Autotest: Jaguar XKR 75

De XKR was al een geweldige auto, maar het lukte Jaguar-legende Mike Cross de superatleet verder af te trainen. We maakten kennis met de auto en zijn schepper.
 
‘Cross’, zegt Mike Cross, terwijl we over een b-weg boenderen. ‘Hmm, dat klinkt niet zo lekker als Balboni, vind je?’ Cross is hoofdingenieur bij Jaguar en weet als geen ander hoe je een mooi compromis sluit tussen wegligging en comfort. Dat maakt hem niet alleen een expert, maar ook een TopGear-held. We rijden in ‘zijn’ Jaguar XKR 75, een speciale editie van de sportcoupé. Het is te merken dat hij de weg goed kent en de auto nog beter, want we rijden allesbehalve sloom. In een auto als deze kun je ook niet anders.
 
Kleine, maar duidelijk merkbare wijzigingen verhoogden de prestaties van deze XKR. De vering werd steviger en je kunt er sneller mee rijden. Cross en zijn mensen startten het project in hun vrije tijd. De wens was om een racier XKR te maken, waarbij de balans meer doorsloeg richting de sportieve wegligging. De flinke dosis comfort die Jaguar normaal in auto’s stopt, werd verminderd. Het project is afgerond en de XKR 75 is realiteit. Fijn.
 
Omdat dit model een ‘kindje’ van Mike Cross is en hij de marketingmannen van Jaguar overhaalde dit model in productie te nemen, zou de auto volgens mij de toevoeging ‘Cross’ dubbel en dwars verdienen. De nu gekozen ‘75’ is een verwijzing naar het aantal dat gemaakt zal worden.
 
Het antwoord op mijn voorstel las je in de eerste zin van deze Drive. Onze Jaguar-held heeft gelijk dat ‘Cross’ minder lekker bekt dan ‘Balboni’. Laatstgenoemde is de hoofdtester van Lamborghini en werd onlangs geëerd met een eigen, tweewielaangedreven uitvoering van de Gallardo. Over deze auto las je eerder al eens in TopGear. Hoewel Cross’ achternaam duidelijk minder sexy klinkt, zouden de Italianen hem graag op de loonlijst hebben. Met een door de ervaring gegroeide ontspannenheid jaagt Mike de XKR 75 sierlijk maar scherp door een paar pittige bochten. Hij lijkt er maar weinig moeite voor te hoeven doen om de auto perfect in balans te houden.
 
Ondertussen praat hij verder: ‘Dat Italiaans is toch wel een mooi taaltje, hè? Zelfs de term ‘vierdeurs’ klinkt nog sexy.’ Ja, quattroporte roept inderdaad associaties met strakke pakken en lekker eten op. Maar wat heeft dat met deze auto te maken? Niets, dit is andere koek.
 
Nu is de XKR met zijn geblazen 5,0-liter V8 al geen mietje. Een vermogen van 510 pk en 620 Nm koppel is best aardig. In dit model is er nog een schepje bovenop gedaan: op papier 20 pk en 35 Nm. Afgaande op de prestaties kon het wel eens ‘iets’ meer zijn. Volgens Cross zou het ook wel 40 pk kunnen zijn. Aan de motor zit een gemodificeerde ZF-automaat met zes versnellingen gekoppeld. Zijn schakelgedrag is nog iets gretiger.
 
Dat de 75 een snelle jongen is, blijkt wel uit de acceleratiecijfers: 0 naar 100 in 4,4 sec., 0 naar 160 in 8,9. De top is begrensd op 280 km/u, zonder restrictie is 320 km/u haalbaar. Het interieur bleef ongewijzigd, maar aan de buitenkant is de speciale versie herkenbaar aan unieke wielen en unieke lak. Je moet natuurlijk wel opvallen tussen de ‘mindere’ XKR’s, zeker als je het prijsverschil kent. In Nederland is ie liefst 32.000 euro duurder, voor België zijn de prijzen nog niet bekend. Er komen ook maar vijf exemplaren naar ons land, dus exclusiviteit heeft zijn prijs.

‘Het is duidelijk voelbaar dat een topingenieur zich heeft beziggehouden met de afstelling van het onderstel’

 
Ik mag achter het stuur. Meteen valt op dat de auto gretiger op bewegingen van het stuur reageert. Je kunt enorm precies een bocht insturen. De vering is steviger, maar niet te stevig voor Jaguar-begrippen. Mike vraagt me of de auto nog wat harder moet veren om het verschil met de standaard XKR te vergroten.
 
Naar mijn mening is dat niet goed, omdat dat oncomfortabel zou zijn. Het blijft natuurlijk een Jaguar. De demperafstelling zorgt net voor dat stukje comfort dat hij nodig heeft, ook al is het onderstel vijftien millimeter verlaagd. Ik probeer de adaptieve schokdempers door ze in de racestand te zetten. Je voelt nu dat de vering toch nog een standje harder blijkt te kunnen, zonder dat de vullingen uit je kiezen rammelen. Zelfs hobbeltjes in de bochten neemt hij met comfortabele verve. In deze stand zal de auto op een circuit het beste presteren. Ik koos zelf liever voor de mix tussen wegligging en comfort van de normale stand.
 
De besturing is licht en precies. Al snel maak je je kilometers in één vloeiende beweging. De wegligging is uitgebalanceerd, de motor reageert gedwee op het gaspedaal, de remmen doen hun werk krachtig maar gedoseerd. De versnellingsbak is er een uit je dromen. Bij het terugschakelen trakteert hij op een dotje tussengas, opschakelen gaat razendsnel. In de sportmodus laat hij het werk helemaal aan jou over, zelfs als de toerenbegrenzer in zicht komt, schakelt hij niet op.
 
Je zit heerlijk op de comfortabele stoelen, bekleed met leer. Qua uitrusting word je flink in de watten gelegd. De nieuwe uitlaat maakt een nadrukkelijker geluid dan de standaardversie. Zeker als de sportstand is geactiveerd, blaft het geluid van de V8 over het hele toerenbereik door de pijp. Gelukkig is het geen vermoeiende toon. Kies je ervoor een rondje op de Nürburgring te maken, dan zul je daarna zo fit als een hoentje terug naar huis rijden. Leuk uitje, wellicht?
 
Het is duidelijk voelbaar dat een topingenieur zich heeft beziggehouden met de afstelling van het onderstel. Als je het geld ervoor hebt, dan is het verstandig om het aan deze aanpassingen te spenderen. De Aston Martin V8 Vantage mag dan een pietsie goedkoper zijn, hij krijgt het knap lastig om deze Jaguar van repliek te dienen, niet in de laatste plaats omdat hij 100 pk minder heeft. Dan hebben we het nog niet over de twee extra zitplaatsen in de Jag. Bovendien rijdt de Jaguar wat geciviliseerder.
 
Misschien moeten we het wat hogerop zoeken en de 470 pk-sterke DB9 ernaast zetten. Deze heeft een V12, ook vier zitplaatsen, maar wel minder vermogen dan de XKR 75. Nog een stapje verder dan: de DBS. Wellicht gaan we nu te ver om deze bijzondere Jaguar met dit geldpakhuis op wielen (340.000 euro) te vergelijken, maar op enkele cruciale punten zoals vermogen, koppel, verfijning, comfort en uitrusting moet de top-Aston Martin zijn meerdere erkennen in de Jaguar.
 
De rit in de 75 wijst ons er weer op wat voor geweldige auto de XKR is. Mooi, sierlijk en bijzonder snel. Dit is een auto waar je blij van wordt. Eigenlijk verdient deze special edition een veel mooiere naam dan 75. Noem ‘m XKR-R, XKR SS, wat je maar wilt. Maar bovenal is het de XKR Cross. Jaguar zou er goed aan doen deze auto als hommage aan de grootmeester uit te brengen, ook al klinkt het niet zo goed als Balboni.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken