Jaguar F-Pace trotseert Montenegro

De Jaguar F-Pace kan zowel het ruige als het sportieve werk aan, aldus zijn makers. Montenegro heeft precies de goede wegen om daarachter te komen

Montenegro is een merkwaardig land. Voor zover mijn indrukken reiken, is de nationale hobby afval langs de weg dumpen. En terwijl de meeste mannen nors, dik en kaal zijn, lijken zo’n beetje alle vrouwen Miss World-kandi­daten. Ik bezit niet de kennis om dat gene­tische fenomeen te verklaren. Maar mocht je van vrouwelijk schoon houden, dan raad ik je aan om onmiddellijk naar Montenegro te verhuizen. (En – als je die stap toch al neemt – daar meteen maar een Jaguar F-Pace te kopen.)

Je twijfelt? Hoeft niet – er zijn nog andere voordelen, zoals het gegeven dat je je overal van je afval kunt ontdoen (gewoon langs de weg is goed). De plaatselijke prosciutto is uitzonderlijk (nee, echt) en de landschappen zijn werkelijk de mooiste ter wereld. Het lijkt wel alsof God, toen hij eenmaal tevreden was met zijn ontwerp voor de witte stranden en het azuurblauwe water van de Caraïben en de woeste grilligheid van de Franse Alpen, besloot om die twee ook eens een keer te combineren, gewoon voor de lol. Montenegro is rijk aan landschapsschoon, en overal zijn indrukwekkende wegen om erdoorheen te rijden. In Nieuw-Zeeland zijn er 22 schapen op ieder mens, dezelfde verhouding geldt hier voor haarspeldbochten.

Helaas is de kwaliteit van het wegdek niet van hetzelfde niveau als de topografie. Er zijn gaten waarin je je wielen aan gort rijdt, en andere waardoor ze simpelweg helemaal onder de auto uit worden geslagen. Als je je van de hoofdwegen waagt, is het asfalt dunner bezaaid dan het hoofdhaar van prins William. Het verbrokkelt aan de zijkanten, terwijl de bergwegen vol liggen met stukken rots ter grootte van een voetbal. Op een gegeven moment houdt op een van de drukste wegen van het land, die van het vliegveld naar de stad Budva leidt, het verharde wegdek even op, zodat we over het zand en tussen de stenen door moeten laveren.

Ik wed dat als we in een van de voorgaande modellen van Jaguar hadden gereden, we door een defect of kapotte ophanging binnen een paar uur tot stilstand zouden zijn gekomen. Maar de F-Pace is een ander verhaal. Het is de eerste SUV van het merk, of ‘performance crossover’ in Jaguar-jargon.

Oké, onze testauto is de duurste uitvoering, de S First Edition van 115.550 euro (85.700 euro in België). Hij staat op 22 inch wielen en zit boordevol snufjes van de afdeling SVR. Maar de ophanging heeft voldoende marge, en we hebben een waaddiepte van 525 millimeter en 4WD tot onze beschikking. Nog altijd geen G4 Challenge Defender, maar Jaguar en Land Rover zijn zustermaatschappijen en ze delen een heleboel technologie. De F-Pace zou dus wat ruiger werk aan moeten kunnen.

Laten we beginnen met het bouten- en moerenwerk, want het meeste daarvan kennen we al. Onder het strakke ontwerp van Ian Callum is alles weer gebaseerd op de flexibele Lightweight Aluminium Architecture (LALA, zoals we het noemen). Deze werd al toegepast bij de XE en XF, maar heeft hier een volkomen nieuwe invulling gekregen. Met z’n lengte van ruim 4,7 meter zit de F-Pace ergens tussen de twee sedans in. Datzelfde geldt voor de wielbasis van 2.874 millimeter. Echter, met respectievelijk 1,94 en 1,65 meter is ie aanmerkelijk breder en hoger dan die twee. Hoe je ook meet, hij is groter dan de Porsche Macan, maar dankzij de constructie met 80 procent aluminium weegt de 3,0-liter V6-uitvoering met supercharger waarin we rijden slechts 1.861 kilo – 80 kilo minder dan de Porsche.

Hij heeft ook een grotere bagageruimte: 650 liter, of 1.740 liter als je de stoelen naar beneden klapt. Bij de Macan is dit respectievelijk 500 en 1.500 liter. Jaguar beweert dat de beenruimte achterin uniek is voor deze klasse – ongeveer hetzelfde als voor een XF-achterpassagier. Dat is natuurlijk allemaal geen toeval – Jaguar weet dat het een zinloze exercitie is om de Macan op het circuit te proberen te verslaan. Wat de klant in dit geval wil, is comfort, ruimte en een sexy auto om mee naar de sportschool te gaan. Als ie dan in het weekeinde ook nog wat plezier te bieden heeft – des te beter.

Van de gebaande paden

Wat onze fotograaf en ik met de F-Pace van plan zijn, is in wezen ’s werelds grootste stormbaan: een aantal oogverblindende locaties verspreid door een land dat ongeveer even groot is als Vlaanderen. Dat moet in drie dagen te doen zijn, zal je denken. Maar als je op de hoofd­wegen maar 80 km/u mag, er om de haverklap politie met radarpistolen in de berm staat en er nauwelijks een recht stuk weg is, dan gaat het van a naar b rijden tergend langzaam. Daar staat tegenover dat we vanaf het moment dat we bij het vliegveld wegrijden, het gevoel hebben een groot avontuur tegemoet te gaan.

Vandaag rijden we in noordelijke richting en willen we zoveel mogelijk profiteren van de drie uur daglicht die ons resten. We verruilen de hoofdweg voor wat een voetpad lijkt te zijn (hoewel de navigatie ons verzekert dat het een goed begaanbare weg is). Al snel stuiten we op de eerste horde: een touwbrug over een wilde rivier. Terwijl ik er langzaam overheen rijd, zachtjes wiegend in de wind en mijn hoofd vol gedachten over mijn eigen sterfelijkheid, dank ik de ingenieurs van Jaguar stilletjes voor het lichte gewicht van LALA. Maar als we de overkant bereiken, moet ik tussen twee betonnen afscheidingen door sturen. Met precies één centimeter ruimte aan beide zijden van onze enorme karrenwielen.

‘Jaguar had ons gewaarschuwd om met de 22 inch wielen geen al te wild offroad-werk te doen, maar alles is goed gegaan – tot nu toe’

Dat komt allemaal doordat de F-Pace echt een brede auto is. Breder dan de XF, breder dan een Mercedes GLS (de grote, voorheen bekend als GL). Hij is zelfs breder dan een Lamborghini Huracán. Een korte voor- en achterkant en weelderige heupen zorgen voor zijn energieke proporties en ruim bemeten interieur. Maar als je dagelijks over een touwbrug en door een betonnen wegversmalling moet, dan zou je liever voor de goedkopere wielen kiezen.

Met onbeschadigde 22 inch velgen vervolgen we onze zware tocht naar het Ostrogklooster. Niet om verlichting te vinden, maar vanwege de weg die de hoogte in slingert, uitgehakt in de rotsen, met weidse uitzichten op het dal. Het asfalt is niet bepaald breed en een roestige vangrail is het enige dat ons scheidt van een duizelingwekkende diepte. De weg biedt ons wel de eerste gelegenheid om de F-Pace een beetje op te jagen en te kijken hoe hij reageert. De stuurbekrachtiging heeft standaard een variabele overbrengingsverhouding. Hij is directer dan bij de meeste SUV’s, maar voelt niet onrustig aan. Van enige noemenswaardige feedback is geen sprake, maar het gewicht is consistent, waardoor je snel je lijn kunt kiezen en vasthouden.

In scherpe bochten vertoont de F-Pace echter flink wat rolneiging. Als je het stuur een haal geeft, merk je meteen hoe groot en zwaar ie is – en krijg je oprispingen. Schakel je over naar een sportieve maar niet overdreven rijstijl, dan zijn z’n bewegingen soepel en beheerst. Grote vraag is waar en wanneer je voor de Dynamic-stand moet kiezen (een feller reagerend gaspedaal, stuurgedrag met meer bite en pittiger schakelgedrag van de automatische achtversnellingsbak), want het wegdek vraagt om wat extra schokdemping en in de haarspeldbochten wil je zoveel mogelijk controle houden. Uiteindelijk is de straffere afstelling de beste, want hoewel ie op bobbels en scheuren in de weg nogal beweeglijk is (dat wil zeggen: overal in Montenegro) is het rijgedrag met die 22 inch wielen lang niet zo erg als je misschien zou denken – dankzij de extra lange veerweg.

Wat denk je – zou TopGear verdwalen?

Voordat mijn lunch naar buiten komt, kiezen we een route die over een Romeinse brug voert. Dit is veruit het langste rechte stuk dat we tot nu toe zijn tegengekomen. Het wordt opgevolgd door een weg die door een ondiep gedeelte van een rivier gaat. Nadat we de aloude ontdekkingsreizigersmethode hebben toegepast en in het water hebben getuurd om daarna onze schouders op te halen, besluiten we dat dit geen probleem moet zijn voor de nieuwste SUV van JLR en rijden we langzaam de rivier in, waarbij het water ongeveer tot de bovenkant van de wielen komt. Dat is een vreemd gevoel, in een Jaguar. Ik stel me voor dat een E-type hier genadeloos door de stroom meegesleurd zou worden. De F-Pace houdt zich kranig staande en brengt ons veilig naar de overkant, en de hoogpolige tapijtjes zijn nog steeds kurkdroog.

Inmiddels begint het te schemeren en zijn we drie keer zo ver van ons hotel als toen we vertrokken. TopGear-rekenkunst op zijn best. Maar het is nooit te laat om de grote weg te verlaten. We gaan over een rotsig pad op weg naar ongetwijfeld de griezeligste ongebruikte treintunnel ter wereld. We treffen er alleen maar een verward, aan een boom vastgemaakt paard aan en een roedel zwerfhonden met melkachtige ogen. Ik constateer dat de plek ondanks de prachtige boogstructuur ook dienst doet als hangplek voor afvallers van de plaatselijke AA-afdeling, afgaande althans op de vele lege whiskyflessen die bij de ingang van de tunnel liggen – een van de mogelijke verklaringen voor wat er vervolgens gebeurt.

Jaguar had ons gewaarschuwd om met die 22 inch wielen geen al te wild offroad-werk te doen. Tot nu toe is alles goed gegaan – we zijn over een touwbrug gekropen, hebben een tunnel verkend en allerlei gaten en kuilen omzeild, en de F-Pace ronkt vrolijk verder. Het is dan ook een volslagen verrassing als op weg naar het hotel een kleine trilling opeens verandert in een hels gebonk. We komen tot stilstand met een lekke linkervoorband. Maar als er op twintig minuten afstand een Jaguar-monteur zit die je wiel in vijf minuten kan wisselen, dan is er geen reden om je al te veel zorgen te maken, toch? Dit soort dingen gebeurt nu eenmaal in het echte leven.

Een soort F-type op hoge poten

De tweede dag begint met een heel eenvoudig plan: vanaf het hotel 200 kilometer in noordelijke richting rijden – volgens Google een tocht van drieënhalf uur – naar het diepste ravijn van Europa, en waarschijnlijk het nodige gevaar. Juist als je alles goed voorbereidt, gaat er natuurlijk van alles mis. Dit keer door het adembenemend mooie landschap onderweg. De fotograaf weet zich niet te beheersen en vraagt op een wel heel indrukwekkende bergpas of we even kunnen stoppen. Hij wil de ‘sexy mist’ vastleggen die boven het dal in de diepte hangt. Hij heeft gelijk – zulke mooie uitzichten als hier heb ik volgens mij nog nooit ergens gezien. Maar tegelijkertijd hebben ze iets beangstigends.

‘De Kotor-haarspeldbochten klimmen omhoog op een bijna verticale helling – een weg die tot de gevaarlijkste ter wereld behoort’

Hoe verder we naar het noorden rijden, des te minder verkeer er is en des te minder snelheidscontroles we tegenkomen. Zo kunnen we eindelijk de motor, de krachtigste uit het hele gamma, eens goed aan het werk zetten. De 3,0-liter V6 met supercharger en 380 pk, die in de F-type een grommend monster is, betoont zich nu heel wat bedaagder. Van 0-100 km/u in 5,5 seconden is niet langzaam voor iets van deze afmetingen. Maar als je weet hoe agressief dit blok in een F-type is, dan heb je hier het gevoel dat ie in watten gemoffeld is. Hij reageert kwiek op het gaspedaal, maar het had iets feller gekund. Met de flippers schakelt hij redelijk soepel, maar in vergelijking met de F-type wat moeizaam. Hij klinkt een beetje verstikt, tenzij je hem in een bepaalde versnelling echt hevig toeren laat maken.

Het doet er niet doe – zo moet een SUV zijn, en Jaguar heeft alles perfect ingeschat. Het probleem is dat de motor niet echt geschikt is voor deze auto. Ik denk dat de 3,0-liter V6 diesel, met z’n royale koppel, normaal gezien het beste uit de F-Pace zal halen. De viercilinder diesel met 180 pk, die in handgeschakelde uitvoering en met achterwielaandrijving maar 129 g/km CO2-uitstoot, zal de kopers het meeste aanspreken.

De beroemdste brug van Montenegro werd in 1937 gebouwd. Hij hangt 172 meter boven de rivier Tara en speelde een belangrijke rol in WO II. Een van zijn ontwerpers, Lazar Jauković, hielp mee met het opblazen van de middelste boog om de opmars van de Italiaanse troepen tot staan te brengen. Allemachtig, het was de vele kilometers die we reden meer dan waard. De brug, die een letterlijk duizelingwekkende kloof overspant, is het bewijs dat beton niet per definitie lelijk is.

Daarna nemen we de Morača Canyon-weg, die parallel loopt aan de rivier Tara. Terwijl we geïmponeerd naar het azuurblauwe water links van ons kijken, slingeren we tussen omlaag gevallen brokken rots door. Heel even vraag ik me af of die lui van Jaguar soms zelf die stenen hier hebben neergelegd, zodat we zullen merken hoe behendig de F-Pace is. Dan bedenk ik dat onze 22 inch Double Helix-wielen een peperdure optie zijn (al zijn ze standaard op de First Edition), dus dat zou idioot zijn.

Vanavond kiezen we een andere weg om terug te gaan naar ons onderkomen. Zo vinden we de enige provinciale weg met goed wegdek in het hele land. Terwijl uit de radio de bijzonder eclectische top tien van Montenegro davert, begint de F-Pace in z’n element te komen. Snel, subtiel en stabiel als ie is, voelt hij zich hier thuis. Superieur comfortabel vreet ie de kilometers.

Dat is zeker ook te danken aan het strakke interieur (al lijken de indeling en de bedieningselementen wel erg veel op die van de XE). Jaguar heeft hier meer technologie toegepast dan in welk ander model dan ook. De standaarduitvoeringen zijn voorzien van het 8 inch InControl Touch-systeem. Wij gingen voor het flitsende InControl Touch Pro met zijn sublieme 10,2 inch touch­screen en messcherpe graphics. Het systeem heeft helemaal geen knoppen meer en laat zich net zo intuïtief bedienen als een iPad. Waarom Jaguar niet alle modellen een tikje duurder maakt en ze hiermee uitrust, is een raadsel.

Dat is niet alles, want achter het stuur bevindt zich een volledig digitaal 12,3 inch instrumentarium. Het kan met allerlei thema’s geconfigureerd worden en dient ook als breedbeeld-navigatiesysteem. Het ziet er allemaal beangstigend veel uit als een computerspel, maar het is opvallend rustig voor de ogen. Er is ook een app om de auto te starten en voor te verwarmen en z’n belangrijkste functies te controleren. En een waterdichte armband waardoor je – bijvoorbeeld – kunt watersporten terwijl je sleutel veilig in de auto ligt.

Bucketlist-materiaal: de bochten van Kotor. Ook in een Jaguar F-Pace

Onze derde dag heeft een strak tijdschema, maar we hebben het beste voor het laatste bewaard. De Kotor-haarspeldbochten klimmen omhoog op een bijna verticale helling met uitzicht over de indrukwekkende Kotor-baai. Het is een weg die tot de gevaarlijkste ter wereld behoort. Er is nauwelijks ruimte genoeg voor een Jaguar F-Pace. Laat staan een F-Pace én een Dacia Logan met een agressieve plaatselijke bewoner achter het stuur. Aan één kant zijn er oprijzende rotsen en aan de andere kant een kniehoge afscheiding. Terwijl we de ene na de andere haarspeldbocht nemen, bewijst het parttime 4WD-systeem, dat onder normale omstandigheden al het vermogen op de achterwielen overbrengt maar zo nodig tot 50 procent vermogen naar de voorwielen kan sturen, zijn waarde. Bij het insturen vertoont het de behendigheid van achterwielaandrijving. Vervolgens mogen de voorwielen je de bocht uit sleuren.

Wat ik na drie dagen rondrijden in de F-Pace kan zeggen, is dat de Jaguar z’n missie in Montenegro glansrijk heeft volvoerd. Het is natuurlijk geen Land Rover, maar bij slecht weer neemt ie de stoep voor de kroeg probleemloos. Of brengt ie je over een modderig paadje naar je buitenhuisje. Bij normale snelheden stuurt ie beheerst en soepel. Zelfs met 22 inch wielen rijdt ie heerlijk, en hij is ruim. Niet alleen maar voor een Jaguar, maar ruim – punt uit. Wat misschien het belangrijkste is: hij ziet er geweldig uit. Alsof ie met heel veel liefde ontworpen is. En wie heeft er nu geen zwak voor een verleidelijk uiterlijk? Oh, nu we het daar toch over hebben: ik ga naar Montenegro verhuizen.

Specificaties

Jaguar F-Pace S 3.0 Supercharged 380 pk First Edition

Motor
2.995 cc
V6 supercharged
380 pk @ 6.500 tpm
460 Nm @ 4.500 tpm

Aandrijving
vier wielen
8v automaat

Prestaties
0-100 km/u in 5,5 s
top 250 km/u

Verbruik (gemiddeld)
8,9 l/100 km
209 g/km CO2
F-label

Afmetingen
4.731 x 1.936 x 1.652 mm (l x b x h)
2.874 mm (wielbasis)
1.861 kg
63 l (benzine)
650 / 1.740 l (bagage)

Prijzen
NL € 115.550 (25%)
B € 85.700

Reacties

  1. A.W.J.Beers zegt op 12 augustus 2016 om 18:02:

    Beste redacteur,
    Ik wil graag de schrijver van dit bericht (zoals zoveel andere ok) complimenteren voor zij heldere uitleg, maar vooral voor zijn humor. Wij hier op Bonaire genieten iedere keer van die smeuige verhalen en tevens prima testgegevens.
    mvrgr,
    A.W.J.Beers (ex SCANIA importeur)
    Kralendijk Bonaire – CN

  2. De saeger dirk zegt op 21 juli 2016 om 20:08:

    Dank zij jullie heb ik me een fpaece 180 Ok aangeschaft en kijk er ongelofelijk naar uit want ook mijn vorige alfa 159 ti 170 Ok heb ik gekocht na jullie goedkeuring ! ?

Geef een antwoord

(verplicht)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken