Autotest: Mazda6 2.2 CiTD

In een periode dat downsizen helemaal `hot’ is, komt Mazda met een nieuwe dieselmotor voor de 6, naast de 2.0 diesel.
 
Geen tweeliter? Een 1,6’je dus? Nee hoor, gewoon een 2.2. De term downsizen is blijkbaar nog niet tot de gelederen van de Japanse fabrikant doorgedrongen, maar met de nieuwe 2.2 CiTD vangt Mazda drie vliegen in één klap. Jawel, de motor is namelijk in drie vermogensvarianten te bestellen. Alleen niet voor ons. Nee, wij Nederlanders vinden de basisversie met 125 pk aan de tamme kant. Althans, dat is de gedachte van de importeur. Zodoende blijft de huidige 2,0-liter CiTD met 140 pk de instapper en maken alleen de mid en high power-versies van de 2.2 de oversteek. Geen straf overigens met respectievelijk 163 en 185 pk.
 
Wie denkt dat Mazda het niet zo goed voor heeft met het milieu, heeft het mis. Het verbruik van de nieuwe motor ligt namelijk op hetzelfde niveau als dat van de 2.0. De mid power-variant staat straks louter in de TS-uitvoering in de prijslijsten. TS? Inderdaad. Zoals je wellicht weet, heeft Mazda de typebenamingen grotendeels overboord gegooid en vervangen door S, TS, GT-M en GT-L.
 
De meest krachtige versie komt in zowel een luxueuze als sportieve uitvoering op de markt: de GT-L en de GT-M. Verschil tussen beide modellen? Om te beginnen duizend euro in het voordeel van de GT-M. Verder een andere grille en een iets andere beleving in het interieur, veroorzaakt door de materiaalkeuze. Lichtmetaal maatje 18 inch en links en rechts een eindpijp(je) uit de achterbumper is standaard.
 
Nieuw, tegelijk innovatief en straks te bestellen op alle 6’en, is het Rear Vehicle Monitoring System. Dat is min of meer een dodehoekhulp, een van de actieve soort. Met behulp van een radar onder beide achterlichtunits schat een regeleenheid het snelheidsverschil met achteropkomend verkeer in. Wanneer het betreffende voertuig binnen vijf seconden je achterbumper kan aantikken, gaat er een lichtsignaal onderin de A-stijl knipperen. Negeer je het teken en geef je toch richting aan om van rijbaan te wisselen, dan begint de boel te piepen. Verander je dan alsnog van rijbaan, ja, ten eerste ben je dan niet goed bij je hoofd en had je die 1.200 euro (zo duur is dat systeem) beter in de kroeg kunnen besteden, en ten tweede kun je je verzekeringsagent alvast gaan bellen.
 
Terug naar de motor. We confisqueren natuurlijk de sterkste versie, de 2.2 met 185 pk en 400 Nm aan koppel. Op de spiegelgladde wegen van Mallorca – het regent – knippert het esp-lampje er lustig op los zodra de naald van de toerenteller de 2.000-grens bereikt. De wielen zoeken voortdurend naar grip en de 6 schuift van links naar rechts over het asfalt. Maar eenmaal op gang gaat het heerlijk. Wil je bij een kruissnelheid van zo’n 100 km/u in de zesde versnelling een beetje opschieten, dan is het wel zaak een tandje terug te schakelen. Of je geduld te bewaren.
 
Over die zesbak gesproken: wat een fijne transmissie. De sportieve, korte pook ligt lekker in de hand en schakelen gaat uiterst nauwkeurig. Jammer dat de reacties op het gaspedaal met enige vertraging de gasklep bereiken. Het systeem heeft even wat bedenktijd nodig voor hij de opgedragen bevelen omzet in daden. Als het zover is, dan laat-ie dat horen. Mazda zou iets meer isolatiemateriaal mogen gebruiken om dat typische dieselgeluid te verdoezelen.
 
De importeur kan ons de definitieve prijzen nog niet geven in verband met de onduidelijkheden rondom de fijnstofdifferentiatie komend jaar, maar zoals het er nu naar uitziet gaat de 2.2 CiTD met 185 pk zo’n 38 mille kosten. Inderdaad, een forse meerprijs ten opzichte van de 2.0, maar nu wel met een riante standaarduitrusting.

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken