Autotest: Peugeot RCZ 1.6 THP 200 pk

Peugeot schiep een prachtige conceptcar, peilde de reacties en zette hem nagenoeg ongewijzigd op de weg. Hulde.
 
Het had niet veel gescheeld of Peugeot was volledig van onze radar verdwenen. Vroeger stonden ze te boek als maker van vlotte, uitmuntend rijdende hatchbacks, maar de laatste jaren leken ze het spoor volledig bijster. Het leeuwenlogo verscheen op de ene na de andere grijze kwab, omringd door twee koplampen waarlangs je een 100-meter sprint kon trekken en een grille waar drie voetgangers in konden verdwijnen. Slappe motoriseringen en overgewicht speelden het rijplezier flink parten. Het was zonde, maar ondanks Peugeots rijke verleden waren wij er klaar mee.
 
Gelukkig lijkt het tij gekeerd. De afgelopen maanden hebben de Fransen ons weten te boeien met de SR1 en de ‘5 by Peugeot’. Dat zijn slechts concepten, maar ook de 5008, die inmiddels in de showroom staat, ziet er strak en fris uit. Voor een busje dan. We hebben daarom goede hoop dat we in de volgende lichting modellen eindelijk weer eens kunnen rijden zonder de behoefte om direct naar de sterilisatiekliniek te sturen.
 
Nog een teken dat Peugeot het helemaal anders gaat doen, is het feit dat ze een vrij uitbundige conceptcar zomaar overhevelen naar productie. Zonder aanwijsbare reden, behalve dan dat het gaaf is. Dit is dezelfde actie die Alfa Romeo met de Brera uithaalde, en Volkswagen met de Scirocco. Die waren nooit bedoeld als praktische verkooptoppers; wel als effectieve imagebuilders. Het zijn auto’s met lef. De seks spat er vanaf. Mensen zien ze rijden en denken dan vol trots, ‘ja, dat is mijn merk’, terwijl ze in hun wieldoppen-147 of Golf Plus stappen. Dat leek Peugeot wel wat, en ze deden prompt een duit in het originaliteitszakje met deze schitterende RCZ.
 
Natuurlijk is het een verbouwde 308. Natuurlijk heeft hij nog steeds die gigantische koplampen en grille. Maar de RCZ is slechts 1,36 meter hoog en maar liefst 1,96 meter breed, waardoor hij in je binnenspiegel behoorlijk imposant oogt. Dan werkt die voorkant plots beter dan je zou denken. En profil lijkt de auto nog het meest op een Volkswagen Karmann Ghia, met een front en kont die nagenoeg gelijk geproportioneerd zijn. Dat is nogal een compliment.
 
Peugeot waakte ervoor dat technische moeilijkheden of commercieel gezeur de RCZ niet in de weg zouden staan. De handjes moesten uit de mouwen bij de productontwikkelaars; een afgezwakt, slap aftreksel van het concept was niet acceptabel. Daarom heeft de RCZ een prachtig dubbel-bubbeldak – een van de mooiste stijlelementen sinds de meegespoten bumper – dat netjes wordt geflankeerd door dikke aluminium bogen. Het loopt naadloos over in een enorme gewelfde achterruit. Moeilijk en peperduur om te maken, maar wie er binnen Peugeot over zeurde, kreeg klappen met het stokbrood. De puurheid van de auto was zo’n belangrijk punt, dat karige basisversies onaanvaardbaar werden bevonden. Die ontbreken dan ook in de prijslijst; met minder dan 18 inch in de wielkasten kun je de RCZ niet krijgen.
 
Met minder dan 156 pk onder de motorkap ook niet. Naast een visueel kunststukje heeft Peugeot van de RCZ namelijk ook een echte rijdersauto willen maken. Omdat wij niemand op zijn of haar blauwe ogen geloven, voelen we de nieuweling aan de tand in de heuvels van Noord-Spanje. Tot onze beschikking staan de 2,0-liter grote diesel met 163 pk – vanaf juni verkrijgbaar – en de 1.6 THP benzinetopper met 200 pk, die later dit jaar volgt. We hoeven je niet uit te leggen naar welk model we het meest nieuwsgierig waren.
 
Om meteen ter zake te komen: ja, de RCZ is een rijdersauto, en een behoorlijk goede ook. Het begint al bij het instappen. Achter het misschien iets te herkenbare dashboard is de zit laag, maar niet onoverzichtelijk. Het verstelbare stuur kun je behoorlijk ver naar je toe halen, waardoor iemand van gemiddelde lengte niet overdreven rechtop hoeft te zitten om prettig met de auto te kunnen hoeken. De koppeling en versnellingspook laten zich vederlicht bedienen, de 1.6 reageert gretig en nauwkeurig op het gaspedaal. Net als bij Peugeots van vroeger weten we binnen een kilometer dat het goed zit.
 
Het onderstel van de RCZ is gepast verlaagd, en de spoorbreedtes zijn flink groter dan die van de 308: het scheelt vóór 4,4 cm en achter 6,3 cm. De 200 pk-versie is bovendien uitgerust met een speciale reactiestang en forsere fuseekogels. Gecombineerd met de optionele 19 inch velgen maakt dit van de RCZ een bijzonder scherp gebakje. We bemerken wel enige Franse afstandelijkheid in het stuur, maar dat stoort ons niet. Net als de Parijse ober die zonder een woord te zeggen je maaltijd op tafel pleurt, doet de auto uiteindelijk toch precies wat je wilt.

‘Dit zijn de auto’s – ze bestaan nog – die een beroep doen op je gevoel, en toch ook een beetje op je verstand’

 
De RCZ is in zijn element op de binnenwegen rond Logroño. Op het stoffige, dan weer vochtige asfalt valt de koersvastheid van de auto op; voor een voorwielaandrijver met 200 pk is er weinig onderstuur te bespeuren, en het esp treedt nauwelijks op. Je kunt zelfs zo hard en trefzeker met de RCZ door de bocht, dat we onaangenaam verrast worden wanneer een lange doordraaier richting de snelweg zich onverwacht opsplitst en een scherpe knik maakt. Terwijl we een rijkelijk laat geplaatst bord zien staan met een adviessnelheid die een derde van de onze bedraagt, zetten we het stuur recht en springen we vol op het rempedaal. De RCZ schiet nauwkeurig de bocht en de daarbuiten gelegen greppel voorbij en komt trillend van het abs op de andere rijbaan tot stilstand. Ja, we zijn niet te beroerd om af en toe te testen hoe een auto in noodsituaties reageert.
 
Met bonzende keel vervolgen we onze tocht. Terwijl we op de snelweg even rustig aan doen, bemerken we dat de RCZ ook aardig dociel kan zijn. Het onderstel vindt nagenoeg de juiste balans tussen die twee bekende uitersten, comfort en sportiviteit. Bak in z’n zes, cruisecontrol op 130 en lange afstanden afleggen wordt een eitje. De motor houdt zich hierbij netjes op de achtergrond, maar oh wee als je hem opjaagt. In de cockpit weerklinkt dan plots een rauwe grom die je de eerste keer simpelweg doet schrikken. Het schelle geluid komt vreemd genoeg niet van achter, waar je het zou verwachten, maar duidelijk van onder de motorkap. Wat blijkt: onze RCZ is uitgerust met een zogenoemd Sound System. Dit heeft niets met de stereo te maken, maar alles met een soort blaasinstrument dat in het motorcompartiment in de uitlaat zit verwerkt. Dit membraampje gaat meetrillen als de motor in de toeren klimt, en trakteert zo de inzittenden op een verslavende brul. Let wel: alleen de inzittenden, want buiten hoor je er weinig van. Inderdaad, zo nep als de Eiffeltoren in Las Vegas, maar een onverdeeld genot voor de bestuurder. Wij duwen de naald van de toerenteller in ieder geval keer op keer richting 6.500, gewoon omdat we daar zo’n lekker warm gevoel van krijgen.
 
Dit is niet de enige leuke optie die je op de RCZ kunt krijgen; Peugeot heeft een hele rits voor je klaarstaan. Zo kun je de auto, geheel volgens de huidige trend, uitvoerig personaliseren met tintjes, kleurtjes en stickertjes. Daar kun je veel of weinig geld aan uitgeven. Een glanzend zwarte grille kost je bijvoorbeeld 100 euro. Grijze velgen heb je voor 200 euro, en zwart chromen dakbogen voor 350 euro. Een carbon dak kan echter ook: 1.600 euro. Voor 3.800 euro heb je leer op je stoelen, deuren en dashboard. Standaard is de RCZ onder andere voorzien van een beweegbare spoiler, sportstoelen en, jawel, hill start assist.
 
Lekker modieus dus, maar wat nu als je bagage wilt meenemen? De RCZ is in slechts twee jaar van concept naar productieauto gegaan, dus je zou verwachten dat hij op praktisch gebied wel wat steken laat vallen. Toch is de kofferbak ruim bemeten, en al mag de achterbank die naam echt niet dragen – een zak aardappels zou er nog niet comfortabel kunnen vertoeven – je kunt ‘m wel neerklappen. Volgens Peugeot past er op die manier zelfs een fiets in de RCZ. Dat nemen we dan weer wel gewoon van ze aan.
 
We zijn benieuwd hoe vaak we de RCZ op de wegen in de lage landen gaan tegenkomen. De 2.0 HDiF staat als eerste bij de Nederlandse dealer voor een prijs van 36.650 euro. Rond september volgt de instapper, de 1.6 THP met 156 pk, voor 31.600 euro. Ook de 200 pk sterke 1.6 is dan te krijgen, voor ongeveer 3.000 euro meer. Er zijn ook plannen voor een RCZ Hybrid4, die vast heel veel groene kortingen zal ontvangen en daardoor redelijk betaalbaar zal zijn. Met deze prijzen duikt de RCZ ruim onder de Audi TT en Alfa Brera, maar is hij duurder dan een gelijk gemotoriseerde VW Scirocco. Terwijl je daar wel met zijn vieren in kan.
 
Gelukkig gaat het daar in dit segment niet om. Dit zijn de auto’s – ze bestaan nog – die een beroep doen op je gevoel, en toch ook een beetje op je verstand. Onderhuids zijn ze dezelfde eenheidsworst, maar uiterlijk hebben ze zich vrijgevochten van de massa. Het zijn de levensgenietende, zorgeloze alternatievelingen die toch ook internet en een mobieltje gebruiken. Van dat soort auto’s houden wij. We staan dan ook langs de zijlijn te juichen terwijl Peugeot met deze RCZ van start gaat. Hij is belangrijk voor het merk, maar ook voor het wagenpark op onze wegen. Met al die grijze 307 SW’s kan dat immers een behoorlijke opsteker gebruiken.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws