BMW 218d Active Tourer

BMW wil een graantje meepikken in de MPV-markt. We hebben geen idee waarom: die markt is nagenoeg over, mensen willen hippe SUV’s – geen suffe busjes. Ach ja, soms loopt BMW voor de troepen uit, soms slenteren ze er achteraan.

De bovenstaande auto is nu al een historisch hoogtepunt en de vaandeldrager voor een nieuwe wind. Deze BMW 218d Active Tourer is namelijk de eerste BMW met voorwielaandrijving. Nog even en de Paus verhuist naar Mekka. Om het nog gekker te maken: dit is de voorbode van een nieuwe generatie BMW’s. Hij wordt de stamvader van een groot aantal modellen, allemaal met verschillende carrosserietypes, inclusief vervangers voor de 1-serie en de X1. De Audi TT krijgt concurrentie in de vorm van een kleine coupé en roadster op BMW’s nieuwe platform. Een klein sedannetje moet het de CLA en A3 limousine lastig gaan maken. Dat ándere merk, Mini, gebruikt de technische basis, zij het in een smallere en lichtere vorm, al voor de huidige generatie van de hippe kar. De waslijst maakt al duidelijk hoe belangrijk deze variant van de 2-serie is.

Tegelijkertijd is dat het minst belangrijke autonieuws, simpelweg omdat het model helemaal niets toevoegt aan de markt. Haal de nieren van de neus en je ziet een doodnormale midi-MPV met ruimte voor vijf mensen, in de traditie van de Ford C-Max. Z’n eigenschappen in rijkwaliteit en praktisch gebruik zullen overeenkomstig zijn – uiteraard wil BMW daar niets van weten. De pijlen zijn zoals altijd gericht op de Mercedes B-klasse. Is er gelukkig nog één traditie in ere gehouden. Laten we niet vergeten dat de midi-MPV een uitstervend ras is. De trend werd bijna twintig jaar geleden gezet met de Renault Scénic, de eerder genoemde C-Max is ook al weer tien jaar onder ons. In die zin is BMW nogal laat. De Vinex-wijken staan nu vol quasi-terreinvaardige crossovers, het statussymbool van het moderne gezin. De 2-serie Active Tourer zal verrekte goed moeten zijn om dan toch een doorslaand succes te worden. We verklappen nu alvast: dat gaat niet gebeuren.

Het staat buiten kijf dat de 2-serie AT een prima auto is, maar hij zakt als een baksteen voor z’n MPV-examen. De achterbank heeft een rugleuning in drie delen, terwijl de Franse standaard drie individuele zetels dicteert. De bank kan heen en weer schuiven, maar een verdwijntruc zit er niet in. Noch kan het meubilair in de vloer verzinken, noch kun je het uitnemen. Het resultaat is dat wanneer je het achterdeel als laadruimte wilt gebruiken, er altijd een flinke hap verloren gaat door het aanwezige bankstel.

Zet je een paar mensen op de stoelen en banken, dan krijgen ze het niet makkelijk. BMW heeft van de 2-serie AT een echte BMW willen maken. Dat houdt in dat het onderstel een sportieve inborst heeft en dat de Beiers daar op een haast lachwekkende manier in zijn doorgeschoten. Het persbericht blaat over de prestaties op de Nürburgring (voor de liefhebbers: in minder dan negen minuten) en over de Dynamic-stand van het onderstel. Daarmee zou je overstuur elimineren. In twee opzichten is dat volledig nutteloos. In een MPV rep je niet over dat soort kwaliteiten, bovendien is een overstuurde voorwielaandrijver net zo zeldzaam als een Duitser met humor. Kom op, BMW, dit zijn kreten die voor dit soort auto’s niet gelden.


In een hoge auto als deze, is dat circuit-geleuter juist een minpunt, want een knetterhard onderstel werkt in een MPV veel harder door dan in een lage coupé. Het gevolg: oncomfortabel rijgedrag, zelfs in rechte lijn. Een bestuurder die toch de BMW-genen wil aanspreken, zal in zijn binnenspiegel alleen maar brakende en steunzoekende passagiers zien.

Ondanks deze lauwe ontvangst is het zinvol om eens naar de techniek van de Active Tourer te kijken. Die vormt namelijk de basis voor zeer veel modellen die BMW de komende jaren gaat presenteren. De hoge heren van BMW melden zelfs dat op termijn 40 procent van de modellen met een dwarsgeplaatste motor én voor- of vierwielaandrijving uitgerust wordt. Ze moeten wel, want het bestaande concept met achterwielaandrijving is niet geschikt voor compacte auto’s. De 1-serie levert het bewijs met z’n krappe interieur.

Het hele onderstel is ontwikkeld met de modulaire drie- en viercilinder motoren in gedachten. In eerste instantie komen drie exemplaren van deze motorenfamilie naar ons land: een diesel (die wij reden) en twee benzineblokken. De 218i heeft een 1,5-liter driecilinder, de 225i doet ’t met een 2,0-liter viercilinder. Die motoren kende je al uit de nieuwe Mini. De driecilinder is een prima blok in de Mini, maar in een volgepropte 2-serie lijkt hij met 136 pk toch onderbemeten te zijn. Helaas konden we dat zelf nog niet uitproberen.

‘Alles is afgesteld voor het beste bochtgedrag. Het gevolg is dat de passagiers als een soort tuimelmannetjes heen en weer slingeren’

Zoals gezegd, hadden we een BMW 218d mee voor de rit. Die heeft een 2,0-liter viercilinder met 150 pk voorin, en die gooit hoge ogen. Hij is opvallend stil en soepel en doet van 1.500 tot 5.000 tpm flink z’n best. Het verbruik houdt keurig pas met de concurrentie, maar uitgesproken zuinig is ie niet. Helemaal nieuw is de handgeschakelde zesbak, maar die mag nog even terug naar de testlaboratoria. De schakelwegen zijn erg krap en bovendien is het schakelgevoel uit balans. Je ziet er haast tegenop om te gaan schakelen.

Tijdens de verdere uitrol van het leveringsprogramma komen er xDrive-versies – dus vierwielaangedreven uitvoeringen – van de 225i en de 220d. De laatste komt er ook met louter voorwielaandrijving en krijgt in de vorm van de 216d een kleiner broertje.

De brede bouw, de korte overhang aan de voor- en achterkant en de stijve carrosseriestructuur zouden borg moeten staan voor goede rijeigenschappen en puik comfort, maar BMW heeft ervoor gekozen om te excelleren op één punt. De voorwielophanging is een technisch hoogstandje en samen met de uitgebalanceerde elektrische stuurbekrachtiging geeft dat een lekker rijgevoel. Helemaal perfect is het niet omdat de besturing wat zoekerig wordt als het volle vermogen op de wielen wordt losgelaten. Ferme reactiestangen en een fraaie multi-point achterwielophanging rekenen af met overhellen en onderstuur. Een goede prestatie voor zo’n hoge auto. Laat je op het randje van rijden en glijden het gas los, dan komt de kont heel dociel om. Een leuke gimmick die ‘m toch een beetje het achterwielaandrijvingsgevoel meegeeft, maar dat zouden we eerder op een hete 1-serie verwachten dan op een veredelde personenbus. Op de 2-serie Active Tourer slaat het eigenlijk als een tang op een varken.


Het harde onderstel doet afbreuk aan het comfort en dat is bij een auto die zo nadrukkelijk op praktisch gebruik is afgestemd geen handige zet. Alles is afgesteld voor het beste bochtgedrag, maar het gevolg is wel dat op een slechte weg de passagiers als een soort tuimelmannetjes heen en weer slingeren.

Zit je achter het stuur dan voel je een vreemde mix van het aloude BMW-karakter, overgoten met een MPV-sausje. Zoals in elke mono-volume zit de voorruit ver van je neus vandaan, blokkeren de a-stijlen je zicht en zit je hoog op de bok. Je zet je voeten op de pedalen in plaats van ertegenaan. Aan de andere kant heb je wel de bekende BMW-klokken voor je neus en de iDrive is ook paraat in zijn bekende vorm. Een head-up display is leverbaar, maar de rijgegevens worden niet – zoals bij andere BMW’s – geprojecteerd op het raam, maar op een los schermpje dat op het dashboard staat. Een budget-oplossing die we ook uit diverse Peugeots kennen en uiteraard uit de nieuwe Mini.

Des BMW’s is de optiemogelijkheid voor een interieur met leer en hout. De testauto was ingericht volgens de laatste Vinex-trends, dus met een hip binnenwerk. Ook al zo’n indicatie dat BMW de pijlen op het gezin richt. Voor papa’s en mama’s met ambitie: binnen een jaar komt er ook een zevenzits versie.

De reacties op de Activity Tourer zijn niet van de lucht. Bij eerdere berichten op deze site en social media-kanalen konden de lezers er maar niet over uit dat BMW een MPV op de markt brengt. De meeste reacties die we lazen herkenden we van eind jaren negentig, toen de X5 werd aangekondigd. Toen werd het idee van een would be-terreinauto van het edele merk ook niet bepaald met gejuich ontvangen en we weten allemaal hoe groot het succes van de grote SUV is. Zelfs de grootste BMW-adept zet zijn X5 zonder blikken of blozen naast zijn M3. Daarnaast: een minder aansprekend model hoeft toch geen invloed te hebben op een compleet merk. Neem Mercedes-Benz. De verkopen van de SLS AMG raakten heus niet in het slop toen de Renault Kangoo werd gerebadged tot Mercedes Citan.

Het grootste probleem van de Active Tourer zit ’m in de timing. Toen de eerder genoemde X5 op de markt kwam, was het segment van SUV’s in opkomst. De midi-MPV is echter flink op z’n retour. De C-Max moet qua verkopen zijn meerdere erkennen in de Kuga. Ook Opel heeft aangekondigd dat de aanvankelijk zo succesvolle Zafira en Meriva opvolgers krijgen die meer tegen een SUV aan schurken. Opvallend genoeg doet BMW zelf ook heel hard mee met de trend: er wordt keihard gewerkt aan de nieuwe X1 en Mini Countryman. Zoals gezegd: deze staan op het onderstel van deze 2-serie.

Dan nog een laatste punt. Onlangs gaven we bij de rijtest van de 4-serie Gran Coupé nog een minicollege over de consistentie in typebenamingen van BMW. Om kort te gaan: gewone auto’s krijgen een oneven nummer, de even nummers zijn bedoeld voor modellen met een sprankje meer emotie. In dat licht bezien had de Active Tourer zeker onder de 1-serie moeten vallen, maar om het imago wat op te poetsen mocht hij toch aansluiten bij de hippere 2-serie. Puur een marketingtrucje en op het moment dat je als merk dat soort geintjes nodig hebt om een product beter in de markt te zetten, geef je zelf al aan dat je te weinig fiducie in de kwaliteiten hebt. Dus draait je maag om bij het zien van de 2-serie Active Tourer, wees dan gerust: zo vaak zal je ‘m niet tegenkomen.

7
20
Specificaties

BMW 218d Sport Active Tourer

7/20

Motor
1.995 cc
viercilinder turbo
150 pk / 330 Nm

Aandrijving
voorwielen
6v handbak

Prestaties
0-100 km/u in 8,9 s
top 206 km/u

Verbruik/milieu
4,1 l/100 km
109 g/km CO2, C-label

Afmetingen
4.342 x 1.800 x 1.555 mm (l x b x h)
2.670 mm (wielbasis)
1.450 kg
51 l (diesel)
468 / 1.500 l (bagage)

Prijzen
NL € 33.900
BE € 29.750

Het vonnis
Voorbode van een deel van BMW’s toekomst, maar als MPV niet bepaald geslaagd: hij is te hard, te onpraktisch en komt zo ver achter de MPV-troepen aan dat een succes niet voor de hand ligt. Na de X4 doemt een nieuwe BMW-misser op

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken