Autotest: Mercedes C63 AMG Coupé

Uitsluitend een auto neerzetten waarmee ze de M3 evenaren, was Mercedes kennelijk niet genoeg. Nu willen ze ook de sportieve coupérijders van BMW en Audi afpakken. Met de C63 AMG Coupé.
 
Een hamerend geluid rijt de stilte rond het Zuid-Spaanse Circuito de Monteblanco open. Het is afkomstig uit vier uitlaten. Het klinkt monotoon, krachtig en moet in staat worden geacht om bij bepaalde toerentallen kringen te veroorzaken in de glazen water die zojuist zijn uitgeschonken op de gedekte tafels voor de pitboxen.
 
De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat het gedonder niet uitsluitend afkomstig is uit de pijpen van de C63 AMG Coupé, maar ook uit die van de SLS AMG, die als pacecar voor ons uitrijdt. Nou moet het begrip pacecar niet al te letterlijk worden genomen. Na twee verkennende ronden lijken de coureurs van de AMG Driving Academy vooral van plan om een persoonlijk baanrecord te rijden. Als je kunt aanhaken prima, anders wachten ze je wel weer op aan het begin van het rechte stuk.
 
We duiken even in het recente verleden om te zien waar de C Coupé AMG vandaan komt. Het verhaal begint bij BMW, dat tot enkele jaren geleden met de M3 het zogeheten c-segment domineerde waar het ging om de sportieve neusjes van de zalm. De M3 won decennia lang de harten en geesten van de liefhebbers en tevens alle vergelijkingstesten. Veel fabrikanten deden mee aan de competitie, maar slechts weinigen waren competitief.
 
Tot de vorige generatie C AMG z’n intrede deed in 2008. De omslag was revolutionair te noemen. Immers: de van moddervette banden en dikke motoren voorziene C-klasse-modellen die tot die tijd de fabriek in Affalterbach verlieten, konden hooguit tijdens dragraces enigszins in de buurt blijven van de monsters uit München. Kennelijk konden ze bij AMG de gebruikelijke oorvijgen tijdens vergelijkingstests ook niet langer velen en besloten ze het anders te gaan doen. Heel anders.
 
Hierdoor ontstond de eerste AMG die vanuit stilstand als performance-auto werd ontwikkeld. Zijn voorgangers waren in feite standaardauto’s met opgeschroefde prestaties. Ditmaal werd echter alles wat achter het schutbord zit exclusief door AMG ontwikkeld. Al tijdens de conceptie in de computer. De spoorbreedte voor werd vergroot, evenals het camber van de voorwielen. Ook werd de geometrie van de wielophanging veranderd, waardoor de auto minder rolneiging vertoont en tevens werd de neiging tot onderstuur geëlimineerd. Voeg daaraan toe een andere besturingsratio, steviger stabilisatorstangen en je zult snappen dat dit de auto beweeglijker maakte dan ooit tevoren.
 
Wat de C-klasse AMG tevens in de kaart speelde, was het feit dat BMW in de M3 de zescilinder verving voor een V8. En dat ook de RS4 was voorzien van een achtcilinder. Hierdoor betraden ze een terrein dat al jarenlang werd gedomineerd door Mercedes-Benz. Dat bleek, want de 420 pk V8 van BMW is geen partij voor de hamerende beul van de Mercedes-Benz. Ook Audi’s RS5 – een RS4 hebben ze vooralsnog niet meer – legt het af tegen de C-klasse AMG als het gaat om vermogen en prestaties.
 
En hoewel de M3 scherper is en het op moeilijke circuits beter doet dan de meer op alledaagse bruikbaarheid afgestemde Mercedes-Benz, ben je bij de laatste toch een stuk beter af als het gaat om de zintuiglijke ervaringen. Niet alleen de prachtig klinkende V8 overtuigt, ook de enorme hoeveelheden koppel die als een warme saus over alle versnellingen worden uitgegoten, doen je nekharen overeind staan. Dan hebben we het nog niets eens gehad over de achterkant, die al breed lijkt uit te waaieren wanneer je alleen maar naar het gaspedaal kijkt.
 
BMW en Audi namen het extra koppel, het extra vermogen en de snellere acceleratietijd voor lief. Ze verkochten immers toch de meeste auto’s in een carrosserievariant die Mercedes-Benz niet had: de coupé. Nou ja, Mercedes-Benz had de CLC, een niet al te geslaagde coupé op basis van het onderstel van de vorige C-klasse en daarvan was gelukkig geen AMG-variant leverbaar.
 
Dat Mercedes-Benz bekendmaakte dat ze tevens van de E-klasse-coupé geen AMG-variant zouden maken, stemde de mannen bij Audi en BMW hoopvol. Helaas bleek dit geen voorbode van het gamma van de C-klasse. Niet alleen kwam er een C Coupé, ook kwam er een C Coupé AMG. 457 pk sterk, voorzien van de ouderwetse V8 zonder turbo’s en op papier in staat om de concurrentie te vermorzelen. Met het AMG-performance-package stijgt het vermogen zelfs tot 487 pk.
 
‘Wie in staat is om bij een uitgeschakeld esp zijn rechtervoet te controleren, heeft de handen vol aan dit ontketende monster’
 
Er is troost, want het grote voordeel van Audi en BMW is hun lijnvoering. De vormen van de M3 coupé en de RS5 zijn zo mooi en puur dat het bijna pijn doet aan je ogen. Je ziet dat deze auto’s van meet af aan als coupé zijn ontworpen. De Mercedes-Benz heeft die kwaliteiten niet. De auto oogt druk en je ziet dat het de lijnen van een sedan zijn, die in een coupé zijn geperst. Dankzij de make-up is het nog wat geworden, maar de Benz mist de natuurlijke schoonheid van z’n concurrenten.
 
Ook qua interieur moet de AMG Coupé het afleggen. Met name tegen de RS5. Qua binnenruimte achterin doen ze weinig voor elkaar onder. Je kunt er op de achterbank best iemand mee naar het station vervoeren, maar op vakantie voelen alleen kinderen en ondermaatse volwassenen zich hier thuis.
 
Het rijden dan. Dat is ronduit sensationeel. Niet meer of minder dan in de sedan, maar toch. Zolang je de esp-knop in de sportstand houdt, is er weinig aan de hand. Een klein beetje uitbreken van de achterzijde wordt toegestaan, maar daarna is het einde verhaal. Het gas wordt onder je rechtervoet weggetrokken, de auto valt stil en je kunt weer van voren af aan beginnen. Omdat dit zeer regelmatig gebeurt door de enorme aandrijfkrachten, zet je vroeger of later het systeem helemaal uit. Dit is misschien niet altijd een goed idee. Je zult niet de eerste zijn die nog tijdens z’n eerste vreugdekreet – na een horizontale remweg – eindigde in het struweel. Of erger. Wie wel in staat is zijn rechtervoet te controleren, heeft de handen vol aan dit ontketende monster. Het is bij hogere snelheden en op een circuit vooral een kwestie van je goed vasthouden aan het stuur. De AMG Coupé is als een Afrikaanse buffel wiens testikels zojuist zijn geplet tussen twee rode bakstenen: aan jou de taak om in het zadel te blijven.
 
Tijdens deze rodeo-rit valt op dat de wegligging op het circuit helemaal niet plankhard is. Sterker nog: al na enkele ronden weten we dat we de volgende C AMG Coupé – de Black Series – beter vinden. De auto helt over, is niet zo scherp als we hoopten en voelt zelfs ietwat looiïg aan.
 
Met 19 inch wielen is het iets beter, maar dat heeft weer als nadeel dat je op de openbare weg wordt gestraft met een spijkerhard onderstel. Ook hebben we steeds ruzie met de toerenbegrenzer. De motor heeft nauwelijks toerentallen nodig om er als een raket vandoor te schieten, maar je hersenen weten dat niet. Die denken dat de motor flink moet doortrekken om hard te gaan en dus laat je ‘m te lang in zijn versnelling staan waardoor de toerenbegrenzer voor je gevoel net te snel ingrijpt. Weg is je ballistische versnelling, waarna de collega die je net hebt afgeschud weer in je nek zit te hijgen omdat hij de auto gewoon in de automaatstand heeft laten staan.
 
Helemaal geen slecht idee, dat laatste, want zelf schakelen biedt niet de tactiele voldoening van bijvoorbeeld een Ferrari, Maserati of BMW. Het naar je toe halen van de hendel achter het stuur zorgt voor een softe klik. Deze voelt enigszins afstandelijk aan en is niet zo prettig als die van de concurrentie, die wel een mechanische verbinding tussen schakelflipper en bak weet te suggereren.
 
De AMG-Speedshift MCT-7 sporttransmissie stelt verder niet teleur. Integendeel. De bak schakelt in slechts 100 milliseconden over. Dat komt doordat deze in plaats van een koppelomvormer beschikt over een compacte natte-plaatkoppeling. De sportiviteit wordt verder benadrukt door de tussengas- en Race Start-functie.
 
Ondanks het feit dat ook de C 63 AMG Coupé niet met handbak leverbaar is, zal deze auto een flinke hoeveelheid kopers weten te trekken. Niet zozeer in België en Nederland, maar wel in macho-landen als Rusland, Kazachstan en het Midden-Oosten, en ook in would-be-macho-landen als China en de Verenigde Staten. Wie over de testikels beschikt van een Afrikaanse buffel, heeft aan de C 63 AMG Coupé een qua sensaties nauwelijks te overtreffen auto. Wanneer de auto niet wordt geketend door het esp-systeem, is het een pure vermaak-machine, die zich met 18-inch wielen ook nog eens ontpopt tot een heerlijke reisauto.
 
Fijnproevers zullen moeten wachten op de komst van de Black Series. Die is ongetwijfeld te hard geveerd voor de openbare weg, maar levert wel de scherpte en directheid op het circuit, waar je na enkele ronden in de standaard AMG Coupé zo vurig naar verlangt.
 
 
14
20
Specificaties

Specificaties: C 63 AMG Coupé

 
Leuk 
Sensationeel met uitgeschakeld esp
 
Niet leuk 
Mist scherpte ten opzichte van concurrentie
 
TopGear-vonnis
Pure vermaakmachine op circuit, prettig op openbare weg
 
Prestaties  
0-100 km/u in 4,5 sec., top 250 km/u, 12,0 l/100 km
 
Techniek  
6.208 cc, V8, achterwielaandrijving, 457 pk, 600 Nm, 1.630 kg, 280 g/km CO2
 
Doen!   
Kritisch kijken naar de optielijst
 
Niet doen   
Wachten op de handbak, die komt er niet
 
Prijs NL € 110.950
Prijs BE n.n.b.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken