Autotest: Opel GT 2.0 Turbo

 Terug in de tijd, want nostalgie is ook niet meer wat het geweest is. Dus moeten we met Opel elke gelegenheid aangrijpen om daar waar mogelijk er met volle teugen van te genieten. Niemand minder dan levende legende Bob Lutz – reeds in de jaren ’60 en nu weer verantwoordelijk bij GM – gaf toen en nu groen licht voor de bouw van de Opel GT. In 1965 staat er voor het eerst een GT op de autosalon van Frankfurt. Het is nog niet de gedroomde roadster, maar een gesloten coupéversie. Maar het is dus wel de beoogde tweezitter.
Natuurlijk trekt Opel alle registers open om onze nostalgische gevoelens nieuw leven in te blazen, dus mag het verzamelde journaille een kort, maar niet minder heftig ritje maken in een twintigtal onberispelijke Opel GT’s uit die goede oude tijden. En dan moeten we onszelf meteen rectificeren: de (Amerikaanse) GT’s zijn volgens Amerikaanse traditie inderdaad in onberispelijke staat, wat wil zeggen dat er uiterlijk niets aan mankeert. Hoewel je natuurlijk van smaak kunt verschillen, bijvoorbeeld met de smaak van het welwillende clublid dat het door hem uitgeleende exemplaar van Ford GT- of Mustang-achtige striping had voorzien. Maar de techniek van de GT’s was iets minder onberispelijk en we krijgen niet de indruk dat de eigenaren alle zondagen sleutelend doorbrengen. Of misschien juist wel, al is het dan blijkbaar met een angstaanjagend gebrek aan technisch inzicht. Feit is dat ons ritje van een kwartier zich voltrekt in een kakofonie van rammelend metaal, een zagende transmissie en een jankende bak. Dat je voor het intrappen van de koppeling veel meer uren in de sportschool moet doorbrengen, ligt voor een deel aan mij, maar toch zeker ook aan de GT.
Een dikke honderdduizend exemplaren rolden uiteindelijk in een periode van vijf jaar (van ’68 tot ’73) van de band. Bijna 70 % van die geproduceerde exemplaren werd op de Amerikaanse thuismarkt verkocht. De Opel GT werd (en wordt trouwens ook nu weer) in Amerika geproduceerd. Toen op het platform van een Kadett, nu op een nieuw, verlijmd en dus uitermate stijf chassis. Bijzonder aan laatstgenoemde chassis is het onder waterdruk gevormde frame, een techniek die de GT deelt met de Corvette. En dat is goed nieuws natuurlijk, want met dat platform van de Kadett bleef een open versie van de GT een illusie: een cabrio kwam er slechts in een de vorm van een conceptmodel eind jaren ‘60. En nu dus in 2007.
Voordat we een rondje gaan rijden, is het misschien nog even goed om stil te staan bij de wederopstanding van de GT. Opel wil natuurlijk graag het modellengamma verrijken met auto’s die nóg meer sex-appeal hebben dan de Meriva en de Agila. Dat lukt behoorlijk met de OPC-modellen, maar nu GM-dochters Pontiac en Saturn respectievelijk de Solstice en Sky hadden bedacht, leek het Opel handig om een graantje mee te pikken. Saturn is eigenlijk de vlag die de Amerikaanse lading van Opel dekt en de Sky lijkt dan ook als twee druppels water op de GT.
En daar is helemaal niets mis mee, want de Opel GT ziet er geweldig uit. Goddank geen simpel retro-gedoe om het legendarische ‘Coca-Cola-design’ weer uit de kast te halen (en dan doelen we op het karakteristieke flesje waar die oer-GT gelijkenis mee vertoonde), maar gewoon tijdloos design. Wat zijn uiterlijk betreft heeft de Opel GT alles in zich om wederom het stijl-icoon te worden dat zijn voorganger was. Maar die oude GT was meer dan een fraai uiterlijk. Kan de nieuwe GT ons ook bekoren met prettige eigenschappen?
De GT krijgt een behoorlijk geavanceerde motor mee die uit een bescheiden inhoud van twee liter een behoorlijk onbescheiden vermogen peurt van 264 pk en – best wel verrassend voor een turbo met zoveel vermogen – ook nog een vrolijke 353 newtonmeters aan koppel. Vergelijk dat maar eens (en nooit weer!) met de versie uit de jaren ’60: die haalde uit een ongeblazen 1,9-liter blok 103 pk – nog niet eens de helft van de paardenkrachten dus. En denk niet dat die oude GT maar de helft woog. De nieuwe heeft een uitstekend weggedrag en exacte besturing. Vanaf nu vergeten we dus die GT uit de vorige eeuw. Auto’s zijn er in een dikke veertig jaar enorm op vooruitgegaan, zoveel is duidelijk als je na een oorverdovend kwartier bent overgestapt. Maar veel is hetzelfde gebleven, maar daarover straks meer. Nu eerst even maren.
De Opel GT valt namelijk tegen. Misschien is het net als de afspraak die je maakt met je nieuwe vlam. Vorige week vrijdag was je in de zevende hemel toen je haar zag en met haar danste. Maar vanavond zit je met haar aan tafel en je bent zelf al ernstig door je conversatie heen. En dus begint zij het hoogste woord te voeren, hetgeen jou in de gelegenheid stelt af te dalen van je zevende hemel-wolk. Ze geeft zelf hoog op van haar weggedrag, met een tweetraps stabiliteitsprogramma. ‘Best goed’, denk je over haar schouder kijkend, ‘maar om daar nou over op te scheppen’. En dan begint ze vervolgens te vertellen dat ze eigenlijk helemaal niet sportief is en liever op haar gemak een beetje rondslentert.
Het wordt een lange zit als je je realiseert wat je het meeste begint tegen te staan. Ze heeft een accent dat je irriteert, maar dat je pas later op de avond ook kunt thuisbrengen. Een Amerikaans accent. En dat betekent dat er zo het een en ander een beetje scheef zit, dat ze niet echt kieskeurig is in de materiaalkeuze van haar kleding en dat je haar ook hoort slissen. Concreet: keihard plastic in het dashboard, deuren en achterklep sluiten alleen als je ze met het nodige geweld dichtgooit, tussen 1.500 en 2.000 tpm hoor je haar reutelen (injectoren van directe benzine-inspuiting). Voeg daarbij zaken die je haar niet kunt aanwrijven omdat ze Amerikaans is, maar die wel ergerlijk zijn: het windgeruis is overdonderend, ruimte voor kleine spulletjes ontbreekt in het geheel (zelfs voor een tolbiljet is geen ruimte) en de kofferbak heeft hilarische proporties.
De Opel GT anno 2007 doet in veel opzichten denken aan zijn oerversie. Het is een sportief ogend tweezittertje dat enorme indruk maakt met zijn uiterlijk, maar een beetje teleurstelt door zijn weinig geciviliseerde karakter. Inderdaad is en was het een baby-Corvette: ze danst geweldig en smoelt goed.

Vanaf maart staat de GT in de Nederlandse showrooms. Ga vooral kijken, zouden we zeggen. Bijvoorbeeld als je met Pasen naar de autoboulevard gaat. Vergaap je aan het uiterlijk, maar maak wel een proefrit en kijk of je een plekje voor je gsm kunt vinden. Kijk of je het handbediende kapje prettig vindt in het gebruik. En rijd in geval van twijfel door naar Mazda, want daar staat een MX-5 die uitstekend rijdt (fijner zelfs dan de GT), uitstekend is afgewerkt én je kunt kiezen uit een stoffen kap of stalen wegklapdak.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws