‘s Werelds snelste tank*

* Alleen als je hem off-road rijdt, maar waar anders zou je met een tank heengaan?

Bij TopGear houden we van extremen. Toch hadden we nooit gedacht ooit radicale oorlogs-machinerie te testen.

Je zou misschien denken dat we starten met vertellen over de lasergeleide robo-gun. Een slim apparaat dat zelf verre doelen opspoort en vernietigd. Of met de gecamoufleerde sideskirts. Die kunnen worden voorzien van warmtecellen die van vorm veranderen. Als ze door radar worden gedetecteerd, laten deze het gevaarte er als een koe uitzien. Maar nee. In plaats daarvan, en omdat dit een verstandige test is, moeten we beginnen met de op één na meest belangrijke eigenschap van deze ruim vier miljoen euro kostende Zweedse alleskunner: het rijcomfort.

Hij heet CV90 Armadillo en het is het eerste voertuig op rupsbanden ter wereld dat is voorzien van actieve vering. Dat betekent dat dit gevaarte hobbels en bobbels absorbeert zoals geen enkele tank ooit heeft gedaan. Dankzij deze techniek is de Armadillo maar liefst 40 procent sneller in ruig terrein. Zoals een auto met adaptieve demping, verstijft of verzacht de Armadillo voortdurend z’n onderstel om de ondergrond beter de baas te kunnen. In plaats van op en neer bonken, blijft deze tank lager en meer horizontaal. Als je ooit hebt geprobeerd om te schieten vanaf een snel rijdende tank, snap je waarom dit een goede eigenschap is.

De Armadillo wordt gemaakt door BAE Systems in Zweden, in dezelfde fabriek waar ooit auto’s van Alvis van de band liepen. De Armadillo is de nieuwste loot aan de CV90-stam, maar wat je ook doet, noem ‘m geen tank. Hij is, zo wordt mij verteld, een gevechtsvoertuig voor de infanterie. Hij is ontworpen om zich snel voort te kunnen bewegen, in een hinderlaag te liggen, op luchtdoelen te jagen en om z’n inzittenden te beschermen tegen bomexplosies die je benen van je romp blazen en je een hartstilstand bezorgen. ‘Stel je 100 ton TNT voor die tien centimeter onder je kont explodeert’, vertelt een ex-legerinstructeur die anoniem wil blijven. ‘Dan heb ik het over een kracht van 100- tot 300.000 g. Dat kan aardig oncomfortabel worden.’

Of het officieel nou een tank is of niet, aan beide kanten zitten rupsbanden, bovenop zit een kanon, hij weegt 30 ton en de pantserbeplating is zo dik als een stenen muur. Hij ziet er dus nogal tankerig uit en hoewel de Armadillo nog niet aan de eerste betalende klanten is geleverd, gaan ze me erin laten rijden.

Om in de cockpit te komen, moet je eerst via een één meter lange ladder de motorkap op klimmen, voordat je jezelf via een mangat naar beneden laat zakken. Daarbij bungelen je benen onder het luik totdat je kont in de canvas bestuurdersstoel zakt. Die is opgehangen als een babywieg en speciaal op deze manier ontworpen om te zorgen voor genoeg frisse lucht tussen je rug en mogelijke brandbommen. Op deze plek, in mijn tankerige hangmat, zie ik voor het eerst de bedieningsinstrumenten.

Ik verwachtte een serie primitieve hendels en knoppen, maar kennelijk is tanktechnologie sinds de Tweede Wereldoorlog geëvolueerd. Tegenwoordig kan dus iedereen die in staat is om auto te rijden het besturen van dit apparaat onder de knie krijgen. Er is een pedaal voor de remmen en een ander voor het gas. Het stuur is vormgegeven in U-vorm. Bovenop bevinden zich hendels om de ruitenwissers te bedienen (ik hoopte op raketten, maar goed). Aan boord ligt een 16,0-liter V8 diesel geleend van een Scania-vrachtwagen. Het vermogen bedraagt 810 pk en de motor is ongeveer 30 centimeter rechts van mijn hoofd geplaatst.

De rest van de instrumenten is een mix van luchtvaart-achtige klokken en meer bekende knoppen met icoontjes voor verwarming en airco. Alles past precies, een beetje zoals in de cockpit van een straaljager, hoewel ze vandaag het luik openlaten zodat ik een beetje kan zien waar ik ben. Gelukkig ben ik niet alleen, want wat je over het besturen van een tank moet weten, is dat je een tank niet echt bestuurt. Zeker, je drukt op de pedalen en draait aan het stuur waarmee je 30 ton metaal in beweging zet, maar de commandant deelt de lakens uit. Soms letterlijk.

Houd een knop ingedrukt en de motor slaat aan (in het kader van deze test moet ik melden dat er wat gekletter klinkt, maar we hebben erger meegemaakt). Bedien het gaspedaal en het toerental zwiept voor zo’n reusachtige turbodiesel opmerkelijk snel omhoog, maar met een maximum van 2.500 omwentelingen wordt het nooit een gekkenhuis. Schuif de versnellingshendel in D en het toerental stijgt kort waarna we in beweging komen – zo makkelijk is het. Dit exemplaar is voorzien van rubber rupsbanden, dus in plaats van dat ie klinkt als een trappelend monster met ontelbaar veel hoeven, beweegt ie zich tamelijk geruisloos. Sterker: de dikke diesel maakt meer lawaai dan de rupsbanden. Ik word intussen in mijn hangmat zachtjes heen en weer gewiegd.

Het stuur is voorzien van reliëf in de vorm van knobbels voor extra grip. In tegenstelling tot een traditionele stuurkolom die is verbonden met een paar voorwielen die hun hoek aanpassen als reactie op jouw stuurbewegingen, stuur je een tank via de transmissie. In andere woorden: als je het stuur naar links beweegt, gaat er minder kracht naar de linker rupsband terwijl de daartegenover liggende band meer vermogen krijgt. Als een kant sneller beweegt dan de andere, draait de tank in de richting van de langzamere kant. Op het moment dat ik aan het stuur draai, draait het hele gevaarte mee naar de ene of de andere kant. In neutraal en volledig gesperd, wordt al het vermogen van één kant geknepen en gaat alles naar de andere kant. Op deze manier kun je ter plekke donuts draaien. Tankdonuts: meer plezier kun je waarschijnlijk niet in een oorlogsmachine hebben.

Zo komen we uit bij het onderstel. Diep in z’n buik heeft de Armadillo gyroscopen, versnellingsmeters en slipmeters die hun data allemaal doorgeven aan een ‘skyhook algoritme’. Dit rekent vervolgens de mate van beweging van het monster uit. Als het systeem bijvoorbeeld detecteert dat de neus een bobbel raakt, geeft het dit bliksemsnel door aan de achterkant die zich vervolgens schrap zet om de klap op te vangen. Hoe? Kijk maar eens in de rupsbanden. Er zitten zeven wielen aan iedere kant. Ieder exemplaar is aan het chassis bevestigd via een achterbrug, net zoals de achterkant van een motorfiets. In een passief systeem zou de arm zijn eigen ding doen, maar hier kan hij zich aanpassen om een hobbel op te vangen waarna hij bij het neergaan wordt afgeremd om te voorkomen dat de tank opveert.

Het werkt allemaal schrikbarend goed. Mijn ogen en oren vertellen me dat ik met 80 km/u over oneffenheden rijd, maar mijn lichaam blijft gedurende de tijd dat we zo diverse obstakels passeren op dezelfde plek. Als ik vanuit een van de luiken bovenop een machinegeweer zou bedienen zou ik vrijwel zeker doel missen, maar met een kleinere marge dan bij normale vering. Ik zou misschien zelfs niet eens een trekker hoeven over te halen – de optielijst omvat op afstand bedienbare wapens en luchtafweersystemen ontworpen om helikopters uit de lucht te schieten. De laatste gedachte van de verraste piloot is ongetwijfeld hoe het in hemelsnaam kan dat een koe die raket afvuurde. Geen slechte truc voor een tank die eigenlijk geen tank is.

Pas op voor de supertank

Typisch, of niet? Je wacht eeuwen op een tank met hightech adaptieve vering en dan verschijnen er ineens twee tegelijkertijd.

Dit exemplaar heet de Ripsaw EV-2. Hij heeft, net als de Armadillo, actieve vering waarmee ie over bijna alles heen kan rijden dat stom genoeg is om z’n weg te versperren. Tevens is ie in staat om op ijs enorme drifts te maken.

Howe & Howe Technologies is het bedrijf dat erachter zit. De firma is geen vreemde in de wereld van de gepantserde auto’s en het maken van militaire voertuigen voor bijna ieder doeleinde of iedereen, onder wie paranoïde arctische boeven die een snelle aftocht over een bevroren meer zoeken.

Eerder heeft het uit de VS afkomstige bedrijf gepantserde voertuigen ontwikkeld die een uitbarstende vulkaan kunnen beklimmen om deze vervolgens te doven, maakte het op afstand bestuurbare microtanks voor SWAT-teams en zelfs bewapende rolstoelen voor gehandicapte ex-worstelaars die van jagen houden.

In tegenstelling tot de Armadillo, die een elektro-hydraulisch dempingssysteem heeft, is de vering van de Ripsaw pneumatisch. Hij weegt veel minder dan een echte tank, dus hij beschermt je misschien niet tegen de meest heftige bermbommen, maar hij heeft wel het voordeel van een centraal geplaatste V8 met supercharger en een vermogen van 650 pk. Je kunt er ook nog eens mee schakelen.

De Ripsaw kan eveneens springen, ploegen en driften. Als de dag des oordeels komt, wil je dit apparaat in je garage hebben staan.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken