Ford Mustang Shelby GT500

Door de opkomst van de EV wordt de benzinemotor met uitsterven bedreigd, en dus slaat Ford terug met een 770 pk sterke Mustang. Carroll Shelby zou gloeien van trots

Het was Le Mans waar Carroll Shelby in 1966 die historische zege voor Ford binnenhaalde, maar het is Las Vegas waar zijn merk, zijn erfenis, Shelby American, vandaag de dag is gevestigd. En het is, volkomen níét toevallig, de plek die Ford heeft gekozen voor de presentatie van de nieuwe Shelby GT500. Volgens Ford de snelste, best uitgebalanceerde Mustang – misschien zelfs beste musclecar – aller tijden. Maar ja, ze kunnen van alles beweren. We zijn hier om te testen of het allemaal wel klopt – op de weg, op het circuit en op de dragstrip.

Of liever gezegd: we hebben een deel al achter de rug. Het lukte ons om de auto eerder te krijgen, om ermee van Los Angeles naar het evenement te rijden, zodat we hem op een paar van onze favoriete en voor dit doel zeer geschikte stukken weg op z’n donder konden geven. In plaats van alleen maar snelwegen te kiezen en vijf uur lang van vertrekpunt tot aankomst door te zoeven, namen we een stevige omweg. Die begon met een lekker stuk snelweg, maar ging daarna de bergen in, tot aan de grens met Nevada. Heel wat beter.

In de meeste supercars, en in musclecars met jankende superchargers, blaffende uitlaten en bonkig rijgedrag, is Amboy onze eerste stop. Daar is weinig te zien, behalve een oud motel en een postkantoor. Een welkome onderbreking. Niet in de Ford Mustang Shelby GT500 met z’n 770 pk. Toen we uit de Grabber Green-kleurige auto stapten, voelden we ons nog net zo fit als toen we vertrokken, ruim twee uur daarvoor. Als hij de 60 liter inhoud van de benzinetank niet net zo gretig had opgeslorpt als een reiziger door de woestijn een vers getapt pilsje, dan waren we rustig nog een stuk doorgegaloppeerd. Met snelheden die buitensporig klinken, maar waar de Ford Mustang Shelby GT500 zijn schouders over ophaalt.

Het was allemaal indrukwekkend, maar tegelijkertijd ook verontrustend. Wij houden van rauwe en ongepolijste musclecars – steak tartare met een mok onversneden landwijn. Niet gladjes en comfortabel als een privévliegtuig – hoewel dat ook heel indrukwekkend kan zijn. Was de GT500 opeens beschaafd geworden? De vorige versie was zonder meer luidruchtig en opgewonden, en op een recht stuk supersnel, maar je moest voortdurend bijsturen om rampen te voorkomen. Het was zoiets als worstelen met een woeste beer – heel spannend, maar je verloor hoe dan ook.

Is deze nieuwe uitvoering naar het andere uiterste doorgeslagen? We hadden gehoopt dat hij een snellere, rauwere versie van de GT350 zou zijn. Maar op grond van onze ervaringen tot dusver viel te stellen dat dat niet het geval is. De oorverdovende soundtrack van de 350 met z’n 8.500 tpm, flat-plane krukas en verkwikkend schakelende handbak maakte plaats voor een supercharger die eerder klinkt als een dynamo en een niet-meer-naar-omkijken automatische zevenbak met dubbele koppeling – de eerste transmissie van die soort die ooit in een musclecar verscheen, trouwens.

Onze fotograaf, een zelfverklaard Mustang-adept, dacht overduidelijk hetzelfde als ik. Hmm, zeiden we, en in plaats van het over onze bange vermoedens te hebben, vervolgden we met de cartooneske Ford Mustang Shelby GT500 onze weg naar het volgende tankstation langs een met Joshua-bomen afgezoomde route die uit de boeken van Dr. Seuss afkomstig leek.

Om de stemming wat op te krikken, leek het ons een goed idee om een paar burnouts te doen. Altijd lekker, toch? Maar met de GT500 was dat niet zo simpel als het klonk. De versie voor modeljaar 2020 heeft zijn eigen menu aan elektronische track-apps, allemaal ontworpen om je het werk uit handen te nemen wat betreft het instellen van launch control, schakelmomenten, stuurkracht – en het bekende Line Lock. Stuk voor stuk geweldig, behalve dan die laatste, die in ons geval ondanks herhaalde pogingen dienst bleef weigeren. En toen we, zonder handmatig alternatief, de banden eindelijk aan het roken kregen – met behulp van wat onbeschrijflijke lompheid – was dat eerder reden tot opluchting dan tot feest. Onze bedenkingen namen nog weer een graadje toe.

De zon boven de bergen die ons en enkele enorme, Blade Runner-achtige zonne-energieparken omringden, begon op te lossen in een felle paarse gloed. We gingen de grens naar Nevada over, op weg naar de befaamde Las Vegas Strip. Het enige dat we tot dan toe konden vaststellen, was dat hij de betiteling GT meer eer aandoet dan welke Mustang uit het verleden dan ook. Maar we gingen slapen met de hoop meer – véél meer – uit deze auto te krijgen. We wilden prestaties, gepassioneerde, zinderende, stars-and-stripes getinte en nietsontziende prestaties.

Als we de volgende ochtend op de Las Vegas Motor Speedway aankomen in de Ford Mustang Shelby GT500, cirkelen er clusters subsonische F16’s, A-10’s en F22’s boven ons. Een van de mensen van Ford vraagt wat we tot nu toe van de GT500 vinden. ‘Eh, nou ja…’ zeg ik, terwijl ik naar woorden zoek om de wat al te serene, ontspannende rit van de dag ervoor te beschrijven. ‘Goed. Misschien wat al te goed? We vragen ons een beetje af wat ie nou precies wil zijn. Want het is niet zomaar een grotere GT350. Hij is niet zo overrompelend als die auto, toch?’

Hij glimlacht vriendelijk. ‘Nee? Wacht maar tot je ermee op het circuit hebt gereden’, zegt hij. Op basis van de ervaringen van de vorige dag verwachtten we dat hij een loggere versie zou zijn van zijn natuurlijk aangezogen broertje, en met meer onderstuur/overstuur. Maar in de eerste bocht van de eerste ronde vindt er een onvoorstelbare transformatie plaats. De grote, ruim 1.800 kilo wegende auto, die de volgende dag zo stilletjes over de snelweg had gezoefd, is een hitsige hengst met bloeddoorlopen ogen geworden.

‘Wij willen onze musclecars rauw en ongepolijst’

Ik hoop hem tot over het randje te krijgen, maar dat lukt bij lange na niet. De grip van de voorwielen gaat niet over in onderstuur, en de achterkant is op geen enkele manier van de wijs te brengen. En dus trap ik het gaspedaal en de rem steeds dieper in, en nog altijd gebeurt er niets. Maar opeens, terwijl de toerenteller naar het rode streepje van de 7.500 tpm klimt, de Tremec-zevenbak met 80 milliseconden per klik razendsnel opschakelt en alle onderstelsystemen net zo hard werken als de F22’s boven ons, ben ik in de sportauto­hemel. Dit is nou precies wat we willen. Waanzinnige hoeveelheden snelheid, waarbij de inmiddels op temperatuur gekomen Michelin Cup 2’s en de remmen, die net zo groot zijn als de wielen van de allereerste GT500 uit 1967, alles in de hand houden.

We hadden er geen voorstelling van gehad hoe snel en beheerst – maar ook onstuimig – deze auto kon zijn. Maar we hebben als het ware nog maar net de verpakking van dit cadeau weten te peuteren, en er is geen tijd om alles te ontdekken. Om de Ford Mustang Shelby GT500 op het circuit tot het uiterste te dwingen, rijden we daarom een paar rondjes met Steve Thompson, ingenieur voertuigdynamica van Ford Performance. We dachten dat wíj de auto mishandeld hadden, maar Steve laat de auto dingen doen – dingen waarvan hij weet dat GT500 ertoe in staat is, omdat hij hem gemaakt en getest heeft – die geen weldenkend mens van een auto met deze afmetingen en dit gewicht zou vragen.

‘Onder de indruk’ is niet de goede omschrijving. ‘Verbijsterd’ komt meer in de buurt. Toen ik in de Chevrolet ZL1 1LE reed, dacht ik dat ie onverslaanbaar was. Maar de eerste indruk is dat de GT500 hem volkomen in de schaduw stelt. En ik stel ook vast dat de Ford Mustang Shelby GT500 op niet-aero-gevoelige circuits waarschijnlijk net zo fantastisch zou zijn als de heilig verklaarde Viper ACR. Maar wat pas écht indrukwekkend is, is dat hij dit allemaal kan en daarna lekker naar huis – of naar de andere kant van het land – kan cruisen, terwijl het binnenin zo stil is als in een verlaten zwembad en zo comfortabel als een lounge.

Er is wat onvervalste mechanische en elektronische magie nodig om het allemaal te laten gebeuren, maar het werkt. En niet alleen maar op de weg en het circuit, maar ook op de dragstrip, de spirituele thuishaven van de Ford Mustang Shelby GT500. Draai dezelfde knop waarmee de auto van cruiser in crusher verandert naar de Dragstrip-stand, en de GT500 ondergaat de volgende gedaanteverwisseling. De schokbrekers op de achteras zakken ietwat door voor extra grip en een betere overbrenging van het vermogen, en op een schermpje verschijnen alle relevante drag-instrumenten. Met inbegrip van het eerder nog zo problematische Line Lock.

Terwijl ik, in aanwezigheid van de persoon die het systeem heeft ontworpen, het activeringsproces doorloop, komen we tot de kern van het probleem: operator error. Dat je het weet: als er staat dat je de OK-knop in moet drukken en daarna ingedrukt moet houden om het systeem te activeren, dan moet je hem daarna weer loslaten en opnieuw indrukken om de voorwielen te locken. Wanneer je dat eenmaal doorhebt, is het kinderspel. Zo eenvoudig dat we besluiten nog een paar burnouts te doen. Een van de door de GT veroorzaakte rookwolken is zo groot dat ze op het nabijgelegen militaire vliegveld zouden kunnen denken dat ze een van hun bommen kwijt zijn.

‘Ik dacht dat ik hem over het randje kon krijgen, maar dat lukt bij lange na niet’

En waar rook is, is vuur. De grote Ford Mustang Shelby GT500 komt, als je wilt, met een noodgang van zijn plek: 0 naar 100 km/u in krap drie seconden, de kwart mijl in minder dan 11 seconden. Wat voor iedere auto zeer respectabel zou zijn. Maar in geval van een musclecar van zo’n 75.000 dollar? Simpelweg krankzinnig snel.

Wat prijs betreft zijn er drie niveaus. Het basismodel kost 73.995 dollar, en als je de andere twee uitvoeringen niet zou kennen, zou je daarmee al in de zevende hemel zijn. Dan heb je nog de Handling Pack-editie, voor 1.500 dollar extra. Daarvoor krijg je wat aero-foefjes, zoals een los monteerbare Gurney-flap, en een oliereservoir. En dan heb je nog het Carbon Fiber Track Pack, met een vanafprijs van 92.495 dollar. Daarbij krijg je een hoop lucht in plaats van een achterbank, een vleugel van koolstofvezel en de eigenlijk onmisbare koolstofvezel velgen voorzien van Michelin Cup 2’s. Recaro-stoelen en instelbare veerpoten maken het compleet.

Maar daar houden de prijzen van de nieuwe Ford Mustang Shelby GT500 nog lang niet op. Wees op je hoede voor de verleidingen van allerlei extra’s. Wat dacht je van een gespoten in plaats van geplakte racestreep? De eerste kost 10.000 dollar, de tweede 1.000 dollar. En dan heb je nog het technologiepakket van 3.000 dollar, wat we je echt aanraden. En nog allerlei andere, door de dealer te monteren items. Zoals tuningonderdelen van Shelby American. Voor je te enthousiast wordt: je zult er uiteraard wel voor naar Amerika moeten emigreren, want in Nederland kun je dankzij onze ‘braafste jongetje van de klas’-milieubelastingen achter de nieuwprijs van deze auto haast een 0 plakken. Kansloos, dus.

Ford en Shelby zeggen beide dat ze dolblij zijn met de onderlinge samenwerking, die ze graag langdurig willen voortzetten. Volgens Ford zorgt de naam Shelby nog steeds voor extra verkoop. Volgens Shelby verkoopt Ford nog altijd tuningonderdelen van Shelby. Dat klinkt uitermate win-win, en Carroll Shelby, de enige persoon in de geschiedenis die als coureur en als constructeur Le Mans won, zou het goedkeuren. En dat zou ie ook doen met de nieuwe GT500 – de nieuwe koning onder de musclecars – die niet alleen trots zijn naam draagt, maar ook zijn passie en gevoel voor race-innovatie in zijn DNA heeft.

Specificaties

Specificaties Ford Mustang Shelby GT500 (2020)

Prijs:
$ 92.495 (VS)

Motor:
5.2 V8, 770 pk,
850 Nm, RWD

Prestaties:
0-100 km/u in 3,0 s,
290 km/u

Gewicht:
1.800 kg

Reacties

Geef een reactie

(verplicht)

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws