Autotest: Suzuki SX4 1.6 VVT Exclusive

Als hij een straat zou zijn, kon geen TomTom ‘m vinden: de Suzuki SX4. Maar hij is wel vernieuwd.
 
Als je nooit eerder een Suzuki SX4 hebt gezien, dan zal het je ook niet opvallen dat hij vernieuwd is. Als je ‘m wel eerder hebt gezien, waarschijnlijk ook niet. Dat heeft een heel simpele oorzaak. De meeste SX4’s die hier verkocht werden (en geloof ons: dat werden ze), waren uitgerust met een pakket dat ze er wat stoerder liet uitzien: dakrails, stootplaatjes aan de zijkanten, donkerder glas achter, bodembeschermertjes – net dat beetje extra. Nou, dachten ze bij Suzuki, als iedereen dat kennelijk wil, dan gooien we dat er toch bij de facelift allemaal standaard op? Ja ja, nooit zeggen dat het daar bij Suzuki geen sympathieke jongens zijn.
 
Een van de redenen van de niet overweldigende populariteit van de SX4 (om over die van zijn tweelingbroer, de Fiat Sedici, maar te zwijgen) is waarschijnlijk het feit dat het volstrekt onduidelijk is wat voor een auto het is. Een micro-SUV komt misschien nog het meest in de richting – je kunt ‘m tenslotte ook met vierwielaandrijving krijgen. Maar ‘micro’ en ‘SUV’, dat is zoiets als happy hardcore gespeeld door een symfonieorkest – het zit elkaar eerder in de weg dan dat het elkaar aanvult. Suzuki houdt het zelf dus maar op een ‘stoere gezinsauto’ (…) en schuwt zelfs de term ‘crossover’ niet. Nou ja.
 
Er werd nog wat meer gewijzigd. Andere klokken in het dashboard en een infodisplay met je verbruik en actieradius en zo, de aircobediening werd aangepast, de bekleding gewijzigd en, jawel, stoelverwarming werd standaard. Dat zegt misschien iets over de kennelijk kouwelijke clientèle. Verder werd ook de motor, een 1,6-liter benzinetype, gemoderniseerd. Onder meer andere materialen en een gemodificeerde kleptiming leverde 10 procent meer vermogen op (nu 120 pk) bij een 8 procent lager verbruik en een 10 procent gereduceerde CO2-uitstoot. Mooi meegenomen. Nog mooier is het feit dat schijfremmen achter nu (eindelijk!) standaard zijn, net als esp en zes airbags. Het knalharde plastic in het interieur mocht blijven.
 
Rijden is nog altijd niets om echt warm van te worden. De vering is nog comfortabeler gemaakt, waardoor je maar het best gewoon rechtuit kunt blijven rijden. Voor een bocht zet je hem stil, draait het stuur, stapt uit, duwt hem de bocht door, stapt weer in en rijdt verder. Dat is het comfortabelst voor iedereen. De 1.6-motor, de bak en de remmen doen hun best, maar vallen verder niet op – wat we als compliment bedoelen. Een SX4 is vervoer, maar niet echt voor jou. Meer voor je ouders. Of nee: de ouders van je ouders.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws