Autotest: Subaru Justy 1.0 Comfort S

Zeg eens eerlijk: waar denk je aan bij Subaru? Aan de Impreza, toch? Liefst een dikke. De Legacy, Forester, Outback – die ken je waarschijnlijk ook wel. Maar een Justy?
 
Subaru is een stront-eigenwijs merk. Ze hebben zo hun stokpaardjes en daar houden ze ook aan vast. Een Subaru heeft altijd vierwielaandrijving (of is daar in ieder geval mee leverbaar) en een boxermotor. Dat is nou precies het soort eigenwijsheid waar we van houden, want vierwielaandrijving is fijn, veilig en handig, en een boxermotor klinkt mooi en presteert prima. Komt bij dat Subaru Japans is en Japanners gaan nooit kapot, wat altijd meegenomen is.
 
Het jammere is echter dat Subaru minder eigenwijs is naarmate de auto’s kleiner worden. De vorige editie van de kleinste auto van het merk, de Justy, was al niet echt helemaal een Subaru, want gemaakt in samenwerking met Suzuki. Daar was mee te leven. Ook dat merk heeft iets met vierwielaandrijving, en de donorauto Ignis was er ook als 4WD, waardoor ook Subaru fijn een Justy met aandrijving op alle wielen in het programma kon houden.
 
Maar dat was toen en dit is nu. Inmiddels heeft Toyota een belang in Subaru verkregen, en meteen een einde aan de samenwerking met Suzuki gemaakt. ‘Ga maar naar onze dochter Daihatsu’, lijken de Toyotezen tegen Subaru gezegd te hebben. Met blijkbaar de toevoeging dat het allemaal niets mag kosten, want de nieuwe Subaru Justy is niets, maar dan ook niets meer dan een Daihatsu Sirion2 met een ander merkplaatje. Is die Sirion er met vierwielaandrijving? Nee dus. Exit uniek punt van Subaru.
 
Dat lijkt niet zo’n punt, want wie zit er nou te wachten op vierwielaandrijving in zo’n klein autootje? Nou, moet je vooral eens in Zwitserland, Oostenrijk of de wat Alpenrijkere gedeeltes van Italië gaan kijken – word je links en rechts van je sokken gereden door dat soort autootjes.
 
De nieuwe Justy is zelfs zo’n schaamteloze kopie van de Sirion dat hij door het leven moet met twee logo’s. Subaru heeft dat namelijk altijd in de grille zitten, en Daihatsu op de motorkap. In die motorkap zit dus een gaatje voor het schroefje van dat logo. Ze gaan bij Daihatsu natuurlijk niet speciaal voor Subaru gaatjesloze motorkappen maken, en dus heeft de Justy een of ander fantasieschildje extra, waar je met moeite en eindeloze inspiratie wellicht een ‘J’ van Justy in zou kunnen herkennen. Technisch zijn de aanpassingen al even miniem. Subaru heeft een iets stuggere demping gekozen. Dat was het.
 
De hamvraag is natuurlijk: is dat allemaal erg? Hangt ervan af. Als je nu eenmaal graag een Subaru wilt omdat je dealer zo’n aardige vent (m/v) is, maakt het niets uit. Er is op zich niet zo erg veel mis met de Sirion2 en dus ook niet met de Justy. Het ziet er van binnen best aardig uit, je hebt de ruimte (zelfs achterin) en je kunt overal je rommel kwijt. Rijden doet het bepaald niet beroerd. Niet groots, maar het kan erger. De besturing laat je zelden voelen waar je rijdt en het driecilinder-motortje doet slechts wat hij moet doen, zonder veel te verbruiken of uit te stoten. Schakelen en remmen gaan probleemloos. Al met al is het basisvervoer zonder funfactor, maar goed, er zijn zat mensen die dat willen. De uitrusting is oké: airco, elektrische ramen en een stereo zijn standaard.
 
Als je echter houdt van eigenwijsheid en een hekel hebt aan overbodigheid, dan is de nieuwe Justy heel erg. Hij voegt niets toe en levert, zeker door het ontbreken van (de mogelijkheid van) vierwielaandrijving eigenlijk alleen maar Subaru-karakter in. We vragen ons af of Subaru dat moet willen…

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken