Uitgelicht: Lunar Rover 2020

Met een prijs van een miljoen of vier (ja, dat zijn euro’s) is de maanbuggy van Nasa de meest bijzondere vierwieler op, eh, aarde. TopGear kreeg de, eh, wereldpremière.
 
Binnen tien jaar zal de mens weer op de maan landen. Sondes en satellieten hebben zich al gestort op de zoektocht naar mogelijke landingsplaatsen. Nasa bouwt raketten die ons erheen kunnen brengen, een ploeg astronauten bereidt zich voor om de volgende maanmannetjes te worden. Hun mate zijn opgenomen, hun ruimtepakken zijn in de handen van kleermakers. Ze oefenen, naar het schijnt, al op de historische woorden die ze na hun landing op de maan zullen uitspreken.
 
Dat is goed en dat is groots. Het is fantastisch dat een vooruitstrevend tijdperk dat verloren werd geacht, terugkomt. Maar de hamvraag is natuurlijk: wat gaan ze daar rijden, nadat ze eenmaal zijn geland?
 
De wereld kreeg de primeur van de nieuwe maanauto van Nasa, de 21ste-eeuwse maanbuggy, tijdens Barack Obama’s inauguratieparade in 2009. Het vehikel hobbelde achter een bende dikke trompetters aan, maakte een pirouette voor de neus van de president, en verdween. Nou ja, verdween: het wagentje keerde terug naar Houston, Texas, waar het vandaan kwam – en daar staat het in afwachting van het moment dat het in een raket wordt gestopt en de lucht in wordt geschoten. Voor het zo ver is, vroegen we aan Nasa of we er een ritje mee zouden mogen maken.
 
Vreemd genoeg zei Nasa ja. Dus namen we spoorslags het vliegtuig naar Houston, sprongen we op het vliegveld in een taxi naar het Johnson Space Center, en daar vonden we de thuisbasis van de ruimteverkeersleiding – dat tevens fungeert als het hart van het Amerikaanse ruimtevaartprogramma.
 
De nieuwe auto, die voluit de Lunar Electric Rover heet, is deel van het zogeheten Constellation-programma, de missies die ertoe moeten leiden dat er opnieuw iemand – een man of een vrouw – op de maan zal lopen. Zoals de latere Apollo-missies in de jaren zeventig dat waren, draait Constellation om keiharde wetenschap (en dus niet om romantisch avonturisme). Dat lijkt logisch: als je eenmaal de moeite hebt gedaan om de Sovjets te verslaan in de race naar de maan en daarin bent geslaagd, en er je vlag hebt geplant, zou het vervolgens niet onzinnig zijn iets nuttigs te doen met dat braakliggende gebied. De drie laatste Apollo-vluchten hadden allemaal auto’s bij zich, zodat de astronauten stenen en gruis konden verzamelen op en meenemen uit maangebieden die kilometers ver lagen van de plek waar hun ruimteschip had aangelegd.
 
Dat heeft de mensheid veel over de maan geleerd en zo werd de waarde van het hebben van een auto in de ruimte afdoende bewezen. Maar, in de woorden van een Apollo 11-ingenieur, de vroegere maanbuggy’s waren ‘niets meer dan opvouwbare golfkarretjes’. Dat mag enigszins oneerlijk zijn ten opzichte van de oude machines, het is natuurlijk wel zo dat die er uitzagen als iets wat MacGyver zou kunnen bedenken en bijeengehouden werd door middel van plakband en paperclips. De nieuwe Rover is gewoonweg veel geavanceerder.
 
Deze Rover is niet alleen een taxi. Het is een graafmachine, en een huis. Het doel van Constellation is om een station op de maan te bouwen dat moet dienen als lanceerbasis voor missies naar Mars, en daartoe zijn zaken nodig als een platform en een verblijfsruimte. De nieuwe maanauto heeft een cabine die onder druk staat waarin de astronauten tot twee weken in kunnen verblijven terwijl ze op zoek zijn naar geschikte locaties. Er zijn bedden en toiletten, en een douche – het is een soort ruimtecaravan.
 
De nieuwe Rover kan worden uitgerust met een ploeg en een schop, die de wagen omtoveren in een bulldozer die rotsen uit de weg kan ruimen en de grondoppervlakte gereed kunnen maken om er op te bouwen. Stel je een science-fictionachtige maanstad voor die vanuit het maanlandschap oprijst, met zilverkleurige gebouwen en rondhobbelende astronauten. Denk aan een plaats waar iedereen vloeibaar voedsel door een rietje zuigt en robothonden worden uitgelaten. Als Virgin-baas Richard Branson zijn zin krijgt, kun je er straks zelfs gewoon met zijn ruimtependel heen.

‘Wat Nasa met deze auto heeft gebouwd, is ’s werelds ultieme terreinwagen. Of misschien wel de beste terreinwagen in het universum’

 
Onder dat caravanachtige gedeelte van de Rover bevindt zich een buitengewoon behendig chassis, dat door de mannen en vrouwen van Nasa de ‘gouden koets’ wordt genoemd. Het heeft twaalf wielen in zes paren, die allemaal onafhankelijk van elkaar kunnen sturen en per set hun eigen motor hebben. We hebben het dus over een twaalfwiel aangedreven, op alle wielen bestuurbare machine. Elk paar wielen heeft zijn eigen ophanging die de wielen in staat stelt enerzijds over rotsen te rijden terwijl anderzijds een diepe kuil wordt genomen. Stel je een spin voor die over stenen klautert, sommige poten grijpend naar boven, andere beneden steun zoekend, terwijl het lichaam horizontaal blijft. Dat is wat je op de maan nodig hebt als je rechtdoor wilt.
 
Vanzelfsprekend is de machine geheel elektrisch, omdat een verbrandingsmotor niet werkt in het vacuüm dat de ruimte vormt. Acht accusets zijn in de vloer van het chassis geperst; samen leveren ze 1.625 Nm aan koppel. Dat is aanzienlijk meer dan een Bugatti Veyron in de melk kan brokkelen, maar essentieel omdat er moet worden gebulldozerd.
 
Plankgas doet-ie 21 km/u, zodat je zult begrijpen dat-ie is gebouwd op trekkracht en niet op snelheid. Ook bij hoge belasting heeft de Rover een actieradius van bijna 100 km, een grotere afstand dan alle Apollo Rovers op de maan hebben afgelegd. Daarna moet-ie worden opgeladen, hetgeen zal kunnen gebeuren bij zonne-energiestations die op de maan zullen worden gebouwd. Daar worden accusets opgeladen en opgeslagen, zodat de Rover er simpelweg kan aanleggen, nieuwe accu’s kan inladen en wegwezen.
 
De Rover en de apparatuur om de zonne-energiestations te bouwen zullen de ruimte in worden gestuurd door middel van een eigen raket. De oude Apollo-buggy’s werden op een soort imperiaals op de rug van de maanlanders naar de maan gevlogen, omdat er niet genoeg geld was om de auto en de bemanning gescheiden te lanceren. Constellation zal gebruik maken van twee splinternieuwe Ares-raketten – een voor de astronauten, de ander voor hun apparatuur. De twee voertuigen zullen elkaar in de ruimte ontmoeten, daar samenkomen en dan op de maan landen. Alles kan in theorie en is doorgerekend, maar goedkoop wordt het niet. Duur wel. President Barack Obama heeft al genoeg te stellen met ’s lands financiën en Nasa jongleert ondertussen met geld: een beetje voor Constellation, een beetje voor de ook nog altijd voortdurende spaceshuttlevluchten naar het International Space Station (ISS). Het is dus niet vreemd dat de prijs van de nieuwe Rover louter gefluisterd wordt. Hij kost namelijk dik vier miljoen euro. En dan zijn de ontwikkelingskosten niet meegerekend, evenmin als, zoals collega James May zojuist opmerkte toen hij de foto’s bij dit verhaal zag, de afleveringskosten.
 
Met dat buitenaardse bedrag in gedachten, klimmen we door de zijluik de Rover binnen. We gaan ‘m rijden over de maansteenbaan in Houston – een surrealistische en spectaculaire replica van de maanoppervlakte, compleet met diepe kraters en aangepaste zwaartekracht. Dit is de plak waar ook de Apollo-astronauten hebben getraind om destijds hun maanvoertuig te kunnen besturen.
 
De cabine van de Rover is in twee delen gesplitst. Er is een woongedeelte dat er kaal en klinisch uitziet, zoals het ruim van een ambulance, maar dan zonder de bejaarde met gebroken heup. De opvouwbare bedden zijn hard, gemaakt van plastic, en een volwassen man kan er net staan zonder te hoeven bukken. Voorin bevindt zich het bestuurdersgedeelte dat open en licht aandoet dankzij de grote ruiten die veel lijken op de neus van een ouderwetse bommenwerper. Het dashboard wordt gevormd door een trits schermen. Elk van de twee zitplaatsen is voorzien van een joystick, zodat de Rover vanaf beide plaatsen zowel door links- als rechtshandige astronauten is te besturen.
 
De hoofdbestuurder zit rechts voorin, voor de vooras, zodat het grootste deel van de machine zich achter de bestuurder bevindt. Je drukt op een knop onder de beeldschermen om ‘m te starten, en duwt dan de joystick naar voren om in beweging te komen. Als de overbrenging wordt ingeschakeld, trekt een heftige rilling door de auto, waarna de Rover begint te rijden onder een zacht gezoem. Vooruit en achteruit ga je door de joystick in de gewenste richting te duwen. Om te sturen, draai je het ding als een pepermolen rond. Als je 90 graden zijwaarts wilt, klik je de joystick simpelweg naar links of rechts, waarna de hele machine zich als een krab naar de gewenste kant begeeft – onder andere om perfect aan te sluiten op het oplaadstation.
 
De grip is fenomenaal. Met al die trekkracht en tractie is slippen er niet bij. In tegenstelling tot gewone auto’s, is het vrijwel onmogelijk om te voelen wat er werkelijk onder je gebeurt, omdat de wielen zo ver naar achteren staan en de ophanging de cabine zo stabiel houdt. Als je afdaalt in een krater en in je veiligheidsgordel hangt, zou je zweren dat je zo voorover in het gat verdwijnt. Maar de korte overhang en de hoge bodemvrijheid weerhouden de auto ervan tegen de rotsen te schuren, of zich uit balans te laten brengen. Het alle-wielenaandrijvingsysteem houdt je aan de bodem geplakt en trekt je zo weer recht. Wat Nasa met deze auto heeft gebouwd, is ’s werelds ultieme terreinwagen. Of misschien wel de beste terreinwagen in het universum (misschien kan Nasa dat zelf uitvogelen door ET even te bellen).

‘Zonder de Rover zou de astronaut maar wat tegen steentjes staan te schoppen op de plek waar het landingsvaartuig hem zou hebben neergezet’

 
Gedurende tests in de woestijn van de staat New Mexico, reed Nasa de nieuwe Rover tegen een stel Humvees van het Amerikaanse leger. De ingenieurs vertellen ons dat de legerauto’s na een paar dagen ‘helemaal uit elkaar lagen’, terwijl de Rover voortreed alsof er niks aan de hand was. Voormalig Apollo-astronaut en heuse maanchauffeur Harrison Schmitt testte de Rover en was wildenthousiast over de mogelijkheden en vaardigheden van de auto, waarna een ingenieur de stuurknuppel annex joystick overnam en met een zijwaartse krabbeweging bijna over de tenen van Schmitt reed. Tijdens dezelfde testperiode werden twee astronauten twee volle weken in de Rover gestopt en mochten er niet uit. Ze kregen dvd’s en muziek, net zoals ze straks op de maan zullen krijgen. O ja, de Rover heeft ook cruisecontrole.
 
Dus daar zit je dan achter je joystick, rijdend over de maan in je verwassen lievelings-T-shirt, je korte broek en je slippers, en Ziggy Stardust blaast uit de speakers. Of Brian Eno’s Apollo-soundtrack natuurlijk, en dan zie je de aarde opkomen.
 
Hoewel we rond hobbelen door de grijze, vulkanische rotstuin van Nasa, blijft het bijzonder moeilijk om je voor te stellen hoe het zou zijn om op de maan rond te rijden. Slechts zes mannen hebben dat ooit gedaan. Apollo 16-astronauten Charlie Duke en John Young waren in 1972 autotechnisch gezien de heldhaftigste van hen, omdat ze rondrijdend in een zwaartekracht die één-zesde van die op aarde bedraagt, vaststelden dat de buggy zich ‘lekker wendbaar en zweverig’ gedroeg. ‘Man, dit is lachen’, schreeuwde Duke, net voor hij het stuur in handen gaf van Young, die met de buggy de legendarische (en enige) Maan Grand Prix reed – het deel van hun missie waarin ze testten hoe de buggy zich liet rijden. Young accelereerde hard, en de Rover stuiterde door de kraters. ‘Hij komt met twee wielen los van de grond’, brulde Duke helemaal naar de controlekamer in Houston, ‘Er spuit zand op vanachter alle vier de wielen! Hij draait, hij slipt, hij schuift! Man, ik zeg het je: zo zout hebben ze het tijdens de Indy 500 nog niet gegeten. Wat een chauffeur!’
 
Toen de eerste buggy van de Apollo 15 Falcon-module werd losgekoppeld, ging het allemaal niet zo vlotjes. Het stuursysteem van de voorwielen kwam muurvast te zitten, zodat de astronauten genoopt werden met het overgevoelige achterwielstuursysteem te werken, hetgeen er voor zorgde dat er meteen powerslides op de maan te zien waren.
 
De eerste generatie Rovers had banden van draadgaas omdat rubber banden met lucht veel te zwaar bleken te zijn. Hoewel je ervan ging driften, hadden ze volop grip, waren ze stevig en reed je ze vanzelfsprekend niet lek. Voor de nieuwe Rover overweegt Nasa om Michelins zogeheten ‘tweel’ te gaan gebruiken – een combinatie van een wiel en een band die flexibele spaken gebruikt om een zompig zijvlak te creëren en die tegelijkertijd een velg ondersteunt. Evenals het draadgaas kan het niet lek gaan, zodat de astronauten niet hoeven te tossen over wie van hen de volgende band moet verwisselen.
 
Als ze de Rover wel moeten verlaten – om monsters te trekken en om hun voetafdruk voor het eerst in deze eeuw in het maanoppervlak te drukken – zullen ze dat doen door een laadpoort aan de achterkant van de cabine. Ze openen een deur en stappen vervolgens rechtsreeks in hun ruimtepakken, die aan het uiteinde van de Rover hangen als kreupele mannequins. Als ze eenmaal lekker in hun pak zitten, sluit de deur, en vormt een vacuüm voordat het pak wordt vrijgegeven en de astronaut in staat is om aan zijn maanwandeling te beginnen – en de maanbasis te gaan bouwen op de daartoe aangewezen plek. Zonder de Rover, zou hij maar wat tegen steentjes staan te schoppen op de plek waar het landingsvaartuig hem zou hebben neergezet.
 
En terwijl politici, milieustrijders en doemdenkers aankondigen dat de auto op aarde zijn langste tijd heeft gehad, vormen auto’s in de ruimte een heel ander verhaal. De Lunar Rover zal straks worden onthaald als het gereedschap dat astronauten in staat zal stellen verder te reizen en meer te presteren, het voertuig dat ons dichter bij Mars zal brengen, en het apparaat dat de toekomst vorm zal geven.
 
Specificaties van de Lunar Rover 2020
 
Prijs:
Ruim 4 miljoen euro, exclusief afleveringskosten
 
Aandrijving:
12 elektrische motoren
 
Prestaties:
Topsnelheid – 21 km/u
Koppel – 1.625 Nm
Vermogen – 37 pk
 
Transmissie:
12-wiel aangedreven; automatische versnellingsbakken met hoge en lage gearing
 
Ophanging:
Volledig onafhankelijke draagarmen; 26-inch wielen; automatische, adaptieve demping
 
Milieu:
Drukcabine met twee ruimtepakken voor maanwandelingen

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken