Autotest: Peugeot 508 2.2 HDi GT

Het is officieel: Peugeot maakt weer een mooie en uitmuntend rijdende auto. Met de 508 keert het merk terug in ons hart.
 
Bij het shoppen voor een middelgrote sedan of stationwagon wordt de keuze je tegenwoordig knap moeilijk gemaakt, maar het is nog niet zo lang geleden dat er helemaal geen sprake was van een keuze. Toen kocht je gewoon een Ford Mondeo. Want een Opel Vectra was saai, van de vorige Renault Laguna vielen al onderdelen af als je ernaar keek, een Passat zou je niet terug kunnen vinden tussen die andere 38 Passats in je buurt, en de Peugeot 407 was, vriendelijk gezegd, onooglijk.
 
Met koplampen langer dan je arm en een gapende grille die breed genoeg was om een stevig kalf op te slokken, was de 407 het toonbeeld van hoe Peugeot jarenlang de plank missloeg op stylinggebied. Het feit dat je dit niet terugzag in de verkoopstatistieken is voor ons – nu al – een van de grootste mysteries van deze eeuw. Toch ontving Peugeot veel kritiek (niet alleen van ons) en hebben ze zich dat aangetrokken. We beweren al een tijdlang dat de 406 Coupé – die van vóór de facelift – de laatste mooie auto is die Peugeot gebouwd heeft. Zoals het nu gaat, zal die uitspraak niet veel langer stand houden.
 
Om te beginnen kwam het merk met de 5008. Weliswaar een braaf busje, maar in ieder geval had z’n grille normale afmetingen, waarmee de proporties meteen een stuk beter klopten dan bij de auto’s waarmee ie de showroom deelde. Daarna was er de RCZ; wel met de enorme neus van de 308, maar de rest van de auto was zo plat, breed en stoer dat het plaatje toch klopte. En toen was daar ineens de prachtige spierwitte ‘5byPeugeot’-conceptcar. Laat ze dit nu eens ongewijzigd in productie brengen, dachten we nog, dan hebben we straks echt een merk minder om grappen over te maken.
 
Zo geschiedde. We staan oog in oog met de nieuwe 508, de belangrijkste auto die Peugeots hervonden elegantie aan de man moet gaan brengen. Z’n front is eenvoudig en sierlijk, z’n silhouet slank en gestrekt. Zeker met groot bemeten lichtmetalen velgen is het niets minder dan een plaatje. Als we toch wat kritiek kunnen leveren, betreft die de achterkant van de SW. Best mooi, maar erg vanzelfsprekend. Zonder Peugeot-logo had het een willekeurig ander merk kunnen zijn. Klein pluspuntje voor de 407 SW in dit opzicht: die herkende je op een kilometer afstand.
 
De 508 volgt overigens niet alleen de 407 op, maar tevens de 607, die naast Franse overheidsfunctionarissen eigenlijk niemand kon plezieren. Tja, op grote niet-Duitse sedans zitten nu eenmaal weinig mensen (met verstand van restwaarde) te wachten. Peugeot heeft daarom de 508 voorzien van een aanzienlijk langere wielbasis dan de 407, plus een kortere overhang voor en achter. Het resultaat: een niet extreem corpulente auto (4,79 meter voor de sedan, twee centimeter meer voor de SW) met een serieus ruim interieur, waarin je je best zou kunnen laten chauffeuren, als je dat per se zou willen. Of waarin je in ieder geval je koters kunt parkeren zonder hun skeelers uit te hoeven trekken.
 
Iets waar de marketingmensen vooral op hameren bij deze auto is kwaliteit. Echt, verzekeren ze ons, het is allemaal vele malen beter dan voorheen. Onze eerste indruk van het interieur kan dat bevestigen. Vond je vroeger bij Peugeot nog wel eens scherpe randjes en dubieuze, tamelijk buigzame materialen, in de 508 zit alles haast Duits doortimmerd in elkaar. Ook wanneer we het erom doen en met vervelend hoge snelheid over slecht wegdek denderen, zijn er geen rammeltjes te bespeuren. Dat hadden we ook wel een beetje verwacht; de auto staat immers op hetzelfde platform en komt uit dezelfde fabriek als de Citroën C5, ook al zo’n strak gemonteerd geval. Goed bezig, daar in Rennes.
 
Nu we het toch over rijden hebben: dat is ook zoiets wat bij veel moderne Peugeots een ondergeschikt aspect leek. Sommige zijn onderhand even comfortabel en veilig als auto’s uit een hogere klasse of segment, maar daarmee ook even zwaar. Combineer dat met zuinige, astmatische motorblokjes, en de sportieve bestuurder zal begrijpen dat hij beter kan gaan wandelen. Bij de 508 heeft Peugeot het vanaf het begin anders aangepakt: door toepassing van allerlei moeilijke materialen en technieken, zoals magnesium en laserlassen, is de 508 maar liefst – tatá – 25 kilo lichter dan z’n voorganger. 25! Daar doe je het voor, nietwaar?
 
Gelukkig zijn er nog meer aspecten die van belang zijn voor het weggedrag. Het onderstel bijvoorbeeld, en laat dat nou helemaal goed zijn bij deze 508. De standaard auto heeft al een prettige mix tussen Frans comfort en rest-van-Europa-sportiviteit te pakken, en bij de door ons gereden GT is alles nog een tandje strakker aangeschroefd. Toch stuiteren we bij drempels niet uit onze stoel en verwerkt de ophanging de klappen zonder veel herrie.

‘Geen gereutel of gekletter, maar een zacht zoevende dreun die ons er ergens in de verte op attendeert dat het niet de wind is die ons langs de vrachtwagens katapulteert’

 
De sportiefste 508 beschikt, naast 18-inch velgen, bi-xenon lampen, halfleren bekleding en elektrische stoelen ook over een compleet andere voortrein met mooie termen als drop-link dual wishbone. Dat vertaalt zich in bochtengedrag dat tot op hoge snelheid neutraal blijft, waarbij je uitzonderlijk gestoorde capriolen moet uithalen om over de voorwielen rechtuit te gaan glijden. We moeten erbij zeggen dat we de 508 in het droge en niet bijzonder koude Spanje reden, maar we kennen auto’s die het ook onder die omstandigheden lang niet zo goed doen. Deze Peus rijdt als op rails – een eindeloze verbetering.
 
Mocht de GT je niet kunnen overtuigen met z’n onderstel, dan wel met de 2,2-liter HDi-viercilinder met 204 pk die hij standaard meekrijgt. Dit blok vervangt de oude 2.7 V6 diesel, die minder krachtig was en zo’n 30 procent meer brandstof zoop. Een potente vervanger dus, die wordt gekoppeld aan een prettig alerte zestraps automaat.
 
De 508 promoveert daarmee tot een ware ‘grand tourer’ waarmee het moeiteloos asfalt vreten is. Vanaf 2.000 toeren komt de dieselkracht er stevig in en beginnen we spontaan onnodige maar oh zo verslavende massa-inhaalacties uit te voeren. Daarbij valt op dat de motor ontzettend stil is. Geen gereutel of gekletter, maar een zacht zoevende dreun die ons er ergens in de verte op attendeert dat het niet de wind is die ons langs de vrachtwagens katapulteert. We merken pas duidelijk dat we met een diesel van doen hebben wanneer we stilstaan voor het stoplicht. Met de automaat in D en onze voet op de rem geeft de 2.2 wel wat trillingen door aan het interieur. Jammer voor de beleving, maar overkomelijk, want we zijn het weer vergeten zodra we gas geven.
 
In het interieur vinden we een aantal eigenaardigheden; vooral nieuwerwetse snufjes die Peugeot volgens een geheel eigen interpretatie heeft toegepast. Zo zit de startknop – uiteraard rijden we keyless – helemaal links op het dashboard. Maar dan ook helemáál links; bijna tegen het portier aan. Precies zo’n plek waar je ‘m net niet zoekt. Ook het head-up display, standaard op de GT, is nogal bijzonder. Dit exemplaar projecteert z’n informatie niet op de voorruit, maar op een apart venstertje bovenop het dashboard. Wanneer je het contact uitschakelt, klapt het glaasje netjes naar beneden. Een geinige vondst die ook in de lelijke 3008 wordt toegepast, maar het nut ontgaat ons; nu kun je, omdat het ding voor het oog zo dicht bij de klokken zit en je je focus naar voren moet verleggen, net zo goed op je gewone snelheidsmeter kijken.
 
Verder is het genieten in de 508. Het navigatiesysteem, te bedienen met een multifunctionele draaiknop op de middenconsole, werkt snel en foutloos, en waarschuwt ons nauwkeurig voor flitskasten. De airconditioning is te voorzien van vier gescheiden klimaatzones, uniek in dit segment. Hightech spul als adaptieve cruisecontrole en rijbaanherkenning zijn de 508 vreemd, maar zeg eens, is het niet veel belangrijker dat er een grote SOS-noodknop binnen handbereik zit als we ergens tegenaan zouden knallen? Of dat de SW leverbaar is met een bizar groot panoramadak (1,62 m2)? Precies.
 
We weten wat je nu denkt: ga eens fietsen met je superdiesel, ik moet deze auto straks leasen, dus ik wil een 0,8-litermotor met 3 pk en een CO2-uitstoot van 14 gram. Nou, om je tegemoet te komen heeft Peugeot een 1.6 e-HDi-versie in de aanbieding, compleet met a-label, 112 pk en slechts 115 vieze grammetjes per kilometer (binnenkort zelfs 109 gram).
 
De pest is wel dat deze voorzien is van een gerobotiseerde versnellingsbak met schakelmomenten die steeds zes minuten duren. Wil je jezelf daarmee niet tergen, dan is er ook een (goedkopere) versie met handbak. Die heeft geen stop-starttechnologie, en scoort in Nederland dus ook geen 20 procent bijtelling. Maar het rijdt een stuk beter.
 
De 508 is niet zomaar een middelgrote sedan. Het is de eerste Peugeot in tijden, na het nichemodel RCZ natuurlijk, die we van voor tot achter echt mooi vinden, en die bovendien even lekker rijdt als we in het verleden van het merk gewend waren. Wat ons betreft heeft ie z’n plek in dit wereldwijd zo belangrijke segment nu al veroverd. En daarmee wordt de keuze voor een goede middenklasser weer een tandje moeilijker.
 
 
14
20
Specificaties

Specificaties: 2.2 HDi GT

 
Leuk 
Eindelijk weer een mooie Peugeot!
 
Niet leuk
Rijdt straks overal in het grijs met wieldoppen
 
TopGear-vonnis
Een knappe welp met een heerlijke motor en dito onderstel. Peugeot is terug
 
Prestaties  
0-100 km/u 8,2 sec., top 234 km/u, 5,7 l/100 km
 
Techniek  
2.179 cc viercilinder, voorwielaandrijving, 204 pk, 400 Nm, 1.515 kg, 150 g/km CO2
 
Doen!   
De GT nemen, of een mooie kleur en lm-velgen

Niet doen   
Sleutels op de bar gooien; daarvoor is ‘t nog te vroeg

Prijs NL € 46.550
Prijs BE € 37.980

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken