Autotest: Mazda MX-5 2.0i Sport

Als je de MX-5 een vrouwenautootje vindt, zal de in 2009 opgefriste versie daar niets aan veranderen. Dat was eigenlijk het enige punt van kritiek dat we konden bedenken toen de jongste versie van Mazda’s roadsterretje geïntroduceerd werd. De wijzigingen zijn subtiel, maar goed genoeg om de MX-5 verder te verfijnen. Hij zit wat scherper in de kleertjes en voor het rijgedrag is hetzelfde te zeggen, maar wie dit een auto voor eigenaren van een zonnestudio vindt, zal zijn mening vast niet bijstellen.
 
Jammer hoor. Ontdek je vrouwelijke ik en geniet en passant van het nadrukkelijker geluid dat de MX-5 maakt. Op deze versie monteerde Mazda de Induction Sound Enhancer, een slim systeem dat het geluid rond de inlaatkleppen versterkt en naar de cabine doorgeeft. Klinkt als een maffe Japanse gimmick, maar het werkt echt. De Mazda MX-5 voelt stoerder aan. Bij terugschakelen hoor je een opzwepend lurkend geluid, als je het gaspedaal helemaal intrapt gaan de toeters écht blazen.
 
Dat ISE krijg je erbij als je een 2,0-liter-versie bestelt. Op de 1.8 zit ie niet. Terecht, want de 2.0 is de beste optie. Het vermogen is met 158 pk niet extreem groot, maar je kunt wel langer doortrekken. Pas bij 7.500 tpm komt de begrenzer erin, dat was voorheen bij 7.000 tpm. Het verbruik daalde met vier procent.
 
Belangrijker is dat de 2.0 ook een vernieuwde zesbak krijgt, waar de kleine broer het met een vijfbak moet doen. Hij is preciezer dan ooit tevoren. Voor het eerst is een automaat met schakelflippers leverbaar, maar die bak moet je alleen nemen als er iets heel ernstigs met je linkerbeen aan de hand is.
 
Recaro-kuipjes en Bilstein-schokdempers zijn alleen te bestellen op de dikste MX-5. Het zijn aanraders eerste klas, want in bochten is de roadster heerlijk neutraal en gecontroleerd. De vering is gelukkig niet zo stijf dat je na een ritje de stukjes ruggengraat tussen je kiezen voelt knarsen. De wielophanging vóór werd aangepast, onder meer door de neus dichterbij het asfalt te zetten. Het gevolg is directere besturing. De tractiecontrole geeft wat meer speelruimte. Pas als je echt bang wordt, grijpt de elektronica in om de boel in het gareel te krijgen.
 

De mechanische verbeteringen zijn herkenbaar aan de scherper gesneden snuit van de MX-5. Volgens Mazda is de aërodynamica ook nog eens met twee procent verbeterd. Dat zal best, maar zelfs in het café zal je daar geen extra vrienden door maken. Om maar te zwijgen van de asfalttijgers die het liefste een spijkerharde MPS-versie willen hebben om de S2000-bestuurders het snot voor de ogen te rijden. Die pretenties heeft de MX-5 niet. Hoe prettig de vernieuwingen ook zijn, het is en blijft een innemend, open wagentje dat verre blijft van slechte prestaties. Niets meer en niets minder.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws
Tests

TopGear Nederland

Automerken