Betrouwbaarheid van kleine motoren valt tegen

Wat je al verwachtte

Foto('s): VolkswageVolkswagen 1.5 TSI Evo MotorVolkswagen 1.5 TSI Evo Motor
Foto('s): VolkswagenVolkswagen Golf 7.5
Foto('s): FordFord 1.0 Ecoboost motor
Ford Fiesta 1.0 EcoBoost 100 pk Vignale (2018)
Volkswagen 1.5 TSI Evo MotorVolkswagen 1.5 TSI Evo Motor
Volkswagen Golf 7.5
Ford 1.0 Ecoboost motor
Ford Fiesta 1.0 EcoBoost 100 pk Vignale (2018)

Als we een euro kregen voor elke keer dat we ‘leuk, die kleine motoren, maar ik ben benieuwd hoe lang dat allemaal heel blijft’ hoorden, dan hadden we nu zeker genoeg geld om de reparaties aan kleine motoren te kunnen betalen. Want, verrassing: het blijkt dat kleine pruttelende turbomotoren sneller stuk gaan.

De zogenoemde downsize-motoren overstromen sinds een aantal jaar de markt. De driecilinder turbomotortjes vervingen in veel gevallen de turboloze viercilinders omdat ze zuiniger en schoner zijn. In ieder geval op papier. AMT praatte bij met een aantal revisiebedrijven over de kleine motoren om de balans op te maken na een aantal jaar downsizen.

AMT meldt dat motoren vroeger pas echt stuk waren als het materiaal niet meer mee kon. Nu lijken autofabrikanten weinig marge in te bouwen: de blokjes worden al afgeschreven voordat ze daadwerkelijk versleten zijn. Dit is wat de revisiespecialisten te zeggen hebben.

Te veel ingewikkelde techniek

‘Het komt door al de ingewikkelde technieken die gebruikt worden om de emissies zo laag mogelijk te houden’, aldus Nick van Kessel van revisiebedrijf Rhenoy. ‘Bovendien moet alles zo licht mogelijk geconstrueerd worden en daarbij worden de grenzen van de technische en natuurkundige principes opgezocht.’

Niet genoeg testwerk

Ook worden de motoren niet voldoende getest, vindt Audi-specialist Pedro Hartog. ‘VAG-motoren zijn oerdegelijk. Ze kunnen een miljoen kilometers mee, maar dat doen ze niet. Een metalen as die draait in een kunststof huis kan je na 100.000 km vervangen. Dat kan iedereen bedenken, en toch wordt het gemaakt.’

Start/stop is ook funest

Ad de Ruiter van Rhenoy: ‘Als de motor draait, smeert een oliefilm het lager en de kruk- en drijfas. Als de motor niet draait, zakt de as direct op het lager en is er contact zonder oliefilm. Bij het herstarten van de motor is er even geen oliefilm en op dat moment is de slijtage van de hoofdlagers enorm.’ En het hele doel van een start/stop-systeem is het, eh, starten en stoppen van de motor.

Reacties

Geef een antwoord

(verplicht)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken