Autotest: Ford Mondeo 2.5 Titanium Wagon

De Mondeo mag dan een nieuwkomer van jewelste zijn, hij zal nooit de aantrekkingskracht krijgen die de chiquere merken wel hebben.
 
Ooit was de introductie van een nieuwe Mondeo wereldnieuws. Zijn portret sierde de voorpagina en ook in het binnenwerk werden ettelijke pagina’s aan de auto gewijd. Kreten als ‘familieauto van de toekomst’ vlogen je om de oren. Dat is verleden tijd, want de Mondeo is geen verrassing meer. Ford heeft ons lang aan het lijntje gehouden, onder meer met de Iosis conceptcar in 2005, later een wat concreter studiemodel en tenslotte de huurauto van James Bond. Zeker die laatste verschilde zeer minimaal met het uiteindelijke seriemodel. Sorry jongens, maar hoe lang denken jullie onze aandacht vast te kunnen houden?
 
Een veel belangrijker oorzaak waardoor de komst van een nieuwe Mondeo niet zo spannend meer is, ligt in het feit dat de auto niet meer in tel is. In plaats van een topmodel uit de stal van Ford, Peugeot of Opel koopt men liever een auto van een premium merk. De 3-serie, de A4 en stiekem ook de IS van Lexus hebben nu eenmaal meer aantrekkingskracht, zelfs als het leasebedrag niet meer dan een simpel basismodel toestaat. Of de neus gaat totaal de andere kant op richting de SUV- of MPV-hoek.
 
Deze vijfcilinder turboversie van de Mondeo laat zien dat die voorkeur geheel onterecht is. Nu heb ik niets tegen 3-serie en co, maar ik zou zelf geen genoegen nemen met een kale uitvoering als ik voor hetzelfde geld in déze Mondeo zou kunnen rijden. Hij is groot, heeft een ruime uitrusting en is snel. Op papier is het dus een danige concurrent, op de weg blijkt dat eens temeer. De auto is al goeddeels bekend bij ons, omdat hij nauw verwant is aan de Galaxy en de S-Max. Maar ook de recente Volvo’s S80 en V70 en zelfs de Freelander hebben onderdelen die met de Mondeo uitwisselbaar zijn. Ford is een meester in het inzetten van dezelfde motoren en wielophangingen voor verschillende modellen en ook veiligheidssystemen, airconditionings en allerhande ander grut vinden hun weg naar diverse modellen uit de brede Ford-stal.

‘Het klinkt vreemd, maar de Mondeo met vijfcilinder zal alleen zijn weg vinden naar directeuren van Ford-dealers en andere merkgerelateerde bobo’s’

De top-Mondeo heeft een vijfcilinder turbomotor van Volvo, de sterkste diesel is een 140 pk tweeliter. Er is keuze uit versnellingsbakken met vijf of zes versnellingen en er zijn drie verschillende carrosserievarianten leverbaar: sedan, hatchback en stationwagen. Welke koets de populairste wordt in Nederland? Tachtig procent koos in het verleden voor de stationwagen. Vandaar dat wij de pakezel van het stel maar kozen voor een kennismakingsrit. De stationwagen wint het wat ons betreft ook qua uiterlijk van die andere twee, bovendien is hij zeker met deze krachtige motor ook een stuk cooler dan de vier- en vijfdeurs versies. Maar dat geldt eigenlijk voor elke stationwagon.

 
De Mondeo is de eerste Ford die van wit papier tot productiemodel getekend is onder auspiciën van designchef Martin Smith. Hij lanceerde de term ‘Kinetic Design’. Nu is Smith een type dat dat soort poëtische kreten zelf niet gebruikt, dus de nieuwe lijnen moeten zichzelf uitleggen. Voortaan zullen alle Fords een trapeziumvormige ondergrille hebben, de koplampen lopen door tot aan de randen van de wielkasten. De schouderlijn is fors en wordt onderstreept door een scherpe vouw. De achterste zijruit heeft een knikje omhoog, de achterruit heeft een karakteristieke zeskantige vorm. Smith is kennelijk ook dol op glimmers, getuige de rand om de grille en het chroom op de achterlichten. De Mondeo is groot en maar liefst 100 kg zwaarder dan voorheen. Dat is de tol die je betaalt als je zo dicht naast een luxepaard van Volvo hebt gelegen. De dieselversie, die ik ook even probeerde, maakte de indruk wat sloom te zijn. De 2.0 TDCi heeft nu eenmaal een minder vlakke koppelkromme dan de directe concurrentie. Maar het zal niet zo lang meer duren voordat Ford de 2,2-liter diesel met dubbele turbo gaat leveren. Die is het wachten waard.
 
Maar goed, terug naar de benzine. De vijfcilinder turbo heeft geen enkele moeite met deze dikke auto, hoe vol je ‘m ook laadt. De klank van de motor laat zich nog het beste vergelijken met een syncopische jazzriedel. De turbodruk wordt mooi opgebouwd en is al snel voorhanden. Bovendien doet hij over het hele toerenbereik zijn uiterste best. Schakelen kan dus op elk gewenst moment. Maar let op: tijdens de kennismakingsrit in de heuvels van Sardinië resulteerde een stevige rijstijl in een brandstofverbruik dat al rap richting de één op vijf ging, terwijl één op elf volgens de officiële opgave minimaal haalbaar zou moeten zijn.
 
In het weggedrag zet de vergelijking met een luxueuze limousine door. Je waant je haast in een Jaguar, hij verslaat in ieder geval de meeste luxe Duitsers. De vering absorbeert niet alleen de grote gaten zoals putdeksels prima, ook kleine oneffenheden zoals kattenogen gaan onvoelbaar onder de auto door. Rijgeluiden hoor je ook bijna niet. Kortom, dit is de ideale auto om dagelijks van klant tot klant te rijden zonder helemaal opgebrand thuis te komen.
 
Maar als de auto supercomfortabel is en behoorlijk aan het gewicht, waar blijft dan het directe weggedrag waar de Mondeo altijd om geroemd werd? Helaas, maar waar, dat is er niet. Niet echt tenminste. Je moet flink aan het stuur sjorren om de auto een scherpe bocht in te dirigeren. Maar toch wordt duidelijk dat je Ford niet hoeft te leren hoe je een onderstel goed afstemt. Het weggedrag is heel voorspelbaar en de bewegingen van de koets blijven goed controleerbaar, zelfs als het wegdek in de bochten golft.

Als ik zeg dat het de optimale afstelling is voor de Mondeo, dan betekent dat dat de concurrentie nog niet eens in de buurt komt

Begint het einde van de grip in zicht te komen, dan krijg je tijdig een seintje over de stand van zaken. Zelfs als ESP is ingeschakeld kun je deze auto prima met het gaspedaal sturen. Het uitgebalanceerde rijgedrag maakt werkelijk indruk. De manier waarop comfort en precisie worden gecombineerd is heel bijzonder, geen oneffenheid of bocht lijkt hem te deren. Voor het eerst biedt Ford in de Mondeo verschillende onderstelopties aan. Je hebt de standaardinstelling en een sportconfiguratie met strakkere veren en dempers. De derde versie heeft standaardvering, maar met instelbare demperkarakteristiek. Ford bedacht hiervoor de kreet Integrated Vehicle Dynamics Control. Dit houdt in dat er op het dashboard drie toetsen zitten waarmee je uit de programma’s kunt kiezen: comfort, normaal en sport. Maar omdat in bochten automatisch de sportstand wordt gekozen, merk je alleen in de rechte lijn het verschil. De comfortstand maakt de Mondeo wat zweverig en de sportstand is weer net iets te stevig, dus aan het einde van het liedje kom je toch bij de normale instelling uit.

 
De testauto was voorzien van het sportonderstel aangevuld met optionele 18-inch velgen. In de rechte lijn is het een beetje een hobbelpaard, maar bij het insturen van de bochten merk je absoluut dat de stuurinrichting heeft gewonnen aan gevoel. Wellicht is het effect met 17-inch velgen optimaal. En als ik zeg dat het de optimale afstelling is voor de Mondeo, dan betekent dat dat de concurrentie nog niet eens in de buurt komt.
 
De kwaliteit is met sprongen vooruitgegaan. Het interieurontwerp is lang niet zo sober als bij zijn voorganger en alle toevoegingen zijn van kunststof dat goed, haast luxe aanvoelt. De deuren zijn afgewerkt met zachte materialen, een unicum voor Ford. Veel voorzieningen, inclusief de infotainmentapparatuur, zijn vanaf het stuurwiel te bedienen. Ondanks de zestien knopjes op het stuur, de claxon niet meegerekend, is de bediening toch eenvoudig, vooral als er ook nog eens een kleurenscherm in het instrumentenpaneel is ingebouwd. Wil je nog twee knopjes erbij, kies dan voor de radargestuurde cruise controle.
 
De voorstoelen zijn geweldig, achterin is er beenruimte genoeg. Kom daar maar eens om bij de 3-serie en zijn soortgenoten. In de laadruimte zou je met gemak een dressoir kunnen vervoeren. Gek genoeg zijn dakrails niet standaard. De overige uitrusting maakt een hoop goed. Al vanaf de Trend-uitvoering met 1.6 benzinemotor (voor 28.325 euro in de catalogus) zijn cruise controle, automatische airconditioning, ESP en zeven airbags, inclusief één onder de stuurkolom, standaard.
 
Dan een slimmigheidje. Een tankdop ontbreekt, als je het klepje opent kijk je zó in een vulgat met alleen een simpele afsluiter ervoor. De opening in de benzine-Mondeo’s is te klein in diameter voor een dieselvulpistool, bij een dieselversie is de afsluiter zo gemaakt dat het vulpistool waar benzine uitkomt, de afsluiter niet kan openen. De verkeerde brandstof tanken is dus zo goed als onmogelijk en bovendien hoef je nooit bang te zijn dat je je tankdop na het tanken op het dak van de auto laat liggen. Dat soort kleine details kunnen er voor zorgen dat je je prettig voelt in een auto. Maar met de Mondeo zal dat in ieder geval geen moeite kosten. Hij blinkt uit op heel veel punten.
 
Het klinkt vreemd, maar de Mondeo met vijfcilinder zal alleen zijn weg vinden naar directeuren van Ford-dealers en andere merkgerelateerde bobo’s. En autojournalisten natuurlijk. Ford zal toch wel weten dat deze motor het onderspit delft in de strijd met premium merken? Als je iets exclusiefs zoekt, koop je wel een BMW, Audi of Mercedes. En dat gaat niet alleen op voor nieuwe auto’s, maar ook voor occasions. Dus tweedehands zal de Mondeo met vijfpitter geen moer meer opbrengen. En dat betekent dat de luxe uitgeruste Titanium-versie ondanks dat hij in aanschaf 2.500 euro goedkoper is, per kilometer veel duurder is dan een BMW 320i Touring. Oh, oh. Wil je dus per se een Mondeo als deze, zorg er dan voor dat je baas betaalt.
 
Toch heeft Ford nu een goede gelegenheid om van zijn imago van prijskraker af te komen. Voorheen bouwde de Belgische Ford-fabriek alleen maar de Mondeo, dus als de vraag van de markt afnam, was het aanbieden van scherpgeprijsde actiemodellen de enige manier om toch de productie op volle toeren te laten draaien. Nu ook de S-Max en de Galaxy er van de band lopen, is die druk wat minder aanwezig. Maar we hebben deze theorie ook wel eens van andere volumemerken gehoord en de ervaring heeft geleerd dat dat niet altijd werkte. We houden even een slag om de arm met de Mondeo. De 1.6, 1.8 en misschien zelfs wel de 2.0 zullen er een zware dobber aan hebben om de Mondeo vlot van zijn plek te krijgen. Het zal dan ook niet voor niets zijn dat deze modellen niet voorhanden waren voor een proefrit. Los daarvan is er niets dan lof over de Mondeo. Zijn introductie is dan weliswaar geen wereldschokkend nieuws, hij verdient wel alle aandacht. Ford heeft de bouwkwaliteit een nieuwe dimensie gegeven. En dat brengt de nieuwe Mondeo in een nieuwe wereld.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken