Dit rijdt Sir Chris Hoy

Snel op twee wielen, sneller op vier: de fietskampioen praat over zijn motorische verleden. Maak kennis met de auto's van Sir Chris Hoy.

Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy
Auto's Sir Chris Hoy

‘Het begon allemaal met een Citroën Xantia. Ik erfde ‘m van mijn vader, zodat ik van de universiteit in Edinburgh naar het Velodrome van Manchester kon rijden. Ik heb mijn rijbewijs pas gehaald toen ik 21 was; tot die tijd fietste ik overal heen – ik had geen auto nodig. Die auto had anderhalve ton op de teller toen ik ‘m kreeg, en bijna drie ton toen ie uiteindelijk overleed.

Maar waar is het eerste geld op stuk geslagen?

De eerste auto die ik ooit kocht van mijn eigen geld was een BMW 318i sedan. Dat was destijds mijn droomauto – ik waste ‘m zo ongeveer om de dag. Mijn vader had een BMW 2002 toen ik jong was, dus die 318 betekende echt wat voor me. Daarna kwam een Volkswagen Golf GTI, de diesel dan, ik geloof dat ie de VW Golf GTI TDI PD heette. Die had 150 pk, wat in 2003 heel veel was. Daarna kocht ik een Audi A4… Ik denk dat ik toen een beetje volwassen begon te worden op autogebied. Ik vond de S-Line-uitvoering ook heel mooi. Ik had natuurlijk een stationwagen moeten kopen zodat mijn fiets ook mee kon, maar ik ging voor de sedan.

In 2008 kocht ik een E46 M3 – een tweedehandsje met 13.000 kilometer op de klok. Hij was carbonzwart met een rood interieur, en nog helemaal in nieuwstaat. Dat was mijn eerste echt snelle auto en ik zou willen dat ik ‘m nooit had verkocht.

De eerste? Wat volgde er dan daarna?

In die tijd deed ik een paar keer mee aan de circuitdagen op het Bedford Autodrome, en dat vond ik te gek. Jonathan Palmer adviseerde me een kleine auto te kopen met een laag gewicht, zodat je je banden en remmen niet verspilt. Hij beval me een Caterham aan, dus kocht ik een R400 en bezocht ik regelmatig mijn lokale circuit, Oulton Park. Een poosje later ruilde ik ‘m in voor iets snellers – een Lotus 2-Eleven. Helaas raakte ik daarmee tijdens een circuitdag van de baan, en dat was het einde van het feest. Ik liet ‘m helemaal oplappen, waarna ik ‘m wegdeed en er een andere Caterham kwam, de 420R.

Rond de tijd dat ik mijn eerste Caterham kocht, veranderde ook mijn dagelijkse auto – ik deed de M3 weg en er kwam een XKR. Ik deed toen wat dingen voor Jaguar, dus die auto was niet van mij, maar ik heb er een jaar of vier elke dag in gereden. En toen kwam de Nissan GT-R – die heb ik drie jaar gehad. Zes maanden geleden heb ik een Audi RS 6 Avant gekocht en er een Milltek-uitlaat op laten zetten. Als dagelijkse auto is ie prima,er is eigenlijk niets wat je er niet mee kunt. Je wordt er vrolijk van als je het gas indrukt, en z’n geluid is geweldig. Maar hij is ook meegaand en rustig als je ‘m in de zachte comfortstand rijdt. Oh, en van mijn vrouw moest ik nog zeggen dat zij een Volkswagen Golf R heeft. Met een handbak natuurlijk.’

 

Reacties

Geef een reactie

(verplicht)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws