Autotest: Maserati Quattroporte GT S

Wil Maserati een gat in de markt dichten, of creëert het een eigen segment? Maakt het wat uit als een auto er zo goed uit ziet?
 
De tijd van traditionele marktsegmentatie is in de auto-industrie allang voorbij. Elk gat in de markt wordt gevuld. Soms vraag je je echter af wat er eerst komt: de behoefte van de consument of de innovatiedrang van de autoconstructeurs. Het laatste voorbeeld is de Audi Cross Cabrio Quattro (zie de Nieuwspagina’s). Zal er echt iemand op zoek zijn geweest naar een terreinvaardige luxe vierpersoons cabriolet?
 
Onderweg naar een test met de nieuwe Maserati Quattroporte GT S in Modena overpeinsde ik dit kip-en-eiverhaal. Want in mijn gedachten was ook deze auto een model dat zijn eigen markt creëert, namelijk die van de perfecte samensmelting van een supersportauto met een luxe limousine.
 
In de persmap werd de GT S zo omschreven dat je welhaast moest geloven dat de ideale vierdeurs-superauto nu eindelijk een feit is. De ‘oude’ GT is al geen beroerde auto, de nieuwe topper verruilde de Skyhook-instelbare vering voor een paar enkelvoudige Bilstein-schokdempers en een stelletje enorme remschijven. Bijzonder aan deze remmen zijn dat ze als eerste ter wereld een combinatie van gietijzer en aluminium bevatten. Dit zou van pas komen bij het snellere bochtenwerk.
 
Sorry hoor, maar is dat nu echt een wetenschappelijke doorbraak? Dit is een ruim 170.000 euro kostende supersonische luxe huppeldepup, zoiets. Het klinkt eerder als een marketingpraatje.
 
Het vervelende is dat de GT S erin geslaagd is om al mijn cynisme over al te ijverige marktfragmentatie weg te nemen. Hoewel het idee heel eenvoudig is, werkt het opvallend goed. De wat lompe auto voelt ineens heel vertrouwenwekkend aan. Je wordt echt betrokken bij het rijden. Dat verwacht je niet van een limousine.
 
Het feit dat de motor achter de vooras ligt waardoor een 50/50-gewichtsverdeling ontstaat, draagt daaraan uiteraard bij. Zeker als je weet dat er een V8 met 400 pk van Ferrari-origine onder de kap ligt. De ZF-automaat is eveneens een snoepje die zich zowel bij rustig rijden als bij wat ‘sportiever’ rijden uitstekend gedraagt. Kortom, de GT S is een perfect compromis.
 
Er zijn een paar nootjes die we nog willen kraken. Ten eerste, hoewel het silhouet van de Quattroporte schitterend is, doet zijn fraaie lijn wel een aanslag op de binnenruimte. Hij is groots, maar niet groot. Ook frons je je wenkbrauwen over de kwaliteit van sommige schakelaars en andere onvolkomenheden in het interieur. Het comfort houdt, zeker bij lagere snelheden, niet over. De sportieve afstelling zorgt voor een stevige demping.
 
Maar elke keer als je geniet van die lijnvoering, vergeef je het ‘m. Ook als je het motorgeluid hoort, smelt je hart en ben je alle pijn vergeten. Je zult er van houden, dit is heel wat anders dan de koele degelijkheid van een S-klasse AMG. Bovendien heeft Maserati een vierdeurs-superauto op de markt gezet die Porsche en Aston Martin nog maar moeten zien te verslaan. Wie weet levert die competitie wel weer nieuwe gaten in de markt op.

 

Nieuwste van TopGear

Autonieuws