Renault Arkana E-Tech 145 RS Line

Renault claimt ‘de SUV-coupé naar het c-segment te brengen’. Een goede zaak?

Foto('s): RenaultRenault Arkana E-Tech 145 RS Line
Foto('s): RenaultAchterkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Foto('s): RenaultRenault Arkana E-Tech 145 RS Line
Foto('s): RenaultZijkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Foto('s): RenaultAchterkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Foto('s): RenaultScherm Renault Arkana E-Tech 145 RS Line (tellers)
Foto('s): Renault
Foto('s): RenaultDashboard Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Achterkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Zijkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Achterkant Renault Arkana E-Tech 145 RS Line
Scherm Renault Arkana E-Tech 145 RS Line (tellers)
Dashboard Renault Arkana E-Tech 145 RS Line

Het leuke van trends en vondsten die in de hogere autoklassen vorm krijgen, is dat ze vroeg of laat ook hun weg vinden naar de meer bereikbare segmenten. De airbag bijvoorbeeld: een grote ballon in je gezicht bij een botsing, heel apart. Maar nadat de Mercedes S-klasse ’m adopteerde, volgden andere merken en modellen vanzelf. Navigatie, grote velgen, parkeersensoren: idem dito. Toen BMW in 2008 de X6 introduceerde, een SUV die eruitzag alsof iemand had geprobeerd om een walvis op het dak te binden, zagen we de bui dan ook al een klein beetje hangen. Het is nieuw, het is raar, het duurt vast niet lang voordat iedereen dit wil.

Nou heeft het betrekkelijk lang geduurd voordat SUV-coupés compacter en betaalbaarder werden, maar inmiddels zijn deze rank-lompe verschijningen aardig vertegenwoordigd. Renaults bewering dat er in het c-segment nog geen rondreden, delen we niet: de Audi Q3 Sportback, de BMW X2 en de Cupra Formentor vallen toch echt in die categorie. Die zijn echter allemaal ‘priemiejum’ en dus een beetje aan de prijs. De Renault Arkana zoals je ’m hier ziet, begint in Nederland bij 32.390 euro (30 mille in België). Vergelijk dat met de minimaal 44 mille van die Cupra (die overigens ruim 10 centimeter korter is) en je beseft: Renault heeft hier wel degelijk iets nieuws aangeboord.

Op zich zijn wij altijd in voor een beetje reuring en opschudding, maar laten we voorzichtig stellen dat de SUV-coupé niet onze favoriete carrosserievorm is. Een ruime auto zijn ruimte afnemen: we hebben er het nut nooit zo van ingezien. Maar ach, dat riepen we dertien jaar geleden ook al over de X6 en het was duidelijk aan dovemansoren gericht, dus we zullen er verder over ophouden.

De naam Renault Arkana is er al een tijdje

De Renault Arkana, dus. Wie heeft opgelet, zag de naam een paar jaar geleden al langskomen op een soortgelijk model dat was bestemd voor onder meer de Russische markt. Voor Europa en delen van Azië hergebruikt Renault de naam nu, maar de auto is compleet anders. Alleen het dakpaneel is uitwisselbaar. ‘Onze’ Arkana heeft geen vierwielaandrijving, kent kleinere en schonere aandrijflijnen en is luxer aangekleed om ons verwende westerlingen tevreden te stellen.

Als je de Renault Arkana op de foto’s ziet, lijkt het een flinke jongen, maar in het echt valt het mee. Hij is iets langer en lager en heeft een langere wielbasis dan een Kadjar, waarop ie overigens niet is gebaseerd. Hij staat op het platform van de Clio en Captur en wordt gebouwd in Zuid-Korea. Hij vervangt dan ook geen bestaand model en is echt een aanvulling op het gamma. Renault beweert dat de ruimte achterin riant is, maar heel eerlijk gezegd moet je geen wonderen verwachten. We zien hun inspanningen om hoofdruimte te creëren – de achterbank staat vrij laag en is iets gekanteld – maar voor iemand van pakweg 1,85 meter gaat het allemaal maar net. Bij een aanrijding van achter is het hemeltje je hoofdsteun. Ook de beenruimte is zo-zo, terwijl dat bij bijvoorbeeld de Golfs van deze wereld tegenwoordig juist zo dik voor elkaar is. Voor je hippe uitstraling moet je dus wel iets inleveren.

Je gaat de Renault Arkana niet heel vaak zien

Nu is de Arkana ook niet bedoeld als volumemodel. In Nederland biedt Renault ’m alleen aan als E-Tech hybride (zonder stekker) en in drie schappelijke uitrustingsniveaus. Hij is dus een imagebuilder die best een beetje exclusief mag blijven – al verkochten ze al 100 exemplaren voordat de auto ook maar een wiel op Nederlandse bodem zette.

Ook de instapper is al goed uitgerust en de RS Line die we hier hebben, heeft alles wat je wilt. Mooi leer met alcantara en rode stiksels, wat koolstofvezelachtige plakjes, forse displays, mooie aluminium knoppen. Het is een keurig geheel, strak vormgegeven en goed doordacht. De chique transmissiehendel staat in schril contrast met de krakende budgetjoystick die Renault nog maar een paar jaar geleden in de Espace presenteerde. Van het staande infotainmentscherm van het merk zijn we niet altijd fan geweest, maar het is inmiddels best oké en er hoeft niet al te diep in de menu’s te worden gegraven om dingen gedaan te krijgen.

Geen toerenteller

Renault heeft besloten dat het voor jou niet langer nodig is om een toerenteller te hebben. Zelfs in de Sport-stand verschijnt ie niet – een grappige keuze, maar in feite is zo’n teller in deze tussenfase op weg naar vol-elektrisch ook niet langer van belang. Zelf schakelen kan toch al niet meer. In plaats van je toeren krijg je nu een powermeter te zien die de verdeling tussen benzine en elektrisch aangeeft. Ook niet heel nuttig, maar meer in lijn met dit groene tijdperk.

De E-Tech-aandrijflijn is bekend uit andere Renaults. De 1.6 benzine-viercilinder (zonder turbo) en twee kleine elektromotoren leveren samen 143 pk. De accu is compact en dus snel leeg, maar ook weer snel vol – hij danst heen en weer tussen pakweg een kwart en driekwart lading. Zeker als je de B-stand op de transmissie selecteert, die regenereert als een dolle en zo haast fungeert als éénpedaalsmodus, rijdt de Arkana regelmatig enkel elektrisch. Er is ook een EV-knop voor als je dat wilt afdwingen, maar die is eigenlijk overbodig. Renault legt de link met hun F1-auto en hoewel dat vergezocht lijkt, worden daar qua energieterugwinning ongetwijfeld goede lessen uit getrokken. De systemen in de Arkana zijn mooi op elkaar ingespeeld en voelen aan als een soepel werkend geheel. Precies wat je wenst van een hybride – zuinig rijden zonder dat je er omkijken naar hebt.

Het vreemde knopje in de Renault Arkana

Er is een mysterieus knopje met een ventilator erop, maar erop drukken heeft vreemd genoeg geen effect op je airco. Dat komt doordat het geen ventilator is, maar een bloemetje: Renaults aanduiding voor de ‘Multi-Sense’-rijmodi. Deze beïnvloeden de aandrijflijn, de besturing, het instrumentenpaneel en de sfeerverlichting. Vooral bij de besturing is het verschil aanzienlijk: vederlicht in My Sense, flink zwaarder in Sport. Het onderstel is niet instelbaar, maar heeft van zichzelf al een aardige balans te pakken. Als we een dijkweggetje licht begeesterd aanvallen, blijkt de carrosserie weinig over te hellen, en zelfs op een iets verzakt gedeelte met vreemde verkantingen blijft de boel goed onder controle. Bij hogere snelheden worden oneffenheden mooi afgerond, maar traag over korte hobbels komen deze ietwat stevig door. Het is een SUV, dus dat mag ook best.

Daarover gesproken: de hoge zit die mensen aan dit soort auto’s zo waarderen, stond bij Renault kennelijk boven aan de prioriteitenlijst. Niet alleen de auto zelf, maar ook de voorstoelen zijn hoog. Zelfs in de laagste stand staan je benen meer naar beneden dan naar voren en toren je uit boven het dashboard en het stuur. Bij ons ligt de bovenkant van het deurpaneel precies op ellebooghoogte. Dit alles draagt eraan bij dat je in het verkeer goed overzicht hebt en je helemaal het SUV-heertje voelt.

Niet zo heel vlot

De Renault Arkana E-Tech 145 komt overigens aardig mee, maar een sprinttijd van 0 naar 100 in 10,8 seconden mag in 2021 niet echt vlot meer heten. Zeker gezien het relatief bescheiden leeggewicht (want kleine accu) van 1.410 kilo hadden we op iets meer voorwaarts enthousiasme gehoopt. Wel is de aandrijflijn erg stil, en ook van het wegdek of de wind dringen er in de Arkana weinig hinderlijke geluiden door. In de EV-modus onder de 30 km/u klinkt een (verplicht) bescheiden zoemgeluidje om voetgangers te waarschuwen. Ook voor jezelf is het een aardig geheugensteuntje – de auto is zo stil en trillingvrij dat je anders niet door zou hebben dat je elektrisch reed.

Zoals gezegd wordt de Arkana in Nederland geleverd in drie uitvoeringen: Zen, Intens en RS Line. Je krijgt altijd led-verlichting rondom, cruisecontrol, verwarmde buitenspiegels, klimaatcontrole, een achteruitrijcamera en meer van dat soort moois. De Zen voegt onder meer adaptieve cruisecontrol, rijmodi, een groter scherm, een elektrische handrem en 18-inch wielen toe. Bij de RS Line krijg je wat uiterlijke aanpassingen, een automatisch inparkeersysteem, een draadloze telefoonlader en verwarming in je stuur en in je (elektrisch verstelbare en met leer beklede) stoelen. Het prijsverschil tussen de twee uiterste uitvoeringen? Nog geen 5.000 euro.

Waarom de Arkana toch uniek is

En dat brengt ons opnieuw bij de reden waarom de Renault Arkana welbeschouwd een uniek geval is. Ja, die Cupra Formentor waar we het eerder over hadden mag dan een plug-in hybride zijn die veel krachtiger en sneller is, maar als je ’m een beetje aankleedt, gaat ie zo voorbij de 50 mille. Bij Audi en BMW zijn de prijzen voor hun compacte SUV-coupés al snel nog hoger. Wie heeft er een leuke, goed smoelende, rijk uitgeruste aanbieding voor tussen de 30 en 40 mille? Niemand – behalve Renault.

We zullen deze carrosserievorm wel nooit echt leren waarderen, maar we stellen wel prijs op het trickle-down effect van originele ideeën uit de hogere klassen naar auto’s voor alleman. Het feit dat Renault de sprong waagt, gecombineerd met een slim toegepaste aandrijflijn (een duurdere PHEV-versie volgt als er vraag naar blijkt te zijn), is voor de diversiteit in de middenklasse alleen maar te prijzen. Goed bezig, les amis – en hou die insteek vast.

De niet-hybride Arkana in België

In Nederland is het aanbod van de Arkana dus simpel. Eén aandrijflijn, drie uitrustingsniveaus. Maar in België, waar men zich belastingtechnisch niet blindstaart op het CO2-getalletje, kun je de Arkana ook krijgen als TCe 140. Hij is dan uitgerust met een 1,3-liter benzine-viercilinder gekoppeld aan een zeventraps EDC-automaat.

Deze versie is een fractie goedkoper dan de hybride, maar is wel iets sneller. Hij gaat in 9,8 seconden van 0 naar 100 en haalt een top van 205 km/u, tegen een gemiddeld verbruik van 5,7 tot 5,9 l/100 km en een uitstoot van 130 tot 134 g/km. De Arkana TCe 140 is in België vanaf 28.600 euro te krijgen. (Om die Formentor er maar weer bij te trekken: ook daarvan is in België een niet-­hybride 1.5 TSI te koop. Die kost 33.800 euro.)

En die Russische Arkana? Die staat op het platform van de oude Dacia Duster en komt met een 150 pk sterke turbomotor en vierwielaandrijving (7,2 l/100 km, 162 g/km CO2). Nee, daarmee zou het prijsvoordeel in Nederland aardig snel verdampen…

14
20
Specificaties

Specificaties Renault Arkana E-Tech 145 RS Line (2021)

Motor
1.598 cc
viercilinder hybride
143 pk @ 5.600 tpm
205 Nm @ 3.600 tpm
Aandrijving
voorwielen
6v automaat
Prestaties
0-100 km/u in 10,8 s
top 172 km/u
Verbruik (gemiddeld)
5,0 l/100 km
112 g/km CO2 (A-label)
Afmetingen
4.568 x 1.821 x 1.576 mm (l x b x h)
2.720 mm (wielbasis)
1.410 kg
50 l (benzine)
480 / 1.263 l (bagage)
Prijzen
€ 37.290 (NL)
€ 33.500 (B)

Reacties

Geef een antwoord

(verplicht)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken