Autotest: Honda FCX Clarity

Aan waterstof kleven wat herinneringen die we hier liever niet ophalen. Maar in deze eerste door waterstof aangedreven productieauto verdampen je vooroordelen vliegensvlug.
 
Het is een tikkie ironisch dat de wereld niet klaar is voor een auto die ruim tien jaar geleden werd aangekondigd. Toch is dat het lot van de Honda FCX Clarity, de waterstofauto die een brandstofcel aan boord heeft en alleen maar water uitstoot. Misschien zijn we ‘m uit het oog verloren tussen al die alternatieven die er in de tussentijd op de markt zijn gekomen: ethanol, bio-ethanol, hybride, elektrisch en ga zo maar door. Of misschien koppelden we ‘waterstof’ gelijk aan ‘bom’ en zochten we dekking.
 
Wat de reden ook mag zijn, het was verkeerd om deze techniek links te laten liggen. Op verschillende onderdelen pakt de Honda FCX Clarity punten. Om er eens een paar te noemen: waterstof kan overal gemaakt worden waar water en elektriciteit zijn. Je hoeft er niet voor te boren of grondstoffen aan te voeren. Waterstof neemt als brandstof weinig ruimte in beslag en kan eenvoudig worden bijgetankt. Dat lukt je niet met accu’s. Waterstof is vrij van giftige uitstoot, dus de Honda veroorzaakt tijdens het rijden geen verontreiniging. De ontvlambaarheid van waterstof is lager dan die van benzinedamp, dus als je als je er een vuurtje bij houdt, gaat je eigen auto als eerste de lucht in en daarna pas de FCX.
 
Klinkt als het Ei van Columbus, nietwaar? Maar voor je denkt dat ik niet verder kijk dan mijn neus lang is, geef ik meteen ook de nadelen. Op dit moment wordt waterstof nog opgewekt met behulp van fossiele brandstoffen, wat op de productieplek juist wel vervuiling veroorzaakt. Bovendien bevat de brandstofcel, die nodig is om waterstof om te zetten in elektriciteit, meer edele metalen dan alle kroonjuwelen bij elkaar. Dat drijft de prijs op tot enorme hoogten. En dan het grootste en meest praktische probleem: je kunt vrijwel nergens waterstof tanken.
 
Als je alle voors en tegens afweegt, kun je niet anders concluderen dan dat de FCX Clarity geen schijn van kans maakt om te overleven. Behalve in Californië, de enige plek ter wereld waar de auto dit jaar op de markt komt. In de Golden State kan Honda elke FCX die van de band rolt aan de man brengen. Dit is de nieuwe ecologische apostel voor de mensen die de ietwat vreemde en niet-emissieloze Prius groot hebben gemaakt. Om een idee van zijn populariteit te geven: de website met meer informatie over de auto en de mogelijkheid om er alvast één te reserveren crashte na één dag. De belangstelling was te groot.
 
Toch is dat niet het gevolg van zijn milieuvriendelijkheid. Natuurlijk zijn er een paar geitenwollensokkentypes die hun huisboom een extra knuffel hebben gegeven en een fles biologische wijn hebben opengetrokken om de komst van de Clarity te vieren. De ware reden echter is zijn exclusiviteit, want aanvankelijk worden er nog geen honderd exemplaren van gebouwd. De prijs is zwaar gesubsidieerd, waardoor zijn leaseprijs in dezelfde klasse valt als die van de BMW 3-serie of de Mercedes C-klasse. Dan is de keuze snel gemaakt, toch?
 
De carrosserie lijkt een liefdesbaby van een affaire tussen de Prius en de Passat. In ieder geval weerspiegelen de lijnen prima de moderne, onderhuidse techniek. Jammer van die auberginekleur op de testauto, liever hadden we kwikzilver gehad. Maar de heren van Honda gaven de voorkeur aan een ingetogen auto, zeiden ze. Waarschijnlijk ligt de ontwerpafdeling van het exterieur mijlenver weg van de plek waar de interieurstylisten hun werk doen.
 
Vanaf de bestuurdersstoel kijk je op een instrumentenpaneel waar Captain Kirk stikjaloers op zou zijn. Er zijn meer lichtgevende metertjes, al dan niet driedimensionaal, en informatieschermpjes dan in een ruimtevaartschip. De enige conventionele onderdelen zijn het stuur en de hendel van de richtingaanwijzer, maar dan heb je het echt gehad. Alle andere knopjes en metertjes geven continu de toestand van de brandstofcel, de accu en weet-ik-wat allemaal nog meer aan. Om te kijken of je het goed doet, hoef je alleen op de grote bal in het midden van de dashboardconsole te letten. Wanneer de auto stilstaat, brandt er in de knop een klein blauw lichtje. Trap je het gaspedaal in (ja, hoe zou je het anders moeten noemen?), dan wordt het lichtschijnsel feller en, net als de Hulk, groen van kleur. Benut je het maximale vermogen, dan verandert de knop in een grote oranje zon om je te waarschuwen voor je enorme consumptie van waterstof.
 
Het is maar goed dat die knop er zit, want het geluid dat de motor tijdens het accelereren veroorzaakt, is zeer bescheiden en trillingen voel je niet. Alles wat je hoort, is een licht turbineachtig gehuil, dat iets in volume toeneemt naarmate de snelheid stijgt. Maar als je je kruissnelheid hebt bereikt is er niets dan stilte.
 
De topsnelheid is begrensd op 160 km/u, in zeven seconden trek je vanuit stilstand op naar honderd km/u. De motor levert 140 pk, maar het is vooral het koppel dat indruk maakt. Ongeacht het toerental levert de motor 257 Nm. Je accelereert dus in één rechte lijn, inhalen is een koud kunstje. Als je het brandstofverbruik zou moeten uitdrukken in gebruikelijke termen, dan kom je op 4,2 l/100 km, met een actieradius van ruim 430 kilometer.
 
Niet alleen met zijn milieuvriendelijke technieken is de FCX opzienbarend. De stoelen maken gebruik van een nieuw verwarmings- en koelsysteem, dat erg goed werkt. Andere fabrikanten zullen het ongetwijfeld binnen de kortste keren overnemen. Dat geldt evengoed voor de constructie van de auto. De aandrijflijn neemt praktisch geen ruimte in beslag, de elektromotoren zijn namelijk verwerkt in de voorwielen. Daardoor blijft er veel ruimte in het interieur over om bijvoorbeeld mensen onder te brengen. Hij is zo’n tien centimeter korter dan een Accord. Dat maakt inparkeren een stuk makkelijker, maar tegelijkertijd heb je net zo veel interieurruimte als in limousines die een paar klassen hoger zijn ingeschaald.
 
Dan de minpunten. De auto kost één miljoen dollar, maar Honda doet (hoe toepasselijk) flink wat water bij de wijn en geeft zoveel korting op de leaseprijs dat je in verhouding alleen de fooi betaalt. Waar de Japanners echter geen oplossing voor hebben is het tekort aan vulstations. Zelfs in Los Angeles, waar een wachtlijst is voor de Clarity, zijn maar vijf waterstofpompstations. Er zijn er meer in het verschiet, maar het zal minstens tien jaar duren voordat er een sluitend netwerk met vulpunten is, vergelijkbaar met het huidige aanbod van reguliere pompstations.
 
Om dit probleem aan te pakken heeft Honda een soort oplossing bedacht in de vorm van het Home Energy Station. Dat is een kast waarmee je in je eigen garage waterstof kunt maken. De enige voorwaarde is dat er een aansluiting voor water en elektriciteit is. Dat laatste component kan ook worden opgewekt door zonne-energie, uiteraard via een pakket dat Honda zelf aan de man brengt. Er is één hele grote maar: geen onderdeel van deze installatie is de komende jaren al leverbaar.
 
Zoals gezegd is dit de ironie in het hele verhaal. Honda brengt nu de auto van de toekomst op de markt, maar de voorwaarden om ‘m te laten rijden komen pas later, veel later. Er zijn goede kansen voor waterstof als brandstof voor ons wagenpark, maar op dit moment zijn we nog aangewezen op die vieze maar o zo vertrouwde olie.

 

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken