Porsche Macan Turbo

Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo
Porsche Macan Turbo

Porsches ongekende expansiedrift transformeert de voormalige sportwagenfabrikant langzaam in ’s werelds sportiefste premiummerk. Ook het middensegment van SUV’s – het domein van Qashqai’s zeg maar – moet er met de Porsche Macan Turbo aan geloven.

Zullen we weer eens een boom opzetten over het dna van Porsche als sportwagenfabrikant? Nou, even dan. Met een grove kam. Porsche maakt 911’s, al decennia lang een van de meest populaire en betrouwbare sportwagens op de markt. Pogingen in het verleden om er andere sportwagenmodellen ‘naast’ te zetten, leidden bijkans tot een faillissement, pogingen in het heden met de Boxster en Cayman – hoewel die laatste nou niet heel succesvol is – lijken beter geslaagd. Dat komt ten dele omdat Porsche binnen hun verdienmodel niet meer afhankelijk is van de 911, maar eerder van de Cayenne en de Panamera – auto’s die in de verste verte niet op een sportwagen lijken.

Tussen ‘lijken’ en de werkelijkheid gaapt bij Porsche een groot gat. Want een Cayenne lijkt een SUV, maar kan het sommige sportwagens flink lastig maken én door een sloot rijden. De Panamera lijkt een, eh, reuzenhatchbacklimousine-die-naar-het-toilet-moet, maar maakt het sommige sportwagens ook lastig met vier volwassenen aan boord. Zie daar het nieuwe dna van Porsche. Modellen maken voor meerdere marktsegmenten – de segmenten waarmee ze denken geld te kunnen verdienen en waarvoor ze gedeeltelijk kunnen winkelen bij hun zusjes van Audi en Volkswagen – én daarbinnen simpelweg het beste, snelste, sportiefste en prettigst sturende model van de klas worden. Porsche roept dat allemaal niet hardop natuurlijk, maar ze komen wel met de Macan.

Dus die Porsche Macan Turbo is eigenlijk gewoon een omgebouwde Audi Q5?

Nee, dat is deze Macan zeker niet: hij deelt slechts een derde van z’n onderdelen met de Q5. Porsche ontwikkelde ‘nieuwe’ motoren, en gebruikte alle technische kennis die ze in huis hadden om het premium midsize SUV-segment ondersteboven te schoppen. Heel veel premium tegenstanders zijn ze niet tegengekomen: je hebt Audi’s Q5, BMW’s X3 en de Range Rover Evoque, als je iets minder kritisch kijkt, reken je de Mercedes GLK en Volvo XC60 ook mee, maar veel verder kom je niet. Alleen Audi’s topmodel, de SQ5 (een diesel trouwens), en Volvo’s topmodel, de XC60 T6, komen qua vermogen een beetje in de richting van de Porsche Macan Turbo. Al blijft het gat bijna 100 pk. (En 20.000 euro.)

De Porsche Macan Turbo is – op dit moment – namelijk dé über-Macan. Z’n 3,6-liter V6 met dubbele turbo levert 400 pk en 550 Nm, en dat is voldoende om de Porsche Macan Turbo in 4,8 seconden van 0 naar 100 km/u te schieten en ‘m een topsnelheid van 266 km/u mee te geven. Z’n acceleratietijd naar 100 km/u is slechts 0,2 seconde langzamer dan een basis-911 en 0,1 seconde langzamer dan een Cayenne Turbo. Dat je het weet.

Mocht je het interessant vinden: je kunt ook een Macan S Diesel krijgen (V6 turbo met 258 pk) of een Macan S op benzine (V6 biturbo met 340 pk). Die beide modellen komen trouwens qua vermogen en prijs meer in de richting van de meest potente concurrenten, hetgeen maar aangeeft dat Porsche zich op dat gebied niet per se hoeft te onderscheiden. Daar komen we later nog eens op terug, als we ze onderling laten strijden. Voor nu houden we ons nog even met de 100.700 euro (in België 82.522 euro) kostende Macan Turbo bezig.

Die prijs is even slikken. En tel gerust nog minstens 25.000 euro bij die prijs op als je (rijplezier bevorderende) opties wilt als elektronisch geregelde, adaptieve dempers met actieve luchtvering, variabele verdeling van aandrijfkrachten en verder wellicht parkeerhulp, cruisecontrole en bredere velgen. Het moet gezegd – in tegenstelling tot wat we dachten: een behoorlijke audio/navigatiesysteem als ook leer op dashboard en stoelen zijn standaard in de Turbo. Maar voor het geld van een goed gevulde Porsche Macan Turbo koop je ook een (minder vlotte) Cayenne, een Range Rover Sport of andere ruime en luxe modellen. Het punt is alleen: die rijden niet zo griezelig goed als de Porsche Macan Turbo met al z’n opties.

‘De Turbo is nu al baas in het segment’

Op het testcircuit van Porsche achtervolgen we een 911 Carrera S en nee, die houden we niet bij. Alleen: de Porsche Macan Turbo is echt ontiegelijk snel en scherp. Hij voelt in eerste instantie als een puur achterwielaangedreven auto aan – met de nadruk op auto want het is nagenoeg niet merkbaar dat je in een SUV zit, al is dat ook best een auto te noemen. Hij is met de precisie van een sportwagen in staat een bocht aan te snijden, prettig geholpen door hier en daar gas bij te geven of juist te lossen, en de brute maar gedoseerde kracht die z’n 400 pk’s ‘m meegeven, doen de rest. De 340 pk sterke Macan S doet trouwens ook een paar rondjes mee in de achtervolging: in bochten lijkt ie nog fractioneel preciezer. De Turbo loopt op het rechte eind echter makkelijk weg bij de S, z’n grotere en dikkere aluminium remschijven houden ‘m heel.

Is de Porsche Macan Turbo ook handig als ik vaak te laat voor me werk ben?

Op de openbare weg is het dezelfde pret. Als je met je handen van de wirwar aan knopjes afblijft, staat de Porsche Macan Turbo in z’n normale modus en rijd je vlotjes alles en iedereen voorbij zonder dat je er erg in hebt. Druk op een handvol knoppen en de auto gaat wat lager bij de weg liggen, klepjes in de vier uitlaten openen zich, en alles reageert supersnel en strak op je commando’s. Gas geven, insturen, op- en terugschakelen (met plofjes, iets wat we soms wat kinderachtig vinden, maar tevens áltijd vermakelijk): Porsches nieuwe dna openbaart zich. De Macan Turbo lacht alles dat niet het predicaat sportwagen verdient simpelweg uit. Dan hebben we nog de overtuiging dat zowel z’n acceleratietijden als z’n topsnelheid kunstmatig worden geregeld (lees: beteugeld) want hij zou best nóg sneller kunnen. Alleen bijt ie een 911 dan wel in z’n staart.

Voor de vorm sturen we ‘m ook het terrein in. We hoeven je niet te vertellen dat geen enkele toekomstige Macan-eigenaar met z’n permanent vierwielaangedreven Porsche moedwillig de struiken zal insturen, maar het is en blijft een SUV. Dus wij moeten het testen. Twaalf knopjes indrukken. Blubber, heuveltje op-heuveltje af, potje schuin rijden, rotsige ondergrond: klaar. Kan ie allemaal. Zal je nooit doen. Next.

Dus de ultieme SUV in het middensegment?

Ja. Er komt vast een Turbo S (en een GTS, en zelfs een viercilinder benzine, wellicht een viercilinder diesel, een [plug-in] hybride niet te vergeten en wie weet nog meer variaties) die nog iets van 0,2 seconden van de acceleratietijd afsnoept en een iets hogere topsnelheid zal hebben, maar de Turbo is nu al baas in het segment. Dit ís de topper. Een M van BMW, een RS van Audi of een AMG van Mercedes voor de GLK (want de GLA AMG komt gevaarlijk dicht in de buurt) zullen – als die modellen al komen, want ze zijn er nog niet – op gepaste afstand blijven.

De grap is: met de Macan Turbo blijft Porsche ook op gepaste afstand van z’n concurrenten. En met de andere modelvarianten onder de Macan Turbo nestelen ze zich met beukende vuisten midden in dat best succesvolle middensegment. De prijzen van de andere Macan-modellen zijn concurrerend, de prestaties minstens zo goed en meestal beter dan de concurrenten en de bouwkwaliteit – ook niet heel onbelangrijk – gaat weer net een stapje verder dan bij Audi en BMW.

Het uiterlijk speelt een rol, denken we vaak, maar als je naar een eerste generatie Cayenne kijkt, of naar een Panamera, dan kun je niet direct zeggen dat Porsche altijd schoonheden ontwerpt. Ze vergen wat gewenning, na verloop van tijd ga je ze vanzelf mooier vinden. Dat is wat anders dan dat je ze mooi gaat vinden trouwens. De aflopende daklijn van de Porsche Macan Turbo moet z’n sportieve karakter benadrukken, maar wij vinden dat ie daardoor en profile op een Audi Q3 lijkt. En een Audi Q3 is tamelijk lelijk. Z’n cleane achterkant spreekt ons wel aan en ook de voorkant is onmiskenbaar Porsche en aantrekkelijk. Toch zal niet iedereen direct voor ‘m vallen. Niet dat een X3 nou zo mooi is. Of een XC60, die naast de Macan als een bejaarde zal ogen. Maar toch. Voor ons gevoel had Porsche hier nog wat punten kunnen scoren. Aangezien de Macan het verder op alle punten van z’n concurrenten wint, is hij hoe dan ook de nieuwe voltreffer van Porsche in een voor hen nog volstrekt onbekend segment. Eigenlijk hadden we niet anders verwacht.

17
20
Specificaties

Porsche Macan Turbo

17/20

Motor
3.604 cc
V6 biturbo
400 pk / 550 Nm

Aandrijving
vierwiel
7v automaat (PDK)

Prestaties
0-100 in 4,8 s
top 266 km/u

Verbruik/milieu
8,9 l/100 km
216 g/km CO2, F-label

Afmetingen
4.699 x 1.923 x 1.624 mm (l x b x h)
2.807 mm (wielbasis)
1.925 kg

75 l (benzine)
500 / 1.500 l (bagage)

Prijzen
NL € 100.700 (25%)
BE € 82.522

Het vonnis
Beste, snelste, scherpste en ook een tikje mafste SUV in het midden­segment. Loeiduur als je ‘m nog met wat opties uitrust, maar je zult er elke dag lol aan en mee beleven. Want het is een Porsche met Turbo-predicaat

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken