Autotest: Hyundai Veloster 1.6 GDI i-Catcher 6-bak

Hyundai verandert langzaam van een schichtig boekenwurmpje in een losbandig feestmeisje, met de nieuwe Veloster als weinig verhullende bikini.
 
Als automerk in opkomst moet je wel af en toe met iets bijzonders komen. Anders denkt iedereen straks dat je als een of andere Idols-winnaar steeds maar hetzelfde uitgekauwde riedeltje ophoest, tot je op een goed moment wordt opgeslokt door de wijd uitgestrekte zee van middelmatigheid en er niemand meer naar je omkijkt. Dan maakt het niet meer uit wat je ineens voor mooie kunststukjes uithaalt. Vraag maar aan Opel.
 
Hyundai doet er dus goed aan om gewoon keihard een mal model als deze Veloster in hun showrooms te deponeren. Hoppa, die aandacht hebben ze. Eén deur links, twee rechts. Een dak dat afloopt tot aan je heup. Een rare naam die een samenraapsel moet zijn van de woorden ‘velocity’ (snelheid) en ‘roadster’.
 
Toen de Veloster conceptcar in 2007 in Seoul werd getoond, riepen wij: die komt er nooit. Normaal gezien hadden we gelijk gehad, maar Hyundai deed gewoon wat ieder automerk eigenlijk zou moeten doen: een gewaagd concept in productie nemen als de reacties enthousiast zijn. Goed, hij is niet precies hetzelfde gebleven. Hij heeft wat meer glas, een iets praktischer achtersteven, en ze hebben er nog wat recente invloeden van andere merken in weten te proppen (we spotten een vleugje Citroën en een toefje Renault). Toch heeft Hyundai al met al een auto neergezet die je op de wegen van 2011 met niets anders zult verwarren. Een dikke pluim.
 
Natuurlijk kun je met zo’n glad, laag silhouet niet verwachten dat het ding even praktisch is als een normale hatchback. Dus mag het geen verrassing heten dat je achterin niet kunt zitten, tenzij je een pre-puber bent of een rug hebt als een banaan. Voorin wrijf je met je kruin tegen het plafond als je langer dan 1,85 meter bent, al komt dat ook door de vrij hoge zitpositie (kan die stoel niet lager?) en doordat ons exemplaar met een ruimtevretend glazen schuifdak was uitgerust. In de kofferbak kun je wel aardig wat kwijt, maar de tildrempel is hoog. Zit een van deze problemen je heel erg dwars, dan koop je maar een Toyota Auris. Zo.
 
Nog even over die deuren trouwens. Daar zit wel degelijk een idee achter. Omdat er achterin toch alleen onvolgroeide personen kunnen zitten, en deze meestal aan de veilige stoepkant moeten uitstappen, is er eigenlijk geen deur aan de linkerkant nodig. Dus mag de bestuurder genieten van een coupé-achtige aanblik wanneer hij op de auto afloopt, en een ruime instap (want een langere deur) wanneer hij erin gaat zitten. We moeten zeggen: ze hebben wel een punt, die Koreanen. Overigens is die derde deur niet zo’n geval dat naar achter scharniert en alleen werkt als je eerst de voordeur openmaakt, zoals bij de Mini Clubman. Het is gewoon een volwaardig portier.
 
Niet alleen wij vinden dat de Veloster er poepietof uitziet, met z’n bijzondere vorm en z’n dikke 18-inch velgen met kleuraccentjes. Nee, dat vindt letterlijk iedereen die we op de weg passeren. Bejaarden verdraaien hun nek, kinderen vallen van hun fiets. Audi A3-rijders bij tankstations spreken ons vol bewondering aan. ‘Ja, dit is de nieuwe Hyundai.’ We merken dat we het inmiddels zonder schaamte zeggen.
 
‘Hyundai is een van de weinige merken waarbij we op dit moment bij elk nieuw model denken: ja, jullie zijn alweer vooruit gegaan’
 
Neemt een ongelovige plaats in het interieur, dan kijkt hij of zij steevast de ogen uit. Niet alleen is het geheel lekker futuristisch, de kwaliteit staat alweer op een hoger niveau dan voorheen. Hier en daar zijn best nog harde plastics te vinden, maar alles steekt wel feilloos in elkaar. Dat is belangrijk, want dit is een sportief autootje met bijpassende vering en demping. Als er iets niet goed zat, zou het al snel gaan rammelen. Er rammelt helemaal niets aan de Veloster, ook niet na lange tijd stuiteren over belabberd wegdek. Misschien dat dat na tienduizenden kilometers anders is, maar dan heb je altijd die genereuze vijf jaar garantie nog.
 
In de bochten zal de Veloster het moeilijk hebben tegen andere eigenwijze coupé-achtigen, zoals de Volkswagen Scirocco en de Peugeot RCZ, maar dat zijn dan ook bijzonder fijn sturende machines. Het weggedrag van de Hyundai is oké, maar de besturing is nogal licht en gevoelloos. De niet al te kleverige Hankook-banden op ons testexemplaar helpen ook niet mee; bij snelle, korte bochten merken we dat het onderstel méér kan hebben terwijl de neus van de auto al rechtdoor begint te schuiven.
 
De 1,6-liter benzinemotor, op dit moment de enige waarmee de Veloster verkrijgbaar is, vuurt 140 pk op de voorwielen af. Dat maakt dat de auto prettig met het verkeer meekomt, maar nooit echt over iets extra’s beschikt als je daar eens behoefte aan hebt. Je kunt ‘m wel in de toeren jagen, maar de kick die je in zo’n vlot ogend karretje verwacht, komt niet. Verder gaat er nauwelijks een remmende werking van de motor uit, waardoor terugschakelen als je een heuvel af rijdt of uitrolt tot een rotonde eigenlijk nutteloos is. Gelukkig staat er voor volgend jaar een 1.6 turbomotor met 210 pk op het programma, waarmee de Veloster hopelijk de levendigheid krijgt die hij verdient. Ook is er een automaat met dubbele koppeling als optie verkrijgbaar, naast de licht schakelende zesbak die wij reden.
 
Het uitrustingsniveau met de naam i-Catcher (in België Style Cool & Techno genaamd) staat bij Hyundai voor ‘alles erop en eraan’. En dan bedoelen we ook echt dat er niets meer bij kan. Automatische airco, leer, een elektrische bestuurdersstoel, keyless go, een loeiend luid audiosysteem met telefoon en mp3 via Bluetooth, een achteruitrijdcamera, en een navigatiesysteem met touchscreen dat tot de beste en meest prettig werkende van het moment behoort. We kunnen nog wel even doorgaan. Vreemd genoeg heeft geen enkele Veloster een regensensor, maar verder kom je werkelijk niets tekort in de topuitvoering. De prijs hiervoor ga je nooit raden: in Nederland heb je ‘m voor 29.995 euro (27.749 euro in België). Dat is nauwelijks meer dan Volkswagen wil hebben voor een Scirocco met houten vouwstoelen en kippengaas in plaats van ramen. Een basis-Veloster kost overigens slechts 23.995 euro (21.499 euro in België).
 
Hyundai is een van de weinige merken, samen met zusje Kia, waarbij we op dit moment bij elk nieuw model denken: ja, jullie zijn alweer vooruit gegaan. Dan hebben we het niet alleen over afwerking of rijeigenschappen. Dit merk heeft in korte tijd een geheel eigen identiteit ontwikkeld, waarmee het zich heeft opgewerkt van een vergeten mottenbal tot een verfrissende emmer water in het gezicht van iedereen die nog steeds denkt dat aantrekkelijke auto’s alleen uit Duitsland komen.
 
De Veloster is een case in point: hij is leuk, bijzonder en betaalbaar, en hij rijdt niet verkeerd. Wacht op de turbo die volgend jaar komt; we gokken dat je dan écht verbaasd zult zijn.
 
 
13
20
Specificaties

Specificaties: 1.6 GDI i-Catcher 6-bak

 
Leuk
Guitig, fris en origineel
 
Niet leuk
Hoge stoel + lage daklijn = weinig hoofdruimte
 
TopGear-vonnis
Uniek ding, zo lusten we er wel meer. Met een sterkere motor wordt het straks echt een feestje
 
Prestaties
0-100 km/u in 9,8 sec., top 201 km/u, 5,6 l/100 km
 
Techniek
1.591 cc viercilinder, voorwielaandrijving, 140 pk, 167 Nm, 1.160 kg, 132 g/km CO2
 
Doen!
Een felle kleur, zoals oranje of limoengroen
 
Niet doen
Een basisuitvoering nemen, die optiepakketten kosten niks
 
Prijs NL € 29.995
Prijs BE € 27.749

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken