Autotest: Peugeot 3008 1.6 HDiF 16V 110 GT

Dit is typisch zo’n auto die is ontworpen voor dat de crisis toesloeg. Anders was-ie er nooit gekomen.
 
De crisis zal ertoe leiden dat autofabrikanten kritischer kijken naar hun nieuw uit te brengen modellen. Althans, dat hopen we van harte. Ze roepen allemaal wel dat er testpanels zijn van ‘gewone burgers’ om de binnenkant te bevoelen, de buitenkant te beoordelen en het rijgedrag te ondervinden, maar wij hebben nog nooit iemand gesproken die dat heeft gedaan. Als dat soort onafhankelijke testers al bestaat, dan hadden ze Peugeot zeker uitgelachen met de 3008. Want hij ziet er niet uit.
 
Natuurlijk, we brengen het altijd geldende cliché direct naar voren: over smaak valt niet te twisten. Nou, ten aanzien van de 3008 wél. Het is net alsof iemand bij Peugeot een ballon van een 308 vond, er een longinhoud extra lucht in blies – gewoon voor de grap – waarop een niet uitgeslapen manager riep: ‘Hé, die moeten we gaan maken!’ Niks peer groups, marktonderzoek en zulke zaken meer, gewoon het aloude adagium der autofabrikanten: wij maken, u koopt. De gedrongen en best dynamische vorm van de 308 is compleet om zeep geholpen door een bonkig, aseksueel geval dat niet weet of-ie nou busje moet zijn, MPV of SUV. Wij vrezen: jullie maken, niemand kopen. Daar blijft de wereld trouwens ook wat mooier bij.
 
Ha, denk je, dat wordt weer zo’n modelletje waarop een Top Gear-redacteur lekker z’n frustraties kwijt kan, een model dat als vanouds wordt afgezeken. Niets is minder waar. We raakten juist een beetje verward door die 3008 en wel om drie zaken: de buitenkant, de binnenkant en het rijgedrag.
 
Over dat eerste zijn we duidelijk genoeg geweest toch? Dan de binnenkant. De afwerking van Peugeots is de laatste jaren op een veel hoger niveau komen te staan. Het meest schokkende voorbeeld – in uiterst positieve zin dan – is de 308 CC, die van binnen echt bijzonder fraai is. Onlangs vertoefden we in een exemplaar met bruin leer binnenin, nou: je waant je in een limousine, zo luxe. De 3008 is natuurlijk wat volkser aangekleed dan die flaneer-308, maar evengoed ziet het er binnenin bijzonder goed uit. Wij reden weliswaar de duurste uitvoering (GT) met alle denkbare poespas, maar zelfs de basisversie (SR) heeft al een leren stuur (en standaard esp, airco en hill start assist voor minder vaardige rijders). De tuimelschakelaars op het dashboard zijn heel kek en de vorm van de cockpit is een beetje om de bestuurder heen gevouwen, zoals dat in de Audi R8 (!) ook het geval is, met een handgreep voor de bijrijder als accentuering daarvan naast het middenconsole. Een extra handigheid. Daar bovenop heeft de GT-versie nog wat chromen randjes hier en daar. Wat een verademing, en niet eens alleen ten opzichte van die buitenkant.
 
Verder heeft onze versie een prima navigatiesysteem met alles erop en eraan, klimaatcontrole, een goede radio/cd-speler (upgrade naar een heerlijk JBL-systeem kost slechts 700 euro extra), parkeerpiepjes en een heus head-up display. Als je wilt, tover je voor je neus, bovenop het dashboard, een plexiglas plaatje tevoorschijn waarop je je snelheid kunt aflezen en gegevens van een al dan niet ingestelde snelheidsregelaar of -begrenzer. Binnen tien minuten kijk je alleen nog maar daarop, en niet meer op de traditionele meters eronder – zo makkelijk is het.
 
Nee, het is eigenlijk nóg makkelijker: in de 3008 is alles keurig afgewerkt, het is ruim en je voelt je prettig achter het stuur. Qua originaliteit en flair laat Peugeot op het gebied van interieur beoogde concurrenten als de Nissan Qashqai en Volkswagen Golf Plus met gemak achter zich, de kwaliteit van de gebruikte materialen is uitstekend voor deze klasse.
 
Maar… we troffen ook distant alert-knopjes aan op het dashboard, normaal gesproken een handige veiligheidsgimmick. In de Peugeot niet. We kennen dergelijke systemen van andere fabrikanten en het werkt overal nagenoeg hetzelfde: als je niet zit op te letten en je dreigt ergens tegenaan te botsen, dan klinken er harde piepsignalen, een fractie later spannen de gordels zich strak en weer een fractie later – als je dan nog niet snapt dat je even moet remmen – begint de auto automatisch te remmen. Gewoon handig, het overkomt ons allemaal wel eens dat we even met onze aandacht ergens anders zijn. We noemen een binnenkomend sms’je, bijvoorbeeld. Bij Peugeot is het systeem nagenoeg nutteloos, want hij piept alleen. Peugeot vindt dat de bestuurder te allen tijde in control moet zijn en verantwoordelijk is – goh, een waarschuwingspiep geven vindt men voldoende. Misschien moeten ze wat minder vínden.
 
Met een dualistisch gevoel beginnen we de testrit zelf: eigenlijk willen we liever niet gezien worden in een 3008 – al zijn we voor het testen helemaal in Kroatië, maar van het binnenste worden we blij, daar kunnen andere merken een voorbeeld aan nemen. Wij reden een 1.6 HDiF, een B-label diesel met 110 pk en geloof het of niet: die rijdt goed! Dat hadden we niet verwacht van een hoge auto als deze. Je zou ook verwachten dat een, we nemen het woord toch maar in de mond, cross-over met deze vormen vierwielaangedreven zou zijn, maar dat is niet zo. Sterker: er is helemaal geen vierwielaandrijving leverbaar. Later misschien, als er een hybride komt. Aandrijving op de voorwielen dus, en geholpen door een dynamic rolling control-systeem. (Wij verzinnen die termen niet.)
 
Dat systeem zit standaard op de duurdere 3008’s, dus ook op de GT-versie, en doet niets meer en minder dan het overhellen van de carrosserie beteugelen. En goed ook. Zo lullig als het ontwerp er uitziet, zo dynamisch is het rijkarakter, zelfs met een 110-pk sterke diesel. Toch niet de eerste motor waaraan je denkt als een auto dynamisch wordt genoemd. Hij stuurt prettig en scherp, niet te direct en zeker niet te vaag. Hij ligt rotsvast op de weg en je moet echt heel, heel erg je best doen om de banden te laten piepen bij snelgenomen bochten. Altijd een beetje een graadmeter voor je gevoel van grip.
 
Over grip gesproken: je krijgt dan wel geen vierwielaandrijving, het feit dat het ding zo hoog op z’n poten staat, suggereert dat je er off-road mee kunt. Optioneel kun je het grip control-systeem bestellen waarmee je een draaiknop krijgt zoals in een Range Rover: je stelt in dat je op zand rijdt en de auto past zich daaraan aan. Of sneeuw. Of rotsen. Een kudde geiten. Wat een onzin. Het kost tussen de 600 en 1.200 euro, afhankelijk van de gekozen uitvoering, en je zult er vast nèt even wat meer grip van krijgen als je door een besneeuwd weiland probeert te ploegen. Maar wie doet dat in een 3008? Niemand. Houd dat geld in je zak, of zet het om in iets nuttigs. Banden met noppen bijvoorbeeld.
 
Snap je inmiddels waarom we een beetje verward zijn? Je hebt bij dit soort modellen een bepaald verwachtingspatroon over het rijgedrag, en Peugeot overtreft dat ruimschoots. Terwijl het uiterlijk doet vermoeden dat het rijgedrag net zo zal zijn als het uiterlijk. Raar hè?
 
Peugeot heeft het dus eigenlijk bijna helemaal in de vingers: pas de stijl en de kwaliteit van dit interieur in elk model toe en ze spelen op dat gebied mee in de bovenste regionen. Pas op elk model de combinatie van een goed, redelijk sportief en vooral comfortabel onderstel en fijne besturing toe, in deze juiste balans, en ook het rijgedrag bereikt een hoog niveau. Alleen met een ontwerp zoals het uiterlijk van de 3008 kom je niet ver. Peugeot moet gewoon frisse joie de vivre-auto’s maken – en dat kunnen ze best – maar geen bejaarde koekblikken als dit.

Het nieuwste van TopGear

Autonieuws

TopGear Nederland

Automerken