Autotest: Mazda 3 MPS

Mazda is een beetje lui. De buitenkant van de 3 MPS is veranderd, omdat de 3 is veranderd, maar dat was het wel zo’n beetje.
 
Als volbloed autojournalist dien je een aantal zaken te beheersen. Je moet kunnen drinken als een waterorgel, je moet kunnen en durven rijden als een idioot en je moet je huiswerk goed doen. We ontkennen niet dat we het laatste aardig beheersen dus alvorens ook maar een meter te hebben gereden, lazen we ons in over wat we eind 2007 schreven over de toenmalige Mazda3 MPS. Vervolgens keken we naar de specificaties van het huidige model en concluderen we dat ze zich er bij Mazda wel erg makkelijk van hebben afgemaakt.
 
De nieuwe Mazda3 MPS is geen haar beter dan de oude! Ook die had een direct ingespoten 2,3-liter motor met turbo, leverde 260 pk en accelereerde in 6,1 seconden naar 100 km/u. Ook die had een afgeregelde topsnelheid van 250 km/u. En ook die had standaard een Bose-geluidsinstallatie met meer speakers dan wielen. En ook die had wat elektronische snufjes om die 260 pk op de voorwielen een beetje netjes op de weg te brengen. Heren bij Mazda, was de inmiddels naar Renault vertrokken Laurens van den Acker de enige actieve medewerker die jullie in dienst hadden?
 
Van den Acker tekende namelijk de flink frissere buitenkant van de Mazda3. In onze ogen leverde hij daarmee goed werk – misschien wel te goed, aangezien Renault hem niet zo heel lang geleden aanbood daar te komen tekenen. Binnenin is het onderscheid met de normale Mazda3 ver te zoeken. Natuurlijk, de obligate stiksels op het leertje van de versnellingspook, een MPS-logo in de achtergrond van de toerenteller en een ander patroon op de redelijk zittende sportstoelen (sportstoelen, ja, dat heeft een standaard 3 ook niet), maar dat was het wel. De soms knalharde, goedkope plastics met hier en daar zelfs een scherp randje zijn gebleven. De enige verandering die wij kunnen vinden is dat de nieuwe Mazda3 MPS lichter is dan de vorige. 23 kilo. Tjonge.
 
Toch zijn we gecharmeerd van de nieuwe MPS. Het nieuwe uiterlijk maakt ‘m echt stukken leuker om te zien en in MPS-trim, met dikke wielen en spoilers ziet-ie er gewoon lekker stoer uit. Een uitlaat links en rechts, en luchtgat in de motorkap, dat zijn grollen waar we van houden bij hete hatchbacks. Weet je wat? We vergeten maar even dat Mazda geen klap heeft gedaan aan de techniek al reppen ze zelf van verdere ‘fijnslijperij’. We gaan rijden.
 
Rechtuit is nog steeds een feest, we hadden niet anders verwacht met 260 pk. Bij heel lage toeren moet je even wachten voordat de turbo z’n werk gaat doen, eenmaal op stoom vlieg je weg. Van 0 naar 100 in 6,1 seconden blijft ontaard snel in een auto als deze. Op een droog wegdek heb je net voldoende grip om lekker weg te komen, al is de koppeling veel te licht en gaat het schakelen wat vaag. Op nat wegdek bonkt de voortrein als een gek. Het vermogen kan, ondanks alle elektronica, niet behoorlijk op de weg worden gebracht en het vergt een fluwelen voet om nog enigszins normaal weg te kunnen rijden.
 
Wat we een beetje missen, zijn vlammen uit de uitlaat, ontploffingen onder de auto – dat werk. We willen een beetje spektakel horen als we met een snelle auto onderweg zijn, maar we horen niks. De motor laat wel wat van zich horen, maar het zou net zo goed een 1.6’je kunnen zijn. Misschien dat het buiten anders is, maar wij zitten binnen. Daar moet het ook een beetje racy klinken. Hij voelt wel racy trouwens, in die zin dat hij nogal hard is afgeveerd. Soms is dat lekker, maar soms gaat dat ook vervelen.
 
Op de snelweg kun je heerlijk in de zesde versnelling met 120 km/u cruisen, al blijf je door die harde vering elk hobbeltje voelen. Een beetje spelen met vijf en zes, en het gaspedaal natuurlijk, en je rijdt in mum van tijd 250 km/u. Bijzonder relaxt overigens. Geen nare trilling of gevoel van lichte instabiliteit is waarneembaar, dit is dus ook nog steeds prima.
 
Bochten zijn niet z’n favoriete menu. Hij wil best stevig van richting veranderen, maar hij doet dat ook nogal lompig. Alsof-ie er niet helemaal voor gemaakt is. Natuurlijk, dat komt door het surplus aan vermogen, maar ook de balans en het onderstel hadden best verfijnder gekund. Wat dat aangaat kan Mazda nog steeds een voorbeeld nemen aan de Ford Focus ST of Volkswagen Golf GTI: beide van minder vermogen voorzien, maar beide veel sneller door bochten te jagen dan de Mazda. Bovendien, die beide concurrenten zijn aanmerkelijk goedkoper dan de veertig mille die Mazda er in Nederland voor wil hebben (30.600 euro in België). Daarmee krijgt de 3 MPS een flinke kaakslag, zullen we maar zeggen.
 
Eerlijk gezegd zou het ons verbazen als Mazda veel MPS’en weet te verkopen. Puur vanwege die prijs. De auto is wel helemaal compleet voor dat geld, inclusief mini-navigatiesysteem, maar met alleen een nieuwe buitenkant en wat extra’s kom je er niet. De MPS is niet naar een hoger plan getild en daarmee is het gat tussen de best rijdende concurrenten alleen maar groter geworden, want díé ontwikkelen zich wel met merkbare sprongen. Een gemiste kans.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken