je geld, wordt langzaam populair
BMW 1-serie M Coupé (foto 20)
Nog nieuw, maar een gegarandeerde klassieker van de toekomst, omdat het een echte old school Beemer is. Hou ‘m als je er een hebt, al moet je geduld hebben. Zeg een jaar of 30
Porsche 911 GT3 (996) (foto 21)
De 996 is de ongeliefde moderne 911. Waarschijnlijk door die lelijke koplampen. Maar niet als 996 GT3. Koop er een voordat de rest van de wereld het ook begint te zien
Porsche 968 Clubsport (foto 22)
Gestripte über-doorontwikkeling van de ongeliefde 924/944. Lastig te vinden in goede staat, maar zoeken loont. Rijdt geweldig, karaktervolle viercilinder motor
Volkswagen Golf GTI 16V Mk II (foto 23)
Koop ‘m via het internet, maar alleen wanneer ie (bijna) compleet is en origineel want je vindt ook vreselijk toegetakelde exemplaren. Moet je niet hebben
BMW M Coupé (foto 24)
Ook wel bekend als de tennisschoen. Rare vormen verbergen een auto waarvan de waarde over tien jaar als een raket omhoog schiet. Je hoorde het hier het eerst
Peugeot 306 S16 (foto 25)
Een Peugeot uit de tijd dat het merk zich nog bekommerde om de wegligging. Waarschijnlijk de op drie na beste voorwielaangedreven auto ooit
Mercedes 190 Cosworth (foto 26)
De meeste oude Mercedessen hebben veel zaken die ze de moeite waard maken als investering, als het je tenminste niet uitmaakt dat ze de wegligging hebben van een bus. Heeft deze niet

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken